of 63946 LinkedIn

Stabiele steun vuurwerkverbod

Bijna twee derde van de Nederlandse bevolking steunt een totaal vuurwerkverbod. Toch is er een groep van tussen de half en een miljoen mensen die tijdens de komende jaarwisseling vuurwerk wil blijven afsteken. Dat blijkt uit onderzoek van I&O Research in opdracht van Binnenlands Bestuur.

Bijna twee derde van de Nederlandse bevolking steunt een totaal vuurwerkverbod. Toch is er een groep van tussen de half en een miljoen mensen die tijdens de komende jaarwisseling vuurwerk wil blijven afsteken. Dat blijkt uit onderzoek van I&O Research in opdracht van Binnenlands Bestuur.

Uitschieter in januari geen incident

In 2019 was nog de helft van de Nederlanders voor een totaalverbod op vuurwerk, in januari 2020 steeg dat percentage onder invloed van de incidentrijke jaarwisseling naar 65 procent en nu lijkt het zich te stabiliseren op 64 procent. Iets meer dan twee derde van de Nederlanders (69 procent) is voorstander van een centrale vuurwerkshow, georganiseerd door de gemeente. Het aandeel mensen dat vuurwerk een mooie traditie vindt die in stand moet worden gehouden, daalde van 55 procent vorig jaar november naar 43 procent nu.

Potentiële vuurwerkafstekers zijn naar verhouding vaak jonge mannen die relatief ook weer vaak PVV stemmen en in het noorden en oosten van het land wonen. Het gaat om 6 procent van de volwassen Nederlanders, die het door het kabinet afgekondigde vuurwerkverbod voor dit jaar wil trotseren. Ze komen het minst vaak (4 procent) uit de provincies Zeeland, Noord-Brabant, Limburg, Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland, met uitzondering van de drie grote steden. In die drie grote steden wil 5 procent vuurwerk af gaan steken.

Maar noorderlingen spannen de kroon. Ruim een tiende (11 procent) van de Groningers, Friezen en Drenten geeft aan dit jaar net als andere jaren vuurwerk af te steken. In Oost-Nederland ligt dat percentage iets lager (9). Redenen die men geeft voor het toch weer afsteken van vuurwerk is dat het een traditie is die moet worden behouden. ‘Het hoort bij oud en nieuw en het is maar één keer per jaar.’ Men zegt ook dat knalvuurwerk verboden kan worden en dat siervuurwerk moet kunnen. Vuurwerk afsteken zou moeten worden toegestaan, maar dan op een verantwoorde manier, zonder letsel of schade te veroorzaken. Een verbod is onzinnig, wordt ook gezegd, omdat mensen dan illegaal vuurwerk zullen gaan afsteken wat voor meer problemen zorgt.

Afgelopen jaren stak ongeveer een kwart van de Nederlandse bevolking weleens vuurwerk af rond de jaarwisseling. Van alle Nederlanders zegt 86 procent dit de komende jaarwisseling niet te gaan doen. Zij vinden het afsteken van vuurwerk milieuvervuiling en schade veroorzaken aan mensen en dieren. Het percentage mensen dat in voorgaande jaren nog wel vuurwerk afstak, maar dit jaar niet meer is 18 procent. Deze groep ziet veel in centraal georganiseerde vuurwerkshows in gemeenten, om zo toch het saamhorigheidsgevoel te ervaren en de traditie in stand te houden.

Uitschieter
‘Vuurwerk afsteken is een minder sterke traditie in steden dan in de rest van het land’, aldus onderzoeker Peter Kanne. ‘Die uitschieter in het noorden en oosten verbaast mij dus niet zo erg.’ Naar het carbid schieten is in het onderzoek niet gevraagd. Wel laten ondervraagden weten ‘gewoon de wei in te gaan’. ‘Zij hebben meer het gevoel van: die verboden gelden voor ons niet, want hier zijn geen grote massa’s’, zegt onderzoeker Kanne. ‘Het kan zeker meespelen dat corona in die contreien minder aanwezig is. Het sentiment van ‘waarom leggen ze dit aan ons op?’ zit er zeker bij.’

Kijkend naar kiezersgroepen blijkt ook daar onder alle partijen de animo voor een totaalverbod op vuurwerk te groeien. Traditioneel is die steun het grootst bij de aanhang van de Partij voor de Dieren en GroenLinks. De grootste stijging (21 procent) is te zien bij de kiezers van D66, terwijl ook de ChristenUnie-kiezer zich hierin niet onbetuigd laat (+19 procent). Opvallend is dat ook kiezers van partijen ter rechterzijde een omslagpunt hebben bereikt. Bij de VVD steeg het aantal voorstanders van een verbod van 45 naar 61 procent en bij het CDA van 41 naar 57 procent. Kiezers van Forum voor Democratie (FvD) zijn ten opzichte van alle andere partijen het minst voorstander van een vuurwerkverbod (49 procent), maar zelfs daar is het dus bijna fifty-fifty.

Voortschrijdend inzicht
Er lijkt sprake te zijn van een soort voortschrijdend inzicht. Kanne vergelijkt de vuurwerkdiscussie met die over Zwarte Piet. ‘Een voorhoede zegt: we moeten er anders mee omgaan. Dan wordt erover gesproken, er is debat over en voetje voor voetje zie je de achterblijvers dan meegaan. Hetzelfde zie je hier.’ De aanhang van PVV en Forum is meer antioverheid en anti-regels en zij hebben vaak ook minder vertrouwen in de overheid en wetenschap. Het sentiment ‘er wordt ons iets afgepakt’ leeft er sterk.

‘Het is dus wel verrassend dat er ook daar beweging in zit, net als bij de toch wat traditionele, conservatieve CDA-achterban, waarvan er velen op het platteland woonachtig zijn.’ Het besluit om voor dit jaar een vuurwerkverbod af te kondigen om de gezondheidszorg vanwege de coronatoeloop te ontlasten wordt door 80 procent van de Nederlanders ondersteund. Driekwart vindt dat het afsteken van knalvuurwerk ook na deze jaarwisseling moet worden verboden. Met het verbieden van afsteken van vuurpijlen na deze jaarwisseling zijn iets minder mensen het eens, maar nog steeds een ruime meerderheid: 64 procent. 


Afbeelding


Afbeelding

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.