of 60715 LinkedIn

Ten strijde tegen seksisme

Seksisme in de politiek is wijdverbreid, ook in Nederland. Politicologe Liza Mügge zet uiteen welke belemmeringen vrouwen ervaren en hoe die zijn op te heffen. Het begint volgens haar met kweken van bewustwording door er simpelweg wat van te zeggen als het zich voordoet. ‘Hier ligt een belangrijke taak voor burgemeesters, wethouders en de top van het openbaar bestuur.’
Reageer

Seksisme in de politiek is wijdverbreid, ook in Nederland. Politicologe Liza Mügge zet uiteen welke belemmeringen vrouwen ervaren en hoe die zijn op te heffen. Het begint volgens haar met kweken van bewustwording door er simpelweg wat van te zeggen als het zich voordoet. ‘Hier ligt een belangrijke taak voor burgemeesters, wethouders en de top van het openbaar bestuur.’

Essay door Liza Mügge **

‘En daar zit Femke!’ Terwijl haar collega’s worden voorgesteld met ‘burgemeester A of B’ wordt de burgemeester van Amsterdam, Femke Halsema, in groepen bestuurders weleens geïntroduceerd met haar voornaam. Dit is wat de Amerikaanse feministische filosoof Judith Butler een ‘girling’-moment noemt. Een situatie waarin een volwassen vrouw niet als zodanig worden aangesproken, maar als meisje. Alhoewel het vaak aardig gebracht wordt, raakt het de kern van een diepgeworteld seksisme tegen vrouwen.

Het burgemeestersambt is nog altijd een mannelijk domein en wordt daarom niet geassocieerd met vrouwen. Politici of bestuurders met lichamen die traditioneel zijn ondervertegenwoordigd – iedereen die geen witte man is – zijn in de woorden van de Britse socioloog Nirmal Puwar ‘space invaders.’ Space invaders zijn diegenen die als één van de weinigen zijn doorgedrongen tot een ruimte die niet ontworpen is voor mensen die eruit zien zoals zij.

Space invaders zijn net als hun collega’s die wel tot de norm behoren, gekozen vertegenwoordigers of benoemde bestuurders en bij wet gelijk. Toch worden ze door de omgeving anders gezien en behandeld. Hierdoor bevinden zij zich in een grijze zone en zijn ze simultaan binnen- én buitenstaander.

Door Halsema als enige aan te spreken met haar voornaam benadrukt de omgeving dat zij een uitzondering is, want met haar vrouwenlichaam past zij niet in het klassieke beeld van een burgemeester.

De viering van honderd jaar vrouwenkiesrecht in 2019 heeft de structurele ondervertegenwoordiging van vrouwen in de politiek vol op de politieke en publieke agenda gezet. Het onderwerp stond centraal in talloze tentoonstellingen, filmavonden, debatten, toneelstukken, lezingen, publicaties, radio- en televisiereportages en expertmeetings. De gemeente Heerenveen werd in 2019 zelfs symbolisch omgedoopt tot ‘Vrouwenveen.’ Lokaal en landelijk gingen beleidsmedewerkers, politici, journalisten, ondernemers, kunstenaars en wetenschappers met elkaar in discussie. Waarom zijn er zo weinig vrouwen in de politiek? Hoe krijgen we daar verandering in?

Alhoewel dit belangrijke vragen zijn, is het cruciaal om aandacht te besteden aan de ervaringen van zittende vrouwelijke politici. Want niet alleen is de instroom van vrouwen in de politiek laag, de uitstroom is ook hoog. Welke belemmeringen ervaren zij en hoe kunnen we die opheffen? Interdisciplinair onderzoek laat zien dat de ervaringen van vrouwelijke politici niet op zichzelf staan, maar passen in een systeem van genderongelijkheid. Joan Williams en Rachel Dempsey noemen vier patronen van uitsluiting die vrouwen met functies die gepaard gaan met status en zichtbaarheid in de publieke ruimte ervaren: koorddansen, de moedermuur, dubbel bewijzen en de krabbenmand.

Deze patronen zijn een voortvloeisel van stereotypen over vrouwen zoals: verzorgend, charmant, empathisch, zachtaardig en volgend. Deze stereotypen vormen de basis van impliciete en expliciete gedragsvoorschriften. Vrouwen die van het script afwijken omdat ze agressief, ambitieus, competitief, doortastend, leidend – kortom mannelijk – gedrag vertonen, worden hiervoor snel afgestraft. Stereotypen hebben niet voor alle vrouwen dezelfde uitwerking, maar zijn afhankelijk van onder andere etnische achtergrond, seksualiteit, sociaaleconomische status, religie, leeftijd en het hebben van een beperking.

Dubbel bewijzen
Het ‘dubbel bewijzen’ verwijst naar het patroon dat in beroepen die traditioneel door mannen worden uitgeoefend, mannen als competent worden gezien. Vrouwen daarentegen moeten keer op keer bewijzen dat ze even goed zijn, of misschien wel beter dan hun mannelijke collega’s. Mannen krijgen eerder het voordeel van de twijfel en worden of worden op potentie beoordeeld. Terwijl de fouten van vrouwen worden onthouden, worden die van mannen vergeten. Vertaald naar de Nederlandse politiek, blijkt uit onderzoek van Maria Kranendonk dat vrouwen mannelijk gedomineerde gemeenteraden vanwege dit patroon als onprettig ervaren. Ze hebben het idee dat ze zich extra moeten bewijzen en voelen zich minder serieus genomen. Er wordt soms om vrouwen gelachen als ze iets inbrengen of gesuggereerd dat ze het niet snappen. Ook worden in sommige gemeenten denigrerende opmerkingen gemaakt.

‘Och leuk meisje’ of ‘dit is een typische vrouwenopmerking’. De indruk is dat de opmerking strategisch worden gebruikt: ‘Midden in het debat maken ze een opmerking over sekse. Impliciet zeggen ze: ‘omdat je een vrouw bent snap je het even niet, hou maar even je mond’. Een respondent werd bij een diner aangemerkt als ‘lekker hapje’ of er werd gezegd: ‘Ze hadden nog een lekker wijf nodig in de fractie.’ Zij vindt dat in gemeenteraden waar relatief veel vrouwen zitten, de politieke cultuur vaker positief ervaren wordt. Respondenten wijzen op een veilig klimaat zonder haantjesgedrag waarin goede discussies worden gevoerd.

Koorddansen
Vrouwen in publieke functies dansen op een koord van normen over mannelijkheid en vrouwelijkheid. Ze kunnen moeilijk goed doen. Of ze zijn te vrouwelijk en worden daarom niet serieus genomen. Of ze zijn te mannelijk: de kenau. Een tweet van journalist Jan Kuitenbrouwer onlangs is treffend. Het bericht is een foto van SP-Kamerlid Sandra Beckerman met de woorden: ‘Tweede Kamerlid in 2020.’ Hij reageert later: ‘Kleed je wat zakelijker en je wordt nóg serieuzer genomen. Er is rare glamourwedloop gaande onder sommige vrouwen in de Tweede Kamer.’

De verankering van dit patroon in populaire cultuur wordt uitvergroot in het filmpje ‘Be a Lady They Said’ dat eind februari viraal ging. De boodschap is een aaneenschakeling van opmerkingen en commentaren over uiterlijk en gedrag waar vrouwen dagelijks mee te maken krijgen. Wat ben je dun! Wat ben je aangekomen! Wat kijk je chagrijnig! En zo verder.

Moedermuur
De zogenaamde moedermuur beschrijft hoe opvattingen over moederschap de werkvloer beïnvloeden. Van vrouwen die kinderen hebben wordt al gauw gedacht dat ze geen ambitie meer hebben. Tegelijkertijd gedragen vrouwen hier zich al naar op jonge leeftijd. Nog voordat ze kinderen of zelfs een partner hebben, nemen ze gas terug vanwege mogelijke toekomstige zorgtaken. Sheryl Sandberg, chief operating officer van Facebook, roept in haar boek Lean In vrouwen op om niet vroegtijdig te vertrekken en ruim voor gezinsuitbreiding goede afspraken te maken met partners over een gelijke verdeling.

In Nederland zijn volgens het CBS in slechts 1 op de 10 gezinnen de taken gelijk verdeeld. Alhoewel de jongste generatie moeders meer uren werkt en vaker financieel onafhankelijk is dan voorgaande generaties, blijven het vrouwen die minder gaan werken als er kinderen komen. Voorlopig zal dit niet veranderen. Uit het onderzoek van vrouwen die nu tussen de 12 en de 25 zijn, blijkt dat dit patroon vooralsnog niet zal veranderen: meer dan jongens vinden meisjes dat zorgtaken voor een jong gezin bij een vrouw horen.

Een dergelijke standaard beïnvloedt denkbeelden over vrouwelijke politici met kinderen. Dit najaar kopte De Telegraaf naar aanleiding van de benoeming van Sophie Wilmès als interim minister-president van België: ‘Kan een moeder wel premier zijn?’ Vrouwelijke politici met kinderen worden voortdurend aangesproken op het moederschap. Manja van der Weit, VVD-raadslid in Purmerend, benadrukt dit in haar ontvangsttoespraak van de Ribbius Peletier penning tijdens de ceremonie in het provinciehuis Noord-Holland. Altijd weer die eeuwige vraag: ‘Hoe doe je dat nou, al dat werken met die kinderen?’ Van der Weit beschrijft het als ‘zout wrijven’ in het schuldgevoel dat je als moeder hoort te hebben. En als het dan even niet zo lekker loopt met één van de kinderen, ligt dat natuurlijk aan het feit dat zij als moeder te veel van huis is.

Maar ook vrouwen zonder kinderen knallen tegen de moedermuur. Zij ervaren een hogere werkdruk. Omdat ze geen kinderen hebben om voor te zorgen, worden zij eerder gevraagd om in te springen en overuren te maken. Bovendien heeft het ook effect op de perceptie van hun vrouwelijkheid. Want waarom hebben ze eigenlijk geen kinderen? Mannen hebben daar geen last van. Zijn er ooit kritische vragen gesteld over het vaderschap van onze voormalige premiers Balkenende, Kok en Lubbers?

Krabbenmand
Een enkele vrouw aan de politieke top verbetert de situatie voor vrouwen in het algemeen niet. Amerikaanse politicologen onderzochten 206 kabinetten in 15 landen, veelal westerse democratieën tussen 1980 en 2015. Ze vinden dat de aanwezigheid van een vrouwelijke premier of een vrouwelijke partijleider in de coalitie niet betekent dat het aandeel vrouwen in het kabinet ook hoger ligt. Het effect is het volgende: vrouwen die vrouwen benoemen worden al snel beticht van identiteitspolitiek, terwijl mannen daar juist op kunnen scoren. Bovendien trekken vrouwen vaak de deur achter zich dicht; soms gaat dat gepaard met gedrag dat discrimineert tegen andere vrouwen: de krabbenmand. Om hun machtpositie te behouden is het strategischer om loyaal te zijn aan de mannelijke partijelite. Er worden wel meer vrouwelijke ministers benoemd als er een bredere vrouwelijke elite, een ‘kritische massa’ is. Op die manier stromen meer geschikte vrouwen door vanuit andere posities. En hoog aantal vrouwen in het parlement en een vrouwelijke voorzitter van het parlement hebben wel positieve invloed hebben op de mate waarin vrouwen op gezaghebbende ministeries terecht komen.

Indammen seksisme
Seksisme is onderdeel van de dominante politieke cultuur. Verschillende internationale onderzoeken laten zien dat mannelijke oververtegenwoordiging in de politiek samengaat met een politieke cultuur waarin regels en normen gelden waarin vooral (witte) mannen goed gedijen en die nadelig zijn voor vrouwen. Een studie van de Interparliamentary Union (IPU) naar seksisme en intimidatie van vrouwelijke parlementariërs in Europa concludeert dat een groot deel van de ondervraagden gebukt gaat onder seksisme, commentaren over hun uiterlijk en intimidatie. Invloedrijke vrouwen én mannen kunnen seksisme indammen door het niet te tolereren. Zij moeten hierin het voortouw nemen en het goede voorbeeld geven.

Neem Mark Rutte. Hij reageert fel als PVV-kamerlid Raymond de Roon een debat over de benoeming van een vrouw tot voorzitter van de Europese commissie als een ‘dameskransje’ bestempelt. ‘Wat een verkeerde opmerking zeg, bluh!’ Ook Khadija Arib geeft helder aan dat onder haar voorzitterschap van de Tweede Kamer geen ruimte is voor vrouwonvriendelijke opmerkingen. Na een pittige discussie tussen Arib en GroenLinks Kamerlid Kathalijne Buitenweg, zegt CDA-Kamerlid Chris Van Dam: ‘Voorzitter, ik heb lang geleden afgeleerd dat als twee vrouwen van mening verschillen, dat ik daar als man mij helemaal [sic] in moet mengen.’ Arib reageert: ‘Hoezo twee vrouwen?’ Ze eist excuus: ‘Neem het terug!’

Het lijkt zo onschuldig: mannen die in bestuurlijke en politieke kringen andere mannen wél met de gepaste titel aanspreken en vrouwen niet. Maar het heeft grote effecten. Ze houden hiermee – vaak onbedoeld – geijkte politieke machtsverhoudingen in stand waarin vrouwen harder moeten werken dan mannen en mogelijk eerder uitstromen. Hierdoor gaat vrouwelijk politiek talent dat al binnen is, verloren. Een inclusievere cultuur waarin vrouwen kunnen floreren, vergt het bijstellen van normen en waarden. Het vergt aandacht voor zowel grensoverschrijdend gedrag als voor subtiele hints die benadrukken dat iemand afwijkt van de standaard politicus. Dat begint met kweken van bewustwording door er simpelweg wat van te zeggen. Hier ligt een belangrijke taak voor burgemeesters, wethouders en de top van het openbaar bestuur.

*Dit essay is een uitgewerkte versie van de column ‘Meisjes en lekkere wijven: seksisme in de politiek’, gepubliceerd op de website van de Provincie Noord-Holland op 8 januari 2020.

** Dr. Liza Mügge, universitair hoofddocent politicologie en voorzitter Taskforce sociale veiligheid aan de UvA. Ze schreef mee aan de essaybundel 'Op weg naar een betere M/V-balans in politiek en bestuur voor Binnenlandse Zaken. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.