of 59123 LinkedIn

Positivo’s die de stad zelf vernieuwen

Groepjes betrokken burgers die de leefbaarheid in de stad vergroten. De Stadslabs groeien als kool. Maar hun mentaliteit van handen uit de mouwen botst makkelijk met gemeentelijke procedures. ‘Aan de realisatie van bewonersplannen gaat niet zelden een kafkaësk besluitproces vooraf.’ 

Groepjes betrokken burgers die de leefbaarheid in de stad vergroten. De Stadslabs groeien als kool. Maar hun mentaliteit van handen uit de mouwen botst makkelijk met gemeentelijke procedures. ‘Aan de realisatie van bewonersplannen gaat niet zelden een kafkaësk besluitproces vooraf.’ 

Stadslabs lopen nog vaak vast op starre gemeenten

Een manshoog hek scheidt het plein voor sportcomplex De Dreef bruut af van de Utrechtse wijk Overvecht. En dat plein oogt al zo weinig uitnodigend door de grijze straattegels; zonder hek zou je het zomaar verwarren met een leeg parkeerterrein. Ertegenover een al even weinig opbeurende flat. Terwijl de dichtbebouwde en multiculturele buurt best wat levendigheid in de openbare ruimte kan gebruiken. ‘Daarom hebben we kleinschalige activiteiten op en rond het plein georganiseerd om te peilen wat de bewoners ermee zouden willen. Een wandeling, een kraampje tijdens de jaarlijkse Sociale Buurtmarkt’, zegt Taco Jansonius van Samen Stad Maken, een Utrechts bewonersinitiatief dat ‘vergeten plekken in de openbare ruimte’ willen verbeteren. Rond de 75 ideeën zijn er inmiddels binnen voor het plein, variërend van twee baskets tot een complete herinrichting met bankjes, speelplekken en een wandelpad. Ideeën die soms bijna een jaar oud zijn. Veel is er sindsdien nog niet gebeurd.

Gelukkig maar, zegt Jansonius, in het dagelijks leven procesmanager maar als vrijwilliger betrokken bij Samen Stad Maken. ‘De gemeente maakt een plan, er wordt een ton geïnvesteerd in een nieuw plein en klaar is Kees. Zo ging het vroeger. Alleen worden de bewoners niet bij de besluitvorming betrokken, waardoor in veel gevallen zo’n plein alsnog ongebruikt blijft omdat het niet aansluit bij de buurtbehoefte. Wij geloven in een geduldig traject, waarbij bewoners, gemeente en de particuliere uitbaters van het sportcomplex elkaar eerst leren vertrouwen.’

Zo gaat dit voorjaar eerst de hekpoort continu open. ‘Gewoon eens kijken wat er gebeurt. Gaan de bewoners iets ondernemen? Wordt het onveiliger, waar het sportcomplex bang voor is?’ Een tergend traag traject dat al met al zo nog twee jaar kan duren, schat Jansonius in, al spreekt hij liever van ‘behoedzaam’. ‘We beginnen bescheiden maar uiteindelijk ligt hier straks dat levendige stadsplein waar iederéén zich thuisvoelt.’

Wereldverbeteraars
Samen Stad Maken is een van de ruim 150 stadslabs in Nederland. Deze los-vaste platforms van burgers en professionals buigen zich over urgente thema’s als inclusiviteit, recreatie, zorg of infrastructuur, zegt Bas van der Pol, die als programmaleider bij het Rotterdamse architectuurcentrum AIR de stadslabs al jaren volgt. Een stadslab kan op kleine schaal opereren in de wijk, zoals het bevorderen afvalscheiding, of de revitalisatie van een verlopen plein. Maar het ook een complete gebiedsontwikkeling initiëren door hergebruik van leegstaande bedrijfspanden.

De samenstelling varieert van een coalitie van betrokken buurtbewoners tot een professioneel kennisplatform. Onveranderd is de ideologische overtuiging. ‘Het zijn toch een beetje wereldverbeteraars in de eigen stad.’

Stadslab klinkt nieuw en hip. Maar is het feitelijk niet een moderne variant op het aloude buurtinitiatief of actiecomité uit de vorige eeuw? ‘Er is een groot verschil: de onvrede wordt omgezet in concrete maatregelen’, aldus Van der Pol. Niet demonstreren maar realiseren, zeg maar. In Arnhem tovert het Departement Tijdelijke Ordening een braakliggende bouwkavel om tot een kunstzinnig parkje en voorziet zo de eigen buurt van nieuw elan. Uit

onvrede over de slechte luchtkwaliteit op de drukke ‘s Gravendijkwal werd in Rotterdam het stadslab Luchtkwaliteit gestart, dat inmiddels op verschillende plekken navolging kreeg. Het platform Duurzaam Dordrecht wil verwaarloosde grond geschikt maken voor stadslandbouw. In Gouda wordt een oud fabrieksterrein getransformeerd tot een creatieve woonwerkwijk. Van der Pol: ‘Al deze stadslabs introduceren voor een alternatieve manier van stadsvernieuwing. Ze heten niet voor niets een lab.’

Het plein voor De Dreef in Utrecht bijvoorbeeld had geen enkele prioriteit voor de gemeente. Er gebeurde weliswaar niets mee, maar het vormde ook geen probleem, aldus Jansonius van Samen Stad Maken. ‘Maar nu wij de bewoners hebben geactiveerd, moet de gemeente wel mee.’

Positieve besmetting
De opkomst van het stadslab is niet los te zien van de crisis, zegt Jeroen Niemans, mede-auteur van Het nieuwe stadmaken. Van gedreven pionieren naar gelijk speelveld, het eerste boek dat dit nieuwe fenomeen onder de loep neemt. ‘De overheid bezuinigt waardoor er gaten vallen in de openbare voorziening. Uit betrokkenheid nemen de burgers zelf het heft in handen.

Tegelijkertijd luistert de overheid beter. Deels uit pragmatisme – het is immers allang fijn als burgers taken overnemen. Maar ook gevoed door neoliberalisme en ordinaire bezuinigingen treedt de overheid terug.’ Tegelijkertijd is de burger mondiger geworden en beter in staat om zich organiseren, bijvoorbeeld op internet. Inmiddels is er zelfs een positieve besmetting. Burgers zien dat je iets voor elkaar kunt krijgen en kloppen aan bij een stadslab of beginnen er zelf een. Kortom, ‘het stadslab is wat de overheid voor ogen stond toen in de Troonrede van 2013 de term participatiesamenleving werd geïntroduceerd’.

Toch verloopt het contact met de overheid nog vaak stroef. In Haarlem buigt het stadslab Haarlem Oostwaarts zich als meer dan tien jaar over een betere toegankelijkheid van de stad vanuit Amsterdam en de A9. Dat onderzoek is inmiddels geconcretiseerd in een transformatieplan voor het verrommelde industriegebied Veerpolder naar een gemengd gebied van wonen, werken en behoud van industrie, zegt initiatiefnemer en stedenbouwkundige Arjan Karssen. Maar nog steeds blijft het plannen en praten. ‘De gemeente Haarlem houdt de boot telkens af. Het is een welvarende en behoudende stad die terugdeinst voor ingrijpende veranderingen.

Bovendien zien ze ons niet echt als een volwaardige gesprekspartner maar als een luis in de pels.’ Ambtelijke onwil is slechts één van de obstakels waar stadslabs tegenaan lopen. Hoe sympathiek de acties van verontruste burgers ook zijn, vaak is er weinig weet van de complexe bestuurlijke besluitvorming of stroperige regelgeving. Daarbij is het lot van veel stadslabs afhankelijk van de motivatie van zijn oprichters.

Anderhalf jaar investeerden de architecten Bartjan van ’t Slot en Wendy van Rosmalen met hun stadslab Aan De Buurt in de revitalisatie van de Zuiderpassage in Den Bosch, een ietwat verlopen winkelstraat die kampt met achterstallig onderhoud en leegstand. ‘Het draagvlak onder bewoners winkeleigenaren en de vastgoedeigenaren was groot. Maar gaandeweg raakten we verstrikt in procedures. Steeds weer werden beslissingen bijgesteld of uitgesteld. Er waren personeelswisselingen bij de gemeente. We kregen het gevoel in olie te zwemmen’, vat Van ’t Slot samen.

Achteraf gezien hadden ze brutaler moeten zijn, iets minder geduldig. Uiteindelijk trokken de twee initiatiefnemers zich om persoonlijke zich terug uit Aan De Buurt. ‘Het kostte simpelweg te veel tijd en energie. ‘Het stadslab is opgeheven. De plannen liggen er nog. Maar het is de vraag of er ooit nog iets mee wordt gedaan.’

Haat-liefde
Mondige burgers die het initiatief nemen, dat klinkt democratischer dan de praktijk is. Bijna alle stadslabs worden getrokken door hoogopgeleide, witte veertigers en vijftigers uit de middenklasse, vaak met een progressieve partijvoorkeur. ‘De vraag is of dat erg is’, aldus Niemans, die ook als onderzoeker werkt bij Ruimtevolk, een landelijk onderzoeks- en kennisinstituut voor stedelijke en regionale innovatie. ‘De samenstelling van veel stadslabs is weliswaar eenzijdig, maar het doel is vaak voor alle bewoners, ongeacht sociale of economische achtergrond. In villawijken zie je zelden een stadslabs.’ Daarbij moet je over specifieke expertise beschikken om bij de gemeente aan tafel te zitten. ‘Alleen de ambtelijke beleidstaal is al een barrière.’

Bovendien gaat aan de realisatie van bewonersplannen niet zelden een kafkaësk besluitproces vooraf. Wethouders die aftreden, de woningcorporatie die toch geen heil ziet in de gezamenlijke moestuin. Bestemmingsplannen die wijzigen, waardoor een tijdrovend ontwerp in de prullenmand kan of een welwillende ambtenaar die na maanden lobbywerk opeens een andere functie krijgt. ‘Praktische doeners houden het dan al snel voor gezien.’

Wat ook schuurt is ongelijkheid: terwijl de stadslabs op vrijwillige basis werken, krijgen de ambtenaren aan de andere kant van de vergadertafel wel betaald. Oftewel: ‘De overheid laat te vaak een bijzondere mogelijkheid liggen om samen te werken met burgers’, vat Alexander Augustus van Stadslab Roermond samen. ‘Wij zijn de antenne in de wijk of stad. Wij hebben de kennis. Overheid, doe er wat mee! Maar we worden niet altijd erkend.’

Augustus spreekt van een haat-liefde verhouding tussen zijn stadslab en de gemeente en provincie. ‘Ambtenaren zijn ook mensen, met trots en eigenbelang. Ze spreken bovendien een andere taal dan burgers. Het kost veel tijd en energie om tot elkaar te komen. Maar zonder bestuurlijk draagvlak bereik je niks.’

Geen wonder dat verreweg de meeste stadslabs worden getrokken door professionals; veelal architecten, stedenbouwkundigen of communicatie- en organisatieadviseurs. De grens tussen mondigheid en handigheid is dan soms vaag. Het stadslab kan een opstapje zijn naar betaalde opdrachten. Stadslab Roermond begon in 2015 met Roermond In De Steigers, een oproep aan bewoners wat ze het liefst zouden veranderen in de stad. De uitkomst was voorspelbaar: de spoortunnel naast het station. Het is er bedompt en donker, vies en ook nog lawaaierig. Door de sjofele muurtegels oogt de inrichting gedateerd.

‘Op basis van bewonersinput hebben wij als stadslab een verbeterplan gemaakt’, zegt Alexander Augustus, die net als zijn twee medeoprichters architect is. ‘De presentatie van dat plan aan de gemeente was niet meteen op basis van uurtje-factuurtje. Maar voor uitwerking ervan hebben wij een offerte gestuurd. Tijd en kennis zijn schaars en waardevol.’

Compleet onrendabel
Wereldverbeteraars met een eigen agenda dus? ‘Hooguit een vorm van maatschappelijk- verantwoord ondernemen’, nuanceert Augustus. ‘Hoewel, als onderneming is ons stadslab compleet onrendabel. Er gaan veel onbetaalde uren in.’ Daar staat tegenover dat stadslabs wel dingen voor elkaar krijgen; de Roermondse spoortunnel wordt dit voorjaar aanbesteed. ‘Al in een vroeg stadium hebben wij een inschatting gemaakt of het plan slagingskans had. Anders was het verspilling van tijd en energie geweest, voor ons maar ook voor bewoners en gemeente.’

Daarnaast moeten de projecten van het stadslab een algemeen nut hebben. ‘Wij maakten op eigen initiatief een plan voor de revitalisatie van een leegstaand monument in de binnenstad, met als doel de verloedering tegen te gaan. Vervolgens werden wij benaderd door een andere pandjesbaas. Al snel bleek dat hij gewoon een makkelijk en goedkoop plan wilde om huurders en daarmee inkomsten te genereren. Dat voorstel hebben wij afgeslagen.’

Door de aantrekkende economie staat de toekomst van stadslabs onder druk. De ontwikkeling van leegstaande gebouwen wordt weer opgepakt door de markt. Ook hebben de eerste stadslabs zich inmiddels omgevormd tot professionele adviesbureaus. Al zal dat volgens Augustus van stadslab Roermond geen grote vaart lopen. ‘De crisis zou voorbij zijn. Nou, Limburg kampt met grote problemen als leegstand, krimp en werkeloosheid, wat zijn weerslag heeft op de steden. Er is voor ons nog genoeg te doen.’ Ook in de grote steden zijn er wijken en initiatieven waar de markt zich niet aan waagt.

De invloed van stadslabs is hoe dan ook blijvend is de conclusie van Niemans. ‘In Utrecht en Rotterdam wordt inmiddels geëxperimenteerd met het right to challenge, een formele procedure waarmee burgers alternatieven kunnen aandragen voor gemeentelijke plannen. In Almere mogen de toekomstige bewoners de wijk Oosterwolde helemaal zelf inrichten en vormgeven. Deze ontwikkelingen zijn niet los te zien van de opkomst van stadslabs. De burger heeft niet alleen ontdekt dat hij een stem heeft, maar weet nu ook hij die kan gebruiken.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.