of 59345 LinkedIn

Als rotten aan het opruimen slaan

Acht bestuurders vertellen in dit boekje over wat ze deden op het moment dat hun hulp werd ingeroepen in wat wel ‘gedoegemeenten’ worden genoemd.

Acht bestuurders vertellen in dit boekje over wat ze deden op het moment dat hun hulp werd ingeroepen in wat wel ‘gedoegemeenten’ worden genoemd.

Boek recensie: Trouble-shooten in gedoe-gemeenten

Steven de Vreeze vertelt over zijn aanpak in de Oude IJsselstreek; Mirjam van ’t Veld over haar ervaringen in Maarssen; IJzebrand Rijzebol over Delfzijl, Dick de Cloe verhaalt over Maasdriel, Fatma Koser Kaya over haar ervaringen in Wassenaar; Cor Lamers over zijn belevenissen in Schiedam na de affaire Ververs, Rianne Donders over Roermond; en Jos Huizinga wederom over Maasdriel.

Het gaat er om hoe zij als problem-shooters de problemen en conflicten in de betreffende gemeenten hebben aangepakt. Steeds vertellen deze opruimers eerst iets over hun achtergrond en hun carrière voordat ze ingaan op hoe ze het aanpakten in de ‘gedoe’-gemeente’.

Hart luchten
Aan het eind trekken Van Stiphout en Talsma zelf enkele vriendelijke conclusies uit de acht verhalen: volgens hen gaat het om ervaren bestuurders die al veel hebben meegemaakt, van een frisse uitdaging houden en weinig te verliezen hebben. Ze hebben hart voor de gemeente en haar inwoners, luisteren, communiceren en nemen onbevangen waar. Af en toe luchten ze hun hart en ze leren van hun fouten.

Op basis van de verhalen kan je echter ook andere conclusies trekken. Dan moet je wel tussen de regels door lezen. De opruimers trekken zich maar weinig aan van rapporten die er al liggen over het gedoe. Ze lezen die niet eens. Ze komen binnen en gaan dan eerst met alle betrokkenen praten en rondkijken hoe de organisatie in elkaar zit. Dat duurt zo’n twee maanden. Op basis van hun ervaring, kiezen ze dan voor een coalitie die bruikbaar lijkt om steun te verwerven voor waar het naar toe kan gaan.

Slagen missie
Hoewel ze eerst conflicten uit de weg gaan en hun eigen mening nauwelijks geven, komt er uiteindelijk toch onvermijdelijk een fase in het proces waarin ze hun gezag moeten laten gelden. Het is dan maar afhankelijk van de voorliggende problemen en conflicten en of ze de betrokkenen zover gekregen hebben dat die de ernst daarvan inzien, of hun missie slaagt.

Persoonlijk had ik ook graag de mening van andere betrokkenen in al die processen gelezen en gehoord hoe zij over het opruimen denken. Maar al met al geeft dit boekje toch een leuk inkijkje.


Citaat uit het boek: ‘Na vijf gesprekken zie je van alles terugkomen, na tien gesprekken heb je een vrij duidelijk beeld. Na twintig gesprekken heb je een mening.’


‘Gebeld bij bestuurlijke bonje’ door Vincent van Stipdonk en Hester Tjalma, Sdu Den Haag, 2018; 112 pagina’s; ISBN 978 90 12 40224 8; 19,50 euro

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.