of 62688 LinkedIn

‘Bij vrouwen moet je erachteraan bellen’

Foto: Martijn Beekman
Foto: Martijn Beekman

Haar hele carrière in het openbaar bestuur was staatssecretaris Economische Zaken en Klimaat Mona Keijzer (CDA) tegen een vrouwenquotum. Tot ze vijftig werd en eens om zich heen keek. ‘Blijkbaar zitten er fouten in ons systeem waardoor vrouwen niet doorgroeien. Dat moet veranderen.’ 

Wie de brede trappen van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft bestegen, komt uit bij een wand met foto’s van alle voormalige ministers en staatssecretarissen. Inderdaad, een mannenbolwerk. De eerste vrouwelijke staatssecretaris (Van Rooy) kwam pas in 1986, de eerste vrouwelijke minister in 1998 (Jorritsma). De laatste (eigenlijk van LNV) was Gerda Verburg, tot 2010. Staatssecretaris Mona Keijzer zetelt in een bescheiden kamer zonder poeha. ‘Dit was eigenlijk de spreekkamer van de minister.’


Waar komt uw betrokkenheid bij vrouwen in het openbaar bestuur vandaan?
‘Van 1994 tot 2012 was ik actief in de gemeentepolitiek als raadslid, wethouder en bestuurder in het hoogheemraadschap. Ik was 25 jaar toen ik raadslid werd en niet bezig met vrouwen in de politiek. Twee jaar geleden werd ik vijftig. Ik keek om me heen en vroeg me af: waar zijn al die vrouwen gebleven van school, van de studie, uit de raad? Ze waren er niet meer. Hoe kon dat? Ik was altijd geïnteresseerd in het inzetten van talent in de samenleving, dus wist wel: het zit in onze culturele systemen, onuitgesproken overtuigingen, de vergadermores op gemeentelijk niveau, in de stappen die je moet zetten in de corporate cultuur. Ik concludeerde: het gaat niet vanzelf. Blijkbaar zitten er fouten in ons systeem, waardoor vrouwen niet doorgroeien, terwijl uit onderzoek blijkt dat bedrijven beter presteren als er meer vrouwen werken en zij meer divers worden. En dat maakt ons land ook welvarender. Dit gaat niet goed en het gaat ook niet vanzelf goed. Toen ik begon, was ik “de jonge vrouw in de politiek”. De tijd lost het probleem dus niet op. In het lokale bestuur is de aanwezigheid van vrouwen zo belangrijk, want wethouders en raadsleden geven vorm aan de samenleving in onze leefomgeving. En nog steeds zijn zij er nog niet overal.’

Uit onderzoek van Binnenlands Bestuur blijkt dat de helft van de tien grootste gemeenten, waaronder Rotterdam en Eindhoven, nooit een vrouwelijke burgemeester heeft gehad. Tien gemeenten hadden zelfs nooit een vrouwelijke wethouder. Hoe verklaart u dat?
‘Als gemeenteraadslid gaat het zo: je bent met twee personen en kleine kinderen. Je komt thuis na het werk en dan moet je om half acht bij de raadsvergadering zijn. Dat is bijna niet te doen. Complicerende factor is dat er nog lang geen evenredige verdeling is. In de colleges en ambtelijke ondersteuning is het een mannenwereld. Dat moet veranderen. Iedereen onderschrijft dat, maar het gebeurt niet. Voor ons topsectorenbeleid hebben we negen boegbeelden. Toen ik binnenkwam was één van hen vrouw. Ik zei: wat krijgen we nou? Dit kan toch niet? Toen zijn we op pad gegaan en nu is de helft vrouw. In de adviescommissies voor financieringsinstrumenten bleek 10 procent vrouw. Dat is nu één op de drie. Waarom is dit zo belangrijk? Omdat je selecteert wat op je lijkt. Uit onderzoek naar startende bedrijven blijkt dat bijna alle startende bedrijven die een investering vonden om door te groeien werden geleid door mannen: 98 procent! Er zijn zo veel goede bedrijven die worden geleid door vrouwen. Hier geldt weer: je selecteert wat op je lijkt. We moeten die systemen veranderen, zodat je geen economische kansen mist of alleen selecteert op wat je denkt dat goed is.’

Waarom was u vroeger dan tegen een vrouwenquotum?
‘Vroeger dacht ik: kom op, je bent jong en je wilt wat. Je hebt een goede opleiding, bent energiek, ik ga ervoor, ik kom er wel. Mij lukte het, maar niet iedereen. Te weinig in ieder geval. Nu ben ik om. Dit moet echt veranderen. Diversiteit is beter voor de samenleving. Ik ben nu vooral gericht op de verhouding man-vrouw, maar hetzelfde geldt natuurlijk ook voor culturele diversiteit.’

Vergt dat een cultuurverandering?
‘Ja, als een man tien functie-eisen ziet, zegt hij: dat kan ik wel. Een vrouw denkt aan drie van de tien eisen voldoe ik niet: ik ben dus niet geschikt. Ik heb het zelf meegemaakt. Er was hier een fantastische vrouw voor een functie, maar ze twijfelde en wilde tijd om na te denken. Vrouwen zijn terughoudend. Ja, dat is aangeleerd gedrag. Maar wij belden erachteraan. En dat helpt. In bemensing, selectie, het hele proces: alleen een advertentie werkt niet, je moet erachteraan bellen. Daarbij moeten vrouwen ook zelf naar voren stappen. Het ergste dat je kunt overkomen is dat je niet wordt geselecteerd.’

Amsterdam en Utrecht hebben een vrouwelijke burgemeester. Er is een vrouwelijke vicepremier. Hoe belangrijk is een eerste vrouwelijke premier voor Nederland?
‘Dat wordt weleens tijd. Absoluut. Bij mij is het een beetje een gewetensvraag, want Hugo de Jonge is geboren als jongetje... Maar uiteindelijk moet dat gebeuren. Hier geldt ook: you can’t be what you can’t see. Ik realiseer mij pas sinds kort dat ik ook een voorbeeldfunctie heb. Op bijeenkomsten met vrouwelijke ondernemers vragen zij mij altijd: hoe heb jij dat gedaan? Dat blijkt voor veel vrouwen een inspiratie: “als zij het kan, kan ik het ook.” Dat geldt voor alle functies, ook leidinggevende.’

Lees het volledige interview met Mona Keijzer in Binnenlands Bestuur nr. 23 van deze week

Verstuur dit artikel naar Google+

GERELATEERDE ARTIKELEN

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Pierre (beleidsmedewerker) op
Selecteer op kwaliteit en niet op sekse. De beste man/vrouw.
Door Carol Stel op
Goed lezen, meneer de Bont. Het gaat om de eerste vrouwelijke Minister van ECONOMISCHE ZAKEN.
Door JGAM de Bont (Directeur) op
De eerste vrouwelijke minister was niet mevr. Jorritsma zoals in het artikel is aangegeven maar mevr, Marga Klompé als minister minister van Maatschappelijk Werk vanaf 1956.Nota bene van dezelfde partij (KVP) als mevr. Mona Keijzer. Dus 42 jaar eerder dan mevr. Jorritsma !!
Door David Röben (KCC) op
Ik zeg: minimaal 40%, maximaal 60% mannen, kijk hoe goed ze het doen in IJsland...