of 59082 LinkedIn

Essay: Een onsje ontspannender

Reageer

‘Overheid moet in 2030 vooral eerlijk, begripvol en simpel zijn’. Zo daagde de Nationale ombudsman onze bestuurders medio juli uit. Het pleidooi komt voort uit de vraag aan 1.500 Nederlanders hoe ze hun relatie met de overheid wensen. Een eerlijk, begripvolle en simpele overheid. Aangestuurd door eerlijke, begripvolle – lees: menselijke – politici en bestuurders. Want zonder voorbeeldgedrag door de mensen die deze overheid aansturen, gaat het niet. En juist daar valt volgens communicatiedeskundigen Jan Sonneveld en Marcel Bril nog een wereld te winnen.

door Jan Sonneveld en Marcel Bril *

Het SCP publiceerde eind juni het rapport ‘Denkend aan Nederland’, over de Nederlandse identiteit. Een van de vragen die onderzoekers stelde, was: ‘Als u denkt aan Nederland, bij welke kenmerken of zaken hebt u dan negatieve gevoelens?’ Op nummer 1 staat de politiek. Nog hoger dus dan bijvoorbeeld onveiligheid, angst voor terreur, het weer of stress en haast. Wat is er aan de hand en hoe kan het anders, zodat in 2030 – en het liefst daarvoor al – het vertrouwen in politiek en bestuur groter is en de overheid ook nog als eerlijk, begripvol en simpel wordt ervaren? Een belangrijke reden voor die negatieve gevoelens ligt in onze ogen besloten in de toon en taal die politici gebruiken. Wij zien twee verschillende kampen politici: het ene kamp versimpelt moeilijke kwesties tot snelle soundbites en het andere verhult beleidskwesties door ingewikkelde taal te gebruiken, uitmondend in onnavolgbaar gebrabbel.

Daarmee hebben bestuurders, volksvertegenwoordigers en (top-)ambtenaren het politiek- bestuurlijke landschap van Nederland steeds strakker verkaveld – tot er maar twee smaken overbleven: Bestuursland en Oppositieland.

Bestuursland is een wat ondoorgrondelijk, heuvelachtig landschap. Een plek voor coalitiepartijen en genuanceerde bestuurders, waar het leven bestaat uit complexe vraagstukken in vele tinten grijs. Waarin pilotprojecten integraal worden uitgerold alvorens grondig te worden geëvalueerd en voorgehangen aan ambtelijke stuurgroep, gemeenteraad, Provinciale Staten of Tweede Kamer. Een wereld vol ambtenarenjargon, managementtaal en zorgvuldige processen. De toon is er gematigd. Soms steekt men er de hand zelfs in eigen boezem. Het is het land verbonden door eindeloze polders. Maar ook een land vol mistbanken en weinig heldere lucht. Om maar niemand op de tenen te trappen.

Ernaast ligt een vlak en strak verkaveld land vol weidse vergezichten: Oppositieland. Een land vol gouden bergen achter de horizon, maar ook een land vol slachtoffers van bestuurlijk onrecht, van geëiste verboden, excuses en andere maatregelen. Een land waarin een schelle toon over Gods akkers klinkt en de zon altijd zwart-wit schijnt. Een land ook waar de ander het meestal heeft gedaan. In eerste instantie is het zicht glashelder, geen mist te bekennen, maar het vergezicht komt nooit dichterbij. Deze twee politieke landschappen zijn ontstaan vanuit een angst om de controle over ‘het debat’ of ‘het dossier’ te verliezen.

Angst om draagvlak, stemmen en zichtbaarheid te verliezen. En de angst om toe te geven dat zaken soms gewoon ingewikkeld zijn en niet altijd binnen een simpel kadertje passen. Het probleem samengevat: de een vlucht in versimpelen – en de ander in het verhullen van waar het echt over gaat.

Oprotten
Maar dat is nu eenmaal hoe politiek werkt, zou je zeggen. Is dat echt zo? Beantwoordt de tegenstelling tussen die twee aan onze vraag naar een democratie die vertrouwen wekt? Ons antwoord is nee. In de praktijk denken we signalen te zien dat politici en bestuurders worstelen, ze zoeken naar een taal, toon en houding waarmee ze herkenbaar worden. Die worsteling werd goed zichtbaar in het debat over de Algemene Politieke Beschouwingen in 2018. De toon was snel gezet in de bekendste vergaderzaal van het land. 150 Kamerleden zaten klaar voor een debat dat zou moeten gaan over de grote politieke keuzes van het komende jaar. Maar binnen enkele minuten ging het debat over de prangende vraag wie moet ‘oprotten’: de populistische schreeuwer aan de ene kant (Geert Wilders) of die aan andere kant (Tunahan Kuzu). Je zag het theaterstuk zich voltrekken volgens voorspelbare lijnen.

Naast dit schijndebatje vol scheldkanonnades deden de meeste fractievoorzitters verwoede pogingen om de Journaal-items van die middag en avond te domineren. En als dat niet lukte, was er altijd nog het snel gemonteerde filmpje van dertig seconden, waarmee elke partij snel victorie kon kraaien op Facebook: kijk ons de tegenstander eens snedig van repliek dienen! Ieder zijn of haar eigen miniwerkelijkheid.

Het was een lelijk schouwspel. NRC-journalist Tom-Jan Meeus noemde het debat ‘De Algemene Politieke Beschimpingen’. Kamerleden zelf hadden er gelukkig ook geen goed gevoel over. CDA-leider Sybrand Buma begon zijn speech met de opmerking dat er ‘grenzen waren overschreden’ en dat de grote verliezer van dit taalgebruik de hele vaderlandse politiek is. Kamervoorzitter Khadija Arib voegde er de volgende dag fijntjes aan toe dat ze brieven en e-mails vanuit het hele land gekregen had, vanwege de grove en harde toon die Kamerleden elkaar toebeten. Het eindeloos simplificeren en aantrekkelijk framen van eigen voorstellen en het wegzetten van tegenstanders ging veel mensen in het land te ver.

Het debat werd hervat en de minister-president kwam aan het woord. Ook hier snedige interrupties en pogingen vanuit de oppositie om zijn verhaal te onderbreken. Maar het taalgebruik veranderde toch. Misschien was dat deels te danken aan de reacties uit het land en toonde de Kamer zelfreflectie. Maar er was ook iets anders aan de hand. Ineens is dan de weerbarstige realiteit aan het woord. Natuurlijk verdedigt de premier de politieke keuzes van de coalitie te vuur en te zwaard, maar regeringstaal klinkt anders: moeilijker, bedachtzamer en redelijker.

Al gauw komt dan het verwijt van ambtenarentaal om de hoek kijken: wollige teksten die pijnlijke keuzes verbloemen. Praat de premier zich vast in details, dan treft hem het verwijt dat hij met woordenwolken bewust mist optrekt. Alles om te zorgen dat niemand grip op hem krijgt. Een verwijt dat oud-premier Ruud Lubbers heel zijn politieke carrière achtervolgde. Defensief cricket spelen, noemde die dat zelf. Zorgen dat je verbaal aan de bal blijft, zodat de ander niet kan scoren. Hij was er een meester in.

Als je het schouwspel van een afstandje volgt, begrijp je dat steeds minder mensen vertrouwen hebben in politici en bestuurders. Als je door de groep maatschappelijke leiders steeds vaker met kleinerende of onbegrijpelijke taal wordt aangesproken over zaken die in hun aard gewoon ingewikkeld zijn, mag je verwachten dat je publiek steeds minder moeite doet om de complexiteit te begrijpen – of dat gegeven op z’n minst te accepteren. Jip en Janneketaal aan de ene kant en ambtenarentaal aan de andere kant. Dat lijkt de norm. Maar die norm schiet gigantisch tekort.

Frisse lucht
Kunnen we de huidige verkaveling doorbreken en een perfect bestuurlijk landschap ontwerpen? Nee. Maar het zou mooi zijn als Oppositieland en Bestuursland een deel van hun hardnekkig veroverde territorium afstaan. Aan een minder beklemmend Tussenland – met frisse lucht, een afwisselend landschap en een prettig uitzicht. Een land waar mensen serieus worden genomen, zonder dat zij naar de mond gepraat worden. Waar mensen de grote keuzes durven overlaten aan politici en bestuurders, omdat ze weten dat ze zich niet buitengesloten hoeven te voelen. Waar zwart en wit geen regel, maar uitzondering is. Waar je niet altijd hoeft te winnen of de ander altijd wil laten verliezen: minder wantrouwen, meer vertrouwen. Een land dat meer gaat lijken op het dagelijkse leven dat we ons wensen. Waar politiek en bestuur minder negatieve gevoelens oproepen, omdat ze ook echt begripvoller, duidelijker en menselijker zijn.

Wij wensen onze politici en bestuurders een onsje meer ontspannenheid toe. Meer nuance in stijl en taal zijn belangrijke sleutels om dat te bereiken. Dat klinkt simpel, maar wij weten vanuit de praktijk hoe moeilijk het is, in de huidige politieke cultuur van sociale media en reageerders. Het is al zo vaak geprobeerd, bijvoorbeeld met authenticiteit als toverwoord. Dat uitte zich vooral in filmpjes van politici op de racefiets of met hun kinderen in beeld. Het mag nog een tandje menselijker: een politicus is ook maar een mens, met twijfels en onzekerheden. Geef ons als kiezers de kans om dat in onze volksvertegenwoordigers te herkennen. Net als ons leven bestaat de politiek uit maar weinig zwart-witkeuzes. Het leven zit vol dilemma’s, maar in het politieke debat worden ze te vaak misvormd tot oneigenlijke tegenstellingen.

Boksbal
Maar dan vraagt het ook iets van ons – de Nederlandse kiezer. Het vraagt om iets meer uithoudingsvermogen, geduld en begrip. Want politiek wordt hier niet per se simpeler van. Integendeel, het kan er juist complexer van worden. En het vraagt van ons dat we politici en bestuurders niet alleen maar zien als boksbal voor onze (online) frustraties. Je politieke en bestuurlijke leiders serieus nemen is ook een keuze: voor meer vertrouwen in de goede bedoelingen van anderen. En iets meer begrip voor het feit dat niemand een perfect leven leidt: ook onze politici en bestuurders niet. Een ontspannen politiek landschap kan alleen maar van twee kanten komen.

Natuurlijk weten ook wij dat je nooit iedereen overtuigt met de stijl die je als politicus of bestuurder kiest. Maar toch vraagt deze tijd om een onsje meer moed. Moed om de krampachtige tweedeling los te laten en je in het politieke en bestuurlijke bedrijf meer van je menselijke kant te laten zien. Het vraagt niet om een revolutie of een nieuw politiek stelsel. Geen gekozen formateur en geen afschaffing van de Eerste Kamer. Dat zijn allemaal symptomen. Nee, het vraagt alleen om mensen die in politiek en bestuur anderen benaderen zoals ze zelf graag benaderd willen worden. Eerlijk en echt, duidelijk en begrijpelijk. Niets meer en niets minder.

Kijkcijfers en opiniepeilingen zijn nuttig, maar nooit bedoeld om de politieke cultuur te domineren. Complexe vragen erkennen en benoemen werkt op de lange termijn in onze ogen beter dan het snedige, snelle antwoord dat nog voor het volgende reclameblok op Facebook kan staan. Uitleggen, dilemma’s schetsen, keuzes maken en eerlijk zijn over de ruimte die mensen hebben om er invloed op uit te oefenen. We doen het op de werkvloer, aan de keukentafel, in de opvoeding.

Laten we er dan ook meer ruimte voor nemen in het politieke debat. En sta dan achteraf voor je keuzes, in een taal die niet onjuist versimpelt, maar verduidelijkt en begrijpelijk maakt. Met woorden die niet – bedoeld of onbedoeld – het effect hebben dat alleen technocratische insiders weten waar het over gaat.

Hoopvolle signalen
We zien al voorzichtige tekenen van politici die zich kwetsbaar durven opstellen, dilemma’s durven blootleggen en eerlijk durven toe te geven als ze iets niet weten. Beperken we de blik tot de landelijke politiek, dan valt ons de luistertour van Klaas Dijkhoff onder VVD-leden op: een boeiende exercitie, juist omdat hij het combineert met goedkope proefballonnetjes binnen de Haagse kaasstolp. De nogal radicaal genuanceerde manier waarop Gert-Jan Segers een eigen verhaal houdt en toch het kabinet verdedigt, is er ook zo één.

En in de oppositie toont Lodewijk Asscher met zijn laatste boek zelfreflectie – na een lijsttrekkersstrijd met Diederik Samsom waarin taal en toon stevig waren. Genoeg hoopvolle signalen, maar oude patronen zijn hardnekkig. Het vergt moed om die patronen consequent te doorbreken. Moed van bestuurder, volksvertegenwoordiger en burger. Maar het levert uiteindelijk wel veel op voor onze democratie: politici en bestuurders waarin we onszelf meer gaan herkennen, waar we liever op stemmen en die ons beter vertegenwoordigen. Bij welke partij ze ook horen.

Jan Sonneveld (Byspeech) werkt voor overheden en andere organisaties aan effectief leiderschap met woorden als speechschrijver, adviseur en trainer.

Marcel Bril is strategisch (communicatie) adviseur bij onder meer verschillende overheden en auteur van het boek ‘Door de mist’. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.