of 61869 LinkedIn

Wethouder tevredener over eigen rol dan raadslid

Raadsleden zijn maar matig tevreden over de manier waarop zij zelf hun vertegenwoordigende rol vervullen. Bij wethouders en burgemeesters is de tevredenheid over de eigen vertegenwoordigende rol duidelijk groter. Dat blijkt uit de Basismonitor Politieke Ambtsdragers 2019 (BPA).

Raadsleden zijn maar matig tevreden over de manier waarop zij zelf hun vertegenwoordigende rol vervullen. Bij wethouders en burgemeesters is de tevredenheid over de eigen vertegenwoordigende rol duidelijk groter. Dat blijkt uit de Basismonitor Politieke Ambtsdragers 2019 (BPA).

Deskundigheid belangrijk
Een vergelijking tussen BPA en het Lokaal Kiezersonderzoek 2018 laat zien dat zowel lokale ambtsdragers als inwoners het belangrijk vinden dat de ambtsdragers deskundig zijn, zich inzetten voor het gemeentelijk belang (in plaats van deelbelangen) en de democratische kwaliteit van de besluitvorming borgen. Tegelijkertijd vinden ambtsdragers én inwoners het minder belangrijk dat ambtsdragers qua persoonlijke achtergronden een goede afspiegeling zijn van de bevolking en staan voor de opvattingen van (de kiezers van) hun partij. 

Vier stijlen van politieke representatie
Bas Denters, hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Twente, onderzocht het oordeel van lokale ambtsdragers over de kwaliteit van de vertegenwoordiging in de lokale democratie. Hij onderscheidt daarbij vier stijlen/mechanismen van politieke representatie: afspiegelingsmodel, vertrouwensmodel, responsiviteitsmodel en partijenmodel. Bij de eerste gaat het om een afspiegeling van de bevolking zijn, bijvoorbeeld naar geslacht en opleiding. Bij het vertrouwensmodel is de vertegenwoordiger een vertrouwenspersoon namens de inwoners, met oog voor de lange termijn en het algemeen belang. In het responsiviteitsmodel onderhoudt de vertegenwoordiger nauw contact met inwoners en lokale organisaties en houd zoveel mogelijk rekening met hun opvattingen en wensen. In het partijenmodel vertolkt de vertegenwoordiger vooral het partijgeluid en probeert het partijprogramma te realiseren.

Matig tevreden over afspiegeling
Over de afspiegeling van de gemeenteraden ten opzichte van de bevolking zijn raadsleden zelf maar matig tevreden. De tevredenheid onder raadsleden blijkt net wat hoger dan onder kiesgerechtigde inwoners. Dat verschil is het grootst bij de man-vrouw verhouding: raadsleden (6,4) zijn over de afspiegeling naar geslacht duidelijk meer tevreden dan de inwoners (5,2). Bij de twee andere vormen van afspiegeling (leeftijd en opleiding) is dat verschil minder groot. Ook onder de collegeleden is de tevredenheid over de collegesamenstelling naar geslacht, leeftijd en opleiding matig. Burgemeesters zijn over dit aspect van de collegesamenstelling net iets minder positief dan onder wethouders. Aan de inwoners is geen vraag gesteld over hun tevredenheid met die representativiteit van het college.

Gemiddelde tevredenheid van raadsleden (N=1011) en inwoners (N=1412) over representativiteit van de gemeenteraad; score op schaal 0-10, score 5 (rode lijn) = tevreden, noch ontevreden (Bron: BPA 2019)
Afbeelding

Gemiddelde tevredenheid van wethouders (N=232) en burgemeesters (N=106) over de representativiteit van het college van B&W; score op schaal 0-10, score 5 (rode lijn) = tevreden, noch ontevreden (Bron: BPA 2019)
Afbeelding

Stem inwoner serieus nemen
Over de hele linie blijken raadsleden maar matig tevreden over hoe zij zelf hun vertegenwoordigende rol vervullen. Bij wethouders en burgemeesters is de tevredenheid over hun vertegenwoordigende rol duidelijk groter. Bij het invullen van hun vertegenwoordigende rol vinden raads- en collegeleden wel dezelfde aandachtspunten van belang, zoals dat men zich ervoor inzet dat inwoners hun stem kunnen laten horen en die stem in besluitvorming serieus wordt genomen. Ook vinden zij belangrijk dat ambtsdragers deskundig zijn, beslissen op basis van argumenten en handelen in het gemeentelijk belang. Minder belangrijk vinden zij dat het bestuur in de personele samenstelling een getrouwe afspiegeling is van de bevolking. Ook hechten ambtsdragers weinig belang aan het vertegenwoordigen van de standpunten van de eigen partij. Vergeleken met het Lokaal Kiezersonderzoek 2018 blijkt dat lokale politieke ambtsdragers en inwoners het in belangrijke mate eens zijn over het relatieve belang van die criteria voor de beoordeling van de kwaliteit van de politieke representatie.

Afspiegeling bevolking minder belangrijk
Een belangrijke conclusie is dat of gemeenteraden en colleges een afspiegeling zijn van de bevolking noch in de ogen van de inwoners noch onder de ambtsdragers van groot gewicht is. Dat is opmerkelijk gezien de vaak verhitte discussies over ‘descriptieve representatie’, zoals discussies over genderquota en de ‘diplomademocratie’, merkt Denters op. Of er een goed functionerende partijendemocratie is heeft ook hoogstens beperkt invloed op het eindoordeel. Denters schrijft dat dit mogelijk wijst op het kennelijk minder gepolitiseerde karakter van de lokale politiek. Daartegenover staat weer dat de criteria van het vertrouwensmodel en het responsiviteitsmodel voor alle vier groepen in de oordeelsvorming zwaar meewegen. Voor raadsleden weegt het responsiviteitsmodel net wat zwaarder dan bij de andere respondenten. Ook valt op dat meer nog dan bij de anderen bij burgemeesters de criteria van het vertrouwensmodel van belang zijn.

Gemeentebelang staat voorop
Een focus op het belang van de gemeente is voor raadsleden en collegeleden dus een belangrijk uitgangspunt bij het vervullen van hun vertegenwoordigende rol. Bij collegeleden is dat nog wat meer het geval dan bij de raadsleden. Toch komen lokale politieke ambtsdragers ook regelmatig op voor bepaalde groepen in de lokale samenleving. De ambtsdragers zijn relatief tevreden over de mate waarin wordt opgekomen voor opvattingen en belangen van ondernemers, inzet voor dorpen en buurten en de inspanningen voor oudere inwoners. Minder content zijn raads- en collegeleden over de vertegenwoordiging van ‘afhakers’ (mensen die niet meer politiek actief zijn), maar ook over de inzet voor culturele minderheden en voor mensen met een relatief lage opleiding.

Gemiddelde tevredenheid van raadsleden (N=889), wethouders (N=220) en burgemeesters (N=102) over de inzet van raad en college voor diverse groepen uit de plaatselijke bevolking; score op schaal 0-10, score 5 (rode lijn) = tevreden, noch ontevreden (Bron: BPA 2019)

Verstuur dit artikel naar Google+

GERELATEERDE ARTIKELEN

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Spijker (n.v.t.) op
Raadsleden moeten kunnen loslaten en op hoofdlijnen sturen. Het is op dit moment (Coronatijd) vooral een bijzondere taak van de Griffie om voldoende feeling met de raadsleden te houden en/of te realiseren. Parttime banen creëren voor raadsleden is kul.
Door pierre (ambt) op
Zo verwonderlijk is dat niet. Raadsleden komen vaak te laat erachter dat ze teveel bevoegdheden bij de burgemeester en wethouders neerleggen. En dan van de zijkant moeten toekijken hoe het allemaal wordt ingevuld. Ze beseffen blijkbaar niet dat ze zelf het hoogste orgaan zijn en kunnen bepalen. gezien de uren die een Raadslid er insteekt zouden dit meer parttime banen moeten worden zodat ze nog meer bij de inhoud zijn betrokken en meer voldoening krijgen van HUN beleid