bestuur en organisatie / Partnerbijdrage

Twee interessante uitspraken over handhaving

Twee interessante uitspraken over handhaving

AfbeeldingOnlangs heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: “de Afdeling”) twee interessante uitspraken gedaan in handhavingszaken. In een uitspraak van 8 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3603) gaat de Afdeling in op de vereisten voor een aanmaning in verband met het stuiten van verjaring (1) en in een uitspraak van 15 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3698) staat de vraag centraal of het mogelijk is om een mondelinge last onder dwangsom op te leggen (2).

Essentie

1) De verjaring van de bevoegdheid tot invordering van verbeurde dwangsommen kan gestuit worden met een aanmaning met een betalingstermijn van 8 dagen. Dat dit een andere betalingstermijn is dan de wettelijk voorgeschreven termijn van 2 weken neemt niet weg dat sprake is van een aanmaning als bedoeld in artikel 4:106, gelezen in samenhang met artikel 4:112 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: “Awb”), nu de termijn waarbinnen moet worden betaald voor een aanmaning als zodanig niet bepalend is.

2) Het is niet mogelijk om op grond van artikel 5:32 Awb in samenhang met artikel 5:31, lid 2 Awb vanwege een spoedeisende situatie ter plekke een mondelinge last onder dwangsom op te leggen.

Lees meer

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.