of 59345 LinkedIn

Ga samenwerken en moderniseren

Kleine gemeenten kunnen geen medewerkers meer krijgen. Best vreemd. Arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid zijn - behalve bij een flexcontract (zie https://www.binnenlandsbestuur.nl/flexambtenaar) - super goed voor ambtenaren. Volgens kleine gemeenten kunnen zij op basis van haar inwonertal niet zoveel betalen waardoor houtje-touwtje gemeenten ontstaan. Hoewel gemeenten hechten aan zelfstandigheid steken raadsleden de koppen bij elkaar om te herindelen. In werkelijkheid stoppen ze hun koppen in het zand.

De boosdoeners. Voorop de decentralisatie van taken. Uit de klauw lopende zorgkosten doen kleine gemeenten de das om. Tel erbij het gelazer met de WMO en de verwachte gevolgen van de Omgevingswet op. Belangrijker is de verslaving aan zinloze routines en ingeslopen patronen die veranderingen frustreren en duurzame prestaties ondermijnen. Macht, hiërarchie en controlemechanismen doden elk initiatief. Herindelingen wordt als  panacee verkocht met een opeenstapeling van illusies. Zo verwarren verbeterpolitici kennis met dromen en herhaalt zich jarenlang een magische bestuurlijke drukte.

 

Eigen schuld, dikke bult. Door inwoners en bedrijven klant te noemen ontstaat vanzelf een fenomenale druk op de prestaties. Inwoners, bedrijven en gebruikers stellen automatisch hogere eisen aan kwaliteit en betrouwbaarheid van de dienstverlening. Maatwerk en snelheid zijn de kernwoorden. De complexiteit van de samenleving van de laatste 20 jaar spoort allang niet meer met de werkefficiëntie van gemeenten. Gemeenten zijn een bedrijf dat moet nadenken over politieke gevolgen, transparante informatie uitwisseling en verantwoording aan haar inwoners.

 

Dat herindelen de bestuurskracht zou vergroten, de dienstverlening zou verbeteren en de gemeente efficiënter is een meewarige mindset. De samenleving gedraagt zich in netwerken. Gestimuleerd door sociale media zijn mensen de godganselijke dag bezig zich met elkaar te organiseren. Bestuurskracht vandaag de dag wordt bepaald door actief samen optrekken met bewoners-, service- en bedrijvenorganisaties met kennis van zaken.

 

Dan ontstaat de paradox. In sociale netwerken beginnen dagelijks nieuwe initiatieven. Veel initiatieven hebben sociaal-maatschappelijke, ruimtelijk-fysieke en economische gevolgen. Bovendien gaan ze met de snelheid van het “internet-licht”. Daar heeft de gemeente gelijk mee van doen. Ze is immers slechts één partner in het digitaal gestuurde netwerk. Dan wordt bij kleine gemeenten het éénpitterprobleem te berde gebracht. Als de medewerker vrij of ziek is dan ligt de fabriek stil.

 

Een logisch klinkend misverstand want de fabriek lag al stil. In de 20e eeuwse organisaties beschikken medewerkers niet over de competenties die nodig zijn. In onze netwerkmaatschappij zijn ambtenaren nodig die de inhoud en het proces beheersen. Intussen heeft de buurgemeente hetzelfde probleem en meestal dezelfde belangen. Hoe moeilijk kan het zijn om de broodnodige transitie op korte termijn samen tot gemeentelijke specialisatie te komen. Zo investeert bijvoorbeeld de ene gemeente in kwaliteitsmedewerkers economie en de andere in welzijn. Tegelijkertijd kan in beider huizen worden geïnvesteerd in netwerkregisseurs.

 

Nu nog het politieke spookbeeld uitbannen hoe als kleine gemeente een vuist te maken bij zogenaamde “grote thema’s”. Met beleidsgespecialiseerde ambtenaren in huis kan dit vraagstuk samen met de buurgemeenten worden getackeld. Samenwerken is met de huidige informatie- en communicatietechnologie een eitje. Privé doen we niet anders. Nu over de samenwerking nog een juridische sausje gieten en klaar is Kees. Zo zijn en de bestuurskracht en de prestaties vergroot door te gaan werken zoals de samenleving allang werkt. En als bijvangst wordt een duur nieuw gemeentehuis uitgespaard.

 

Piet van Mourik

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.