of 64204 LinkedIn

Stilte voor Amsterdamse zomerstorm

Corona legde het internationaal toerisme lam. Maar bewoners van veel toeristenplaatsen haalden opgelucht adem. Binnenlands Bestuur belicht in een zomerserie de lokale bestuurlijke dilemma’s nu de grenzen weer openen. Deel 1: Amsterdam.

Amsterdammers werden in coronatijd verlost van ratelende rolkoffers en dronken Britten. Hoe moet het verder met de buitenlandse bezoekersstroom nu de stad heropent? Deel één van een zomerserie over toerisme na corona. ‘Leefbaarheid moet beslissend zijn.’

Zomerserie Binnenlands Bestuur

Toerisme na corona
Corona legde het internationaal toerisme lam. Maar bewoners van veel toeristenplaatsen haalden opgelucht adem. Binnenlands Bestuur belicht in een zomerserie de lokale bestuurlijke dilemma’s nu de grenzen weer openen. Deel 1: Amsterdam.

Het is grijs en mottig, deze vrijdagmiddag in Amsterdam. Een dag later zullen vrijwel alle resterende coronamaatregelen worden afgeschaft. De stad is nog stil. Geen rijen voor attracties als Madame Tussauds, Amsterdam Dungeon of het Anne Frank Huis. Het Leidseplein, ‘entertainment area’, is vernieuwd, maar nog onontdekt. Op De Wallen staan horecauitbaters buiten te roken, tevergeefs wachtend op klandizie. Een van hen verzucht in het Engels dat ze een lange dienst heeft. Ze verwacht de toeristen binnenkort wel terug, ‘al komen eerst de jongens uit België, Duitsland en Frankrijk langs’.

Die waren er afgelopen zomer ook: wiet halen, snacken, rondjes rijden of hangen op de kades. Van een barman op het Leidseplein mag het wel een onsje minder met toeristen ten opzichte van voor corona, ook qua Airbnb-verhuur. Aan initiatieven om de Leidsebuurt leefbaar te houden, deden niet alle pand- en horecaeigenaren mee. De bestuursrechter keurde in maart het verbod op vakantieverhuur in drie centrumwijken af. De gemeente is in beroep gegaan. Vakantieverhuur mag met vergunning: jaarlijks maximaal dertig nachten aan hoogstens vier personen.

Een ‘wetteloze jungle’ of ‘pretpark’ – benamingen van (oud-)centrumbewoners voor de Amsterdamse binnenstad die de afgelopen jaren ten prooi viel aan een niet aflatende stroom toeristen uit binnen- en buitenland. Elk jaar nam het met 7 procent toe, vertelt bewoner Jasper van Dijk, in juni 2020 een van de initiatiefnemers van een ‘volksinitiatief’ om de binnenstad weer leefbaar te maken. De komende vijf jaar willen ze het aantal overnachtingen jaarlijks op ongeveer 12 miljoen houden.

Het niveau van 2014, ‘toen het toerisme in Amsterdam nog beheersbaar was’. In 2019 werden het 22 miljoen overnachtingen. ‘Die stijging is voorspelbaar. We waren verbaasd dat de gemeente er niet op anticipeerde.’ De petitie werd alleen via WhatsApp gedeeld. ‘Tot onze verrassing sloeg het heel snel aan.’ Ruim 30.000 mensen zetten hun handtekening om het thema op de raadsagenda te krijgen - waar 1200 handtekeningen al voldoende zouden zijn geweest.

Verordening
De raad ging ermee bezig en nu ligt er een verordening die stelt: kijk elk jaar drie jaar vooruit hoeveel toeristen naar de stad komen. Als het maximum wordt overschreden, moet het college een beleidsplan maken om de aantallen te verminderen. Idee was het aantal overnachtingen terug te brengen tot tussen de 10 en 14 miljoen. Het college vond dat het moest gaan over het totale aantal bezoekers, niet alleen over overnachtingen, en dat het aantal van 14 miljoen geen ‘harde grens’ moest zijn. ‘Leefbaarheid’ moest beslissend zijn. Uiteindelijk komt de verordening uit op een bandbreedte tussen 10 en 20 miljoen overnachtingen per jaar met signaalwaarden tussen 12 en 18 miljoen. ‘Het liefst zien we minder overnachtingen, maar dit is een start’, aldus Van Dijk.

Als het aantal overnachtingen buiten de signaalwaarden valt, het aantal dagbezoeken te hoog is of de toeristische draagkracht in een wijk onder druk staat, moet het college binnen zes maanden een nota aanbieden. Daarin zal het onder andere ingaan op regulering van vakantieverhuur in woningen en toeristenbelasting. Van Dijk noemt de verordening een belangrijke stap. ‘Eindelijk wordt toerisme op lange termijn bekeken, kijken wat de stad aankan. Dat gesprek is nooit gevoerd in Amsterdam.’

Wel krijgt het college op basis van de verordening drie jaar de tijd om het aantal overnachtingen binnen de bandbreedte te krijgen. Op 8 juli stemt de raad erover. Volgens Van Dijk zal het ‘erom spannen’. De Amsterdamse toeristenindustrie zorgde vóór corona voor 10 procent van de werkgelegenheid, 70.000 directe banen. Wethouder Victor Everhardt (D66) kondigde onlangs een campagne aan om toeristen naar de stad te trekken. Niet de ‘zuip- en blowtoerist’ die alleen de Wallen bezoekt, maar toeristen die zich richten op ‘kunsten cultuur, culinair, verblijf, winkels en attracties’. Ook zeggen we geen toeristenindustrie meer, maar ‘bezoekerseconomie’. De gemeente investeert een ton, het bedrijfsleven en de culturele partners leggen 60.000 euro bij.

Schamele bedragen die wenkbrauwen van critici doen fronsen. Die andere bezoeker komt ook niet morgen al, temperen Everhardt en Halsema alvast de verwachtingen van morrende binnenstadbewoners. Daar gaat enkele jaren overheen. Of, zoals Halsema het laatst in een commissievergadering zei: ‘Het gaat er niet om dat toeristen niet meer welkom zijn, maar dat ze komen voor de schoonheid van de stad en niet voor snelle consumptie, dat ze hier geen “morele vakantie” meer nemen. Dat zal tijd kosten.’ Op het terugdringen van het aantal toeristen richt de stad zich nu niet, zegt Halsema. ‘Wel op de aard van het toerisme dat naar de stad komt.’

Dovemansoren
Precies de reden waarom toerisme-expert Stephen Hodes zich terugtrok uit de toerismediscussie na tien jaar op de barricaden tegen ‘overtoerisme’ te hebben gestaan met zijn denktank ‘Amsterdam in Progress’. ‘Het was aan dovemansoren gericht. De gemeente wilde absoluut niet luisteren. Eberhard van der Laan was geïnteresseerd en betrokken bij het onderwerp, maar bij het huidige college en de ambtenaren is er geen wil om er iets aan te doen. Mijn grens is bereikt. De afgelopen tien jaar was een optelsom van incidentenpolitiek. Ze kijken niet naar de oorzaak, niet naar de lange termijn. Het zijn druppels op een gloeiende plaat. Ik doe dit uit liefde voor Amsterdam, maar bestuurlijk Amsterdam en de Metropoolregio willen niets doen.’

Door corona wordt het nog erger, vreest hij, ‘want de stad heeft economisch zo geleden, dus moeten we de horeca vol krijgen en de economie laten draaien. Ze zetten in op groei.’ Hodes vermoedt dat de huidige Passengers Terminal Amsterdam voor cruiseschepen niet verdwijnt en dat er in de haven een tweede terminal voor grotere cruiseschepen komt. ‘Denk ook aan lowcost carriers die naar Lelystad Airport moeten. Dat zijn heel onverstandige dingen die je niet moet stimuleren. Toeristen uit de terminal besteden het minst van iedere vorm van toerisme: gemiddeld 70 euro per bezoeker. Bij een hotel is dat gemiddeld 200 euro. Waarom zou je dat dure ding dan bouwen?’

Alle aandacht gaat nu naar blowende toeristen, maar crux van het probleem is de scheve verhouding tussen aantal bewoners en aantal bezoekers, schreef Hodes in Het Parool. ‘Als we het volume niet aanpakken, zijn alle maatregelen dweilen met de kraan open. De aandacht moet naar beperking van toevoer en opvang van bezoekers. De rest is bijzaak.’

SP-fractievoorzitter Erik Flentge legde de maximering van aantallen toeristen voor aan Halsema. Het lijkt haar ingewikkeld, ‘omdat wij niet in staat zijn de stad ontoegankelijk te maken voor toeristen’. Tegelijk noemt ze de aantallen wel degelijk problematisch als de stijging doorzet. ‘Niet alleen omdat de stad dan overstroomt, maar ook omdat de afhankelijkheid van onze stedelijke economie ervan na corona niet even groot moet blijven als de afgelopen jaren.’

De Amsterdamse politiek is na corona wel doordrongen van de noodzaak van regulering van het toerisme. Onlangs introduceerde Halsema een drukteaanpak voor de zomer, in de breed gesteunde Aanpak Binnenstad staan 88 maatregelen en er ligt een ambitie om een erotisch centrum buiten de Wallen te ontwikkelen.

Binnenstadmijders
Planoloog Zef Hemel, hoogleraar grootstedelijke vraagstukken aan de Universiteit van Amsterdam, schreef in 2019 zijn ‘Visie op de binnenstad van Amsterdam 2040’ in opdracht van Halsema. Twee maanden lang sprak hij in de Oude Kerk met een rijk geschakeerd arsenaal (ex-)Amsterdammers. Hij constateerde dat de binnenstad steeds meer als economische ruimte functioneert en dat heeft geleid tot vervreemding bij bewoners en tot ‘binnenstadmijders’. ‘Dat doet pijn, want Amsterdammers houden van hun stad.’ Amsterdammers vragen zich af wat de toekomst van de historische binnenstad nog is als deze niet meer als gemeenschappelijk centrum wordt gebruikt en vooral als pretpark functioneert, schrijft hij. In zijn werkkamer op Roeterseiland legt hij de oorzaak van de toerismegroei bij de smartphone. ‘Digitalisering heeft het toerismeverkeer zo aangewakkerd dat we moeten erkennen dat het niet meer bestuurbaar is.’

Hemel wijst op ‘de processie’ in de binnenstad van CS naar het Museumplein. ‘Dat is massatoerisme. Een massale middeleeuwse pelgrimage langs een aantal vaste attracties, waaronder het Red Light District. Dat kan in Amsterdam.’ Die route is in honderd jaar gevormd en bedacht door architect Pierre Cuypers die de eerste toeristen vanaf ‘zijn’ Centraal Station naar ‘zijn’ Rijksmuseum leidde. De stad wilde het hoofdstation in Zuid, maar toenmalig premier Thorbecke stond erop dat het in de havenmond kwam. ‘Je had anders door Berlage Zuid en langs de Academie van Beeldende Kunsten gelopen’, schetst Hemel.

Looproute
Over tien jaar verrijst in Zuid alsnog een van de grootste stations van Nederland. ‘Alle hsl’en stoppen op Zuid, niet meer op het CS. Je maakt een looproute van de Zuidas naar het Rijksmuseum, langs het Hilton. We kunnen de fout van toen herstellen, en er komt een bijzonder soort toerisme naar Amsterdam.’

Voor die tijd staat de stad wat te wachten. ‘De zakelijke reiziger blijft nog weg, dus KLM richt zich op de toeristenmarkt’, vreest Hemel. ‘Schiphol wordt “toeristenhub”. De bestuurbaarheid is gering. Je moet een langetermijnvisie hebben.’ Maar de raad kreeg Hemels visie niet eens. ‘Die kortademigheid is zorgelijk.’ Zijn visie wordt informeel wel omarmd. ‘Na de lancering reageerden veel ondernemers. Daar is animo, maar dan moet het wel mogelijk gemaakt worden.’

Eerst krijgt de binnenstadbewoner het zwaar, verwacht Hemel. ‘Ik schat dat 10 tot 15 procent van de winkels in de Kalverstraat en Nieuwendijk leegstaat en wellicht niet meer opent. De atmosfeer in de stad verandert: instortende kades en bruggen, winkelleegstand, leven in een bouwput en ongewenst toerisme.’ Intussen lopen later op de vrijdag de uitgaansstraten en terrassen vol. Om middernacht staan er lange rijen voor de clubs. De stad leeft weer. En de toeristen? Bij Madame Tussauds weten ze het zeker: die staan er over een paar weken weer.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.