of 59244 LinkedIn

Bezwaar Dalhuisen tegen waterschap toegewezen

Helemaal overtuigd van de noodzaak om de ontslagen topambtenaar Gerard Dalhuisen 44 duizend euro na te betalen, lijkt het dagelijks bestuur van het waterschap Vallei en Veluwe niet, maar toch heeft het dat voorgesteld aan het algemeen bestuur. Die stemde er gisteren unaniem mee in.

Hoewel het dagelijks bestuur van waterschap Vallei en Veluwe niet echt overtuigd lijkt van de noodzaak heeft het toch voorgesteld aan het algemeen bestuur om de ontslagen topambtenaar Gerard Dalhuisen 44 duizend euro na te betalen. Die stemde daar gisteren unaniem mee in.

Ontvankelijk en gegrond
Daarmee verklaart het waterschapsbestuur het bezwaar dat de voormalige secretaris-directeur had ingediend bij de Bezwarencommissie personele aangelegenheden ontvankelijk en gegrond. Vooral omdat het de ontslagzaak, naar eigen zeggen, goed wil afhandelen en daarbij gehouden is aan de Wet Normering Topinkomens (WNT) en de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 29 juni 2018.

'Geen eensluidend beeld'
Het waterschap had de aanvullende ontslagvergoeding uitbetaald in september 2018 en schrijft in het voorstel aan het algemeen bestuur dat ‘hier nu discussie over is ontstaan en er geen eenduidige jurisprudentie blijkt te zijn in vergelijkbare kwesties’. ‘Onduidelijk is daarmee wie in welke mate gelijk heeft.’ Volgens het waterschap is er discussie over zowel de ontvankelijkheid (is het bezwaar op tijd ingediend) als de gegrondheid (inhoudelijke argumenten). ‘Over beide aspecten is geen eensluidend beeld te krijgen.’

Geen welles-nietesgesprek
Het dagelijks bestuur wil niet dat de kwestie van de ontvankelijkheid het eindoordeel mag bepalen. Daarmee accepteert het de ontvankelijkheid van het bezwaar en op inhoud beoordeelt dient te worden. ‘Voor wat betreft de inhoud wil het waterschap niet langer in een welles-nietesgesprek blijven en de zaak binnen de mogelijkheden goed afhandelen en stelt voor het advies van de Bezwarencommissie doorslaggevend te laten zijn en te betalen.’

Uitleg Bezwarencommissie
In een bijgevoegde tijdlijn stelt het dagelijks bestuur dat hoger beroep is ingesteld op de uitspraak van de rechtbank, maar deze niet is doorgezet. Daarna is het geschil ontstaan over de uitleg van het dictum van de uitspraak en heeft Dalhuisen op drie momenten verzoeken en bezwaren ingediend. Die zijn half februari behandeld door de Bezwarencommissie tijdens een hoorzitting. Op basis daarvan adviseert de commissie het bezwaar gegrond te verklaren. De commissie oordeelt dat het bezwaar ontvankelijk is, omdat het waterschap in augustus eerst een voorgenomen besluit naar Dalhuisen stuurde en daarna weigerde de aanvullende vergoeding anders te berekenen, na een verzoek daartoe van Dalhuisen. Tegen die weigering diende Dalhuisen tijdig een bezwaar in.

Drie argumenten
Inhoudelijk wijst de commissie erop dat gezien de wijze waarop de Centrale Raad van Beroep (CRvB) tot de formule voor een aanvullende ontslagvergoeding is gekomen de beloningscomponent ‘extensief’ moet worden uitgelegd. Verder kan het niet de bedoeling zijn dat het niet betrekken van het Individuele Keuze Budget bij de berekening van de verschuldigde ontslagvergoeding ertoe leidt dat deze bij de sector Waterschappen lager is dan bij andere overheden.Tot slot is het inconsistent om voor de berekening van deze aanvullende ontslagvergoeding een andere berekeningsgrondslag te hanteren dan voor de berekening van een transitietoeslag, zeker als die berekeningsgrondslag minder ruim is.

Advies commissie doorslaggevend
Het dagelijks bestuur besloot dit onderbouwde advies niet zonder meer op te volgen, maar vroeg nader advies aan zijn raadsman en aan landsadvocaat Pels Rijcken. Daaruit zou blijken dat geen eenduidige uitspraak te doen is op basis van de rechtspraak van de CRvB of toelagen mee moeten worden genomen bij de berekening van het bruto maandloon. Volgens het waterschap zouden er vanuit 'enkel juridisch perspectief' zelfs meer argumenten tegen dan voor pleiten. Niettemin laat het waterschap het advies van de commissie doorslaggevend zijn.

Mogelijk eis tot terugvordering
Tot slot schrijft het dagelijks bestuur dat de ontslagvergoeding na een rechterlijke uitspraak formeel losstaat van het salarisplafond van de WNT. Daarom gaat het ervan uit dat met het besluit binnen de grenzen van de WNT wordt gehandeld. ‘De externe accountant zal in de jaarrekening over 2019 hierover een uitspraak doen. Hiermee wordt een zeker risico genomen en dit kan bij overtreding van de WNT leiden tot een sanctie en eis tot terugvordering.’

Onzin
Volgens algemeen bestuurslid en oud-rechter Aart van Malenstein (PvdA) rammelt het voorstel van het dagelijks bestuur aan alle kanten. Hij wees tijdens de vergadering op de zin over de terugvordering en zei dat hij in zijn loopbaan veel onzinnigheden was tegengekomen, maar die zin toch wel alles sloeg. Voor het algemeen bestuur het voorstel van het dagelijks bestuur unaniem aannam, wilde dijkgraaf Tanja Klip nog wel even reageren op Van Malenstein: ‘De accountant heeft de wettelijke plicht om de WNT-toets uit te voeren en dat doet hij dus.’

Verstuur dit artikel naar Google+

GERELATEERDE ARTIKELEN

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.