of 59250 LinkedIn

Wie niet meewerkt die verliest vertrouwen

In de clinch is een rubriek waarin jurist/columnist Michel Knapen actuele zaken in het ambtenarenrecht belicht.

Een senior medewerker van de gemeente Den Haag krijgt een slechte beoordeling, waarop een conflict met zijn leidinggevende volgt. Het college probeert hem te herplaatsen, zelfs mediation wordt ingezet. Waarom wordt de man alsnog ontslagen?

In de clinch is een rubriek waarin jurist/columnist Michel Knapen actuele zaken in het ambtenarenrecht belicht. 

Als Bernard Levenburg*, senior medewerker bij de gemeente Den Haag, een slechte beoordeling krijgt, volgt een conflict met zijn leidinggevende. Het college vindt dat de impasse moet worden doorbroken met mediation, met als doel herplaatsing van Levenburg op een andere afdeling. Zo geschiedde, maar op die nieuwe afdeling gaat het nauwelijks beter. Zijn nieuwe leidinggevende spreekt Levenburg aan op onbetrouwbaarheid, omdat hij regelmatig niet komt opdagen. Bij een gesprek hierover loopt Levenburg boos weg.

Later constateert het UWV dat Levenburg best terug kan naar zijn eerste afdeling. Hij krijgt te horen dat hij daar een nieuwe leidinggevende krijgt – van dat gesprek maakt Levenburg heimelijk geluidsopnamen. In een volgend gesprek wordt Levenburg verteld welke werkzaamheden hij moet gaan verrichten. Levenburg laat weten dat hij daarover geen beslissing kan nemen; hij wil de precieze werkomschrijving op papier hebben, zodat hij dit kan bespreken met zijn juridisch adviseur. Dan pakt het college door: Levenburg móet nu aan de slag op zijn oorspronkelijke afdeling. Zo niet, dan worden disciplinaire maatregelen overwogen, waaronder strafontslag.

Het blijft vooralsnog bij een berisping omdat Levenburg zich structureel onttrekt aan afspraken en opgedragen taken en zich niet gedraagt zoals van een ambtenaar mag worden verwacht. Snel daarna geeft de mediator zijn opdracht terug. Voor Levenburg gaat het van kwaad tot erger. Er volgt een schorsing vanwege schending van de geheimhoudingsplicht, en uiteindelijk – vanwege een ernstig verstoorde arbeidsrelatie – eervol ontslag. Levenburg houdt aanspraak op een aanvullende en na-wettelijke uitkering.

De rechtbank Den Haag bevestigt dat. Het college heeft serieuze pogingen gedaan om te komen tot een vruchtbare samenwerking met Levenburg. Alle pogingen zijn mislukt, vooral door de onbuigzame en niet-coöperatieve houding van Levenburg. Desondanks vecht hij het ontslag aan bij de Centrale Raad van Beroep. Het is vaste rechtspraak dat een ontslag redelijk is bij een verstoorde arbeidsverhouding en als voortzetting van het dienstverband in redelijkheid niet van het college kan worden verlangd. Zeker als herplaatsing elders binnen de gemeente niet mogelijk is of dat van verdere inspanningen daartoe geen resultaat te verwachten is. Daarvan was hier sprake.

De schuld lag bij Levenburg: hij had zelf verzocht om te mogen terugkeren naar zijn eigen afdeling. Zeker toen er een nieuwe leidinggevende kwam, had Levenburg zich cooperatief moeten opstellen zodat deze tweede poging kon slagen. Maar de senior medewerker deed het tegenovergestelde. Eisen dat zijn dienstopdracht op schrift moest worden gesteld was niet redelijk en dreef het langdurig conflict nodeloos op de spits.

Waarschijnlijk is Levenburg ook debet aan de mislukte mediation, omdat hij een geheimhoudingsplicht over die bemiddeling schond. Hij verspreidde ook advocatendeclaraties, waarover hij in zijn functie niet eens mocht beschikken. Daarmee was het laatste restje vertrouwen verspeeld.

Conflicten met drie leidinggevenden, mislukte plaatsingen op twee afdelingen, de mediation die faalde – van doormodderen was geen resultaat meer te verwachten. De vertrouwensbreuk was te diep. Omdat het college geen overwegend aandeel had in het conflict, was het ontslag terecht. Levenburg maakte de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep op 3 mei 2018 niet meer mee. Hij overleed in maart 2016.

* De naam is gefingeerd.
ECLI:NL:CRVB:2018:1329

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.