of 59162 LinkedIn

Vennootschapsbelastingplicht van overheidslichamen

Vennootschapsbelastingplicht van overheidslichamen. De openingsbalanswaardering van het grondbedrijf.
Deloitte Reageer

Onlangs is een bericht gepubliceerd op de website van de VNG over een afspraak die gemeente Oosterhout heeft gemaakt over de openingsbalanswaardering van haar grondbedrijf. Naar aanleiding van dit nieuwsbericht heeft de Belastingdienst ook een aantal andere gemeenten geïnformeerd over de mogelijkheid in dit kader afspraken te maken. In deze update gaan wij hierop nader inhoudelijk in.

Aanleiding

Zoals bekend, is de vennootschapsbelastingplicht van overheidslichamen met ingang van 2016 gewijzigd. Vanaf dit moment zijn publiekrechtelijke rechtspersonen vpb-plichtig, voor zover zij een onderneming in fiscale zin drijven. Indien een gemeentelijk grondbedrijf een onderneming in fiscale zin vormt, dient de gemeente daarvoor aangifte vpb te doen. In deze aangifte moet de jaarlijkse balanswaardering van de grondposities worden opgenomen en de fiscale winst worden bepaald. 


Onderneming in fiscale zin

Voor de beoordeling of sprake is van een onderneming in fiscale zin, zal met name de beoordeling van het fiscale winststreven relevant zijn. Op 11 september 2015 is de zogeheten QuickScan (hierna: ‘QS’) gepubliceerd door de SVLO. Vervolgens is op 16 juni 2017 de zogeheten Post QuickScan (hierna: ‘PQS’) gepubliceerd. De QS en de PQS zijn praktische methodieken om te bepalen of grondbedrijven een fiscaal winstoogmerk hebben.

Voor meer informatie verwijzen wij naar de eerdere publicaties van de SVLO over de QS en de PQS.


Openingsbalanswaardering

Indien sprake is van een fiscale onderneming, dient vervolgens allereerst de fiscale openingsbalanswaardering te worden bepaald. In de ‘Handreiking vennootschapsbelasting en het gemeentelijk grondbedrijf’ (hierna: ‘de Handreiking’) heeft de SVLO een kader geschetst op basis waarvan de fiscale openingsbalans kan worden bepaald.

 

Op basis van de tekst van de Handreiking resteert echter een aantal onduidelijkheden. De gemeente Oosterhout heeft in haar pilotoverleg deze onduidelijkheden besproken met de Belastingdienst. Dit heeft voor de gemeente uiteindelijk geleid tot het sluiten van een vaststellingsovereenkomst (hierna: ‘VSO’).

 

De Belastingdienst heeft in dit kader aangegeven dat ook andere gemeenten een VSO kunnen sluiten om zekerheid te krijgen over de fiscale openingsbalanswaardering van het grondbedrijf.

Op basis van de door de Belastingdienst te verstrekken “standaard VSO” tekst, zijn de belangrijkste onderdelen van een te sluiten VSO de volgende.

 

Bepalen fiscale openingsbalans

De fiscale openingsbalans van de per 1-1-2016 bestaande GREX-en die tot het fiscale ondernemingsvermogen horen, wordt bepaald op basis van de in de Handreiking omschreven DCF-methodiek, waarbij de volgende uitgangspunten / parameters worden gehanteerd:

 

  1. De BBV-kasstromen gelden als uitgangspunt voor de DCF-berekening, het is in uitzonderingsgevallen mogelijk om hiervan af te wijken.
  2. Kasstromen worden halfjaarlijks contant gemaakt.
  3. Er hoeft – in afwijking van de Handreiking en daarop volgende publicaties – geen rekening te worden gehouden met een vpb kasstroom, hetgeen de berekening vergemakkelijkt.
  4. De kostenvoet vreemd vermogen in de WACC wordt als gevolg van het voorgaande punt niet verlaagd met 25%.
  5. Er wordt een WACC gehanteerd van 3,36%, bestaande uit een aandeel vreemd vermogen van 65,5%, een aandeel eigen vermogen van 34,5% en een kostenvoet vreemd vermogen / kostenvoet eigen vermogen van 3,36%.

 

Een openstaand vraagpunt hierbij is nog wel, hoe in dit kader moet worden omgegaan met GREX-en die een looptijd van meer dan 10 jaar kennen, aangezien de VSO in beginsel een maximale looptijd kent van 10 jaar.

Bepalen fiscale jaarwinst
Ten behoeve van de fiscale jaarwinstbepaling worden twee onderdelen onderscheiden, zijnde “silo 1” en “silo 2”.

 

Silo 1
In silo 1 is de fiscale openingsbalanswaarde opgenomen. Deze openingsbalanswaarde wordt afgewikkeld naar rato van de verkoop van de vierkante meters bouwrijpe grond in het betreffende jaar. Bij de bepaling van het fiscale resultaat wordt dit deel van de openingsbalanswaarde als kostprijs van de omzet in aanmerking genomen.
De fiscaal toe te rekenen rente in silo 1 kan als volgt worden bepaald:
65,5% x 3,36% x de gemiddelde silo 1 voorraadpositie op 1-1 en 31-12
Daarbij is van belang, dat dit een extra-comptabele rentetoerekening betreft vanuit de onbelaste sfeer aan de ondernemingssfeer. Binnen de ondernemingssfeer worden géén financieringsschulden op de fiscale balans gepassiveerd. 

Silo 2
De jaarlijks gerealiseerde kasstromen worden verantwoord in silo 2. Voor deze silo geldt dat het resultaat wordt bepaald op basis van goed koopmansgebruik. We verwijzen in dit kader gemakshalve naar de SVLO nieuwsflits van 8 februari 2018 inzake de toepassing van het Zwembad-arrest, alsmede onze nieuwsbrief in dit kader (zie deze link).
De fiscaal toe te rekenen rente in silo 2 kan als volgt worden bepaald:
Gemiddeld aandeel rentedragend VV gemeente x gemiddeld daadwerkelijk verschuldigde rentepercentage gemeente x gemiddelde voorraadpositie in silo 2
Voor alle gemiddelde posities geldt dat dit de gemiddelde posities zijn op 1-1 en 31-12 van enig jaar.
Indien de geconsolideerde rente-allocatie in silo 2 over enig jaar leidt tot een rentebate, dan kan de rente-allocatie in silo 2 over het betreffende jaar op nihil worden gesteld.

Ook hier geldt dat er géén financieringsschulden op de fiscale balans worden gepassiveerd.


Vervolgstappen

Indien u als individuele belastingplichtige zekerheid wenst over de fiscale openingsbalanswaardering, kunt u een VSO sluiten met de Belastingdienst. Hiertoe dient u contact op te nemen met de klantcoördinator of de betrokken BBO-inspecteur. Het lijkt hierbij niet uit te maken of de rentevoet en het aandeel vreemd vermogen van een specifieke belastingplichtige binnen of buiten de bandbreedtes van de Handreiking vallen.

Om de VSO te kunnen sluiten, zal in ieder geval de volgende informatie moeten worden aangeleverd bij de Belastingdienst:

1. Alle relevante BBV GREX-en alsmede de op 1-1-2016 ingeschatte einddatum per GREX.
2. Per BBV GREX de fiscale openingsbalanswaardering (deze kan later in het proces worden aangeleverd).
3. Een onderbouwing van de aansluiting van de BBV GREX op de fiscale openingsbalanswaardering.
4. Een specificatie van de gemeentelijke solvabiliteitsratio, alsmede de voor de gemeente geldende marktrente.
5. Naam van de tekeningsbevoegde vertegenwoordiger van de gemeente.

 

Tot slot

Het is van belang om te beseffen dat een VSO in sommige gevallen vanuit financiële optiek niet leidt tot de meest gunstige uitkomst. Ons inziens zijn er goede argumenten om op bepaalde onderdelen andere standpunten in te nemen, die leiden tot een financieel gunstigere uitkomst (i.e. een hogere openingsbalanswaardering en derhalve uiteindelijk een lagere vpb afdracht).

 

Daarnaast geldt dat voor belastingplichtigen binnen de Handreiking een integrale toepassing mogelijk tot nadeligere uitkomsten kan leiden dan toepassing van de methodiek zoals deze is opgenomen in de VSO.

 

Het is dus van groot belang dat in alle gevallen wordt beoordeeld wat meest wenselijke / gunstige scenario is. Hierbij moet rekening worden gehouden met het feit dat eventuele van de VSO afwijkende standpunten naar verwachting niet alleen leiden tot discussie met de Belastingdienst, maar waarschijnlijk ook tot bezwaar- en beroepsprocedures. Het is aldus van belang om niet alleen de financiële impact van een eventueel te sluiten VSO te kennen, maar ook de financiële impact van de fiscaal gunstigere standpunten.

 

Zodra dit inzicht verkregen is, kan een weloverwogen keuze worden gemaakt om de VSO wel of niet te sluiten. Deloitte kan u ondersteunen in het inzichtelijk maken van de gevolgen van het al dan niet sluiten van een VSO.

 

In dit kader heeft de Belastingdienst recent aangegeven dat de termijn voor indiening van de aangifte nog één keer kan worden verlengd tot 1 maart 2019.

 

Blijf op de hoogte

Schrijf u in voor de Tax nieuwsbrief van Deloitte en ontvang soortgelijke updates en nieuwsbrieven direct in uw mail.  

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingDeloitte 
Wilhelminakade 1 
3072 AP, Rotterdam
Tel.nr. 088 288 2888
www.deloitte.nl/publiekesector 
rdubbeldeman@deloitte.nl

Meer nieuws

Opleidingen

Women on Boards Publieke Sector

Vergroot uw impact

in de bestuurskamer

24/25 januari, 12 februari, 5 maart, 16/17 mei '19

diverse locaties