of 59345 LinkedIn

Beschermingsbewind niet los te zien van schuldhulp

Mariet Lohman Reageer

Over beschermingsbewind lees je vaak terug dat bewindvoerders malafide zijn. En dat de kosten voor gemeenten, die de bewindvoerders betalen uit de bijzondere bijstand, de pan uit rijzen door de toename aan cliënten. Indammen van instroom lijkt dan de oplossing. Maar dat lukt nauwelijks en levert geen besparing op, omdat mensen dan elders geholpen moeten worden.

Ik denk dat er een  onderliggend probleem is, met een andere oplossing. Het daadwerkelijke probleem is de onbekendheid over wie, waar, wanneer aan de slag gaat met de schulden van de inwoners. Mensen met schulden die onder beschermingsbewind staan, zijn daar vaak gekomen via een verwijzing door de hulpverlening. Zij verwachten nu met bewind  van hun schulden af te  komen. Maar dat is niet zo, blijkt mede uit onderzoek door Bureau Bartels, dat een steekproefonderzoek deed in Rotterdam.

 

De opdracht die de rechtbank de bewindvoerder geeft, is het inkomen en de uitgaven van zijn cliënt bewaken, zodat er rust ontstaat en de vaste lasten betaald worden. Daarvoor zal de bewindvoerder zich allereerst inzetten. De bewindvoerder zal proberen het inkomen omhoog te krijgen, bijvoorbeeld door correcties op toeslagen of beslagleggingen. De bewindvoerder beoordeelt daarna of een (gemeentelijke) schuldregeling haalbaar is en gaat aanmelden als het antwoord positief is. Soms duurt dat proces lang. Terecht of onterecht. En wie is aan zet om dat - inhoudelijk en op tempo - te beoordelen? Degene die onder bewind staat wéét vaak niet eens of de schulden wel of niet zijn aangemeld voor schuldhulpverlening.

 

De bewindvoerders doen hun taak en worden benoemd door de rechtbank. Toch horen gemeenten van inwoners klachten dat de bewindvoerder ‘niks heeft gedaan’. Gemeenten verliezen daardoor hun vertrouwen, omdat ze geen zicht hebben op wat er met het uitgegeven geld gebeurt. En het gaat immers om hele hoge bedragen per gemeente uit armoedegelden, zoals de bijzondere bijstand. Ook bewindvoerders zijn ontevreden, omdat hun werkzaamheden telkens in een kwaad daglicht komen te staan. Misschien hebben ze zelf te veel reclame gemaakt met ‘kom naar ons als u schulden heeft’? De jaarlijkse controle van de rechtbank geeft blijkbaar onvoldoende vertrouwen in de kwaliteit van bewindvoering.

 

Mijn boodschap is: gemeenten, hulpverleners die doorverwijzen, bewindvoerders én rechtbanken, praat met elkaar. Durf uit te spreken dat je elkaar nodig hebt om voor alle cliënten zo snel mogelijk een schuldregeling te treffen. Dit levert zeker winst op! Cliënten zullen zich beter geholpen voelen, eerder weer op eigen benen staan en mogelijk op termijn toekunnen met lichtere ondersteuning. Zorg inzicht te krijgen in wat er gaande is voor inwoners. Gemeenten kunnen een actievere en adviserende rol innemen. Bijvoorbeeld door te regelen dat bewindvoerders snel terecht kunnen bij de gemeentelijke schuldregelingen. Door op de hoogte te zijn op welke termijn bewindvoerders toeleiden naar een schuldhulpverlener óf te gemakkelijk een schuld als ‘onsaneerbaar’ betitelen. Door op dossierniveau met bewindvoerders in gesprek te gaan over hun inzet op dit gebied. Het gaat om samenwerken aan een oplossing vanuit het perspectief van de burger met schulden. In Rotterdam heeft deze werkwijze al succes geboekt.

 

Mariet Lohman, voormalig projectleider ‘regie bewindvoering’, gemeente Rotterdam

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.