of 60831 LinkedIn

Advocaatkosten zelf betalen na berisping

'In de clinch' is een rubriek waarin jurist/columnist Michel Knapen actuele zaken in het ambtenarenrecht belicht.

Een Amsterdamse ambtenaar kreeg een schriftelijke berisping opgelegd. Hij nam een advocaat in de arm om dat aan te vechten. Nadat het college de sanctie had ingetrokken, wilde de man zijn advocaatkosten vergoed zien. Moet het college betalen? 

'In de clinch' is een rubriek waarin jurist/columnist Michel Knapen actuele zaken in het ambtenarenrecht belicht. 


Als de Amsterdamse ambtenaar René Laakveld* in maart 2017 voor drie maanden, gedurende drie dagen in de week, in een team gaat werken dat direct onder een van de wethouders valt, houdt hij dat niet lang vol. Na drie weken meldt hij zich ziek, en stuurt zijn leidinggevende, de wethouder en haar stafmedewerkers een mail dat hij dit niet langer wil. Hij stopt er ‘definitief’ mee. Het college vat dit op als werkweigering, en maakt het voornemen kenbaar om Laakveld wegens plichtsverzuim een schriftelijke berisping op te leggen.

Laakveld schakelt een advocaat in. Die stuurt een brief naar het college waarin staat dat het nooit de bedoeling van Laakveld is geweest om kwalijk te handelen of zijn leidinggevende in verlegenheid te brengen. Laakveld lijdt aan ‘een gevoel van wanhoop en machteloosheid’. De laatste maanden zijn voor hem emotioneel heel zwaar geweest. De bedrijfsarts had al geoordeeld dat er sprake is van een ‘kwetsbare evenwichtssituatie’ en had geadviseerd een psycholoog te raadplegen. Tegen die achtergrond moet het abrupte mailtje van Laakveld worden gelezen. De advocaat verzoekt het college af te zien van de disciplinaire maatregel.

Het college stemt daarmee in. Laakveld tevreden – maar hij heeft inmiddels wél advocaatkosten gemaakt. De advocaat vraagt namens Laakveld of het college alle declaraties (ruim 2.500 euro) wil vergoeden, uit coulance: 1.210 euro voor het aanvechten van de disciplinaire maatregel, 1.250 euro voor het verzoekschrift tot schadevergoeding en dan is er nog de eigen bijdrage voor de psycholoog (192 euro).

Als het college dit afwijst, stapt Laakveld naar de rechtbank Amsterdam. Die stelt dat het college op verkeerde gronden is uitgegaan van de werkweigering en heeft nagelaten eerder zorgvuldig te kijken naar Laakvelds situatie. Het college had kunnen weten waarom Laakveld toen dat mailtje stuurde, want uit zijn dossier blijkt dat hij meerdere keren heeft aangegeven dat hij niet op de juiste plek zat – informatie die door B&W werd genegeerd. Het college handelde onrechtmatig door Laakveld meteen een disciplinaire straf voor te houden. Het college kan de portemonnee trekken.

Het college vindt dat niet terecht en zoekt het hoger op. De Centrale Raad van Beroep leest in het Besluit proceskosten bestuursrecht nergens dat de kosten die een belanghebbende maakt in de fase voorafgaand aan de bezwaarprocedure moeten worden vergoed. De wetgever heeft dat, zo blijkt uit de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel Kosten bestuurlijke voorprocedures, bewust niet willen regelen. Dergelijke kosten zijn voor rekening van de belanghebbende zelf.

Ook beschouwt de Raad in zijn uitspraak van 11 november 2019 het voornemen om de berisping op te leggen niet als onrechtmatig. Laakveld had immers zijn werkzaamheden rauwelijks, zonder enig overleg en afstemming vooraf, beëindigd. Dat hij al eerder had aangegeven niet langer te willen werken onder de wethouder vormt geen rechtvaardiging voor deze handelwijze. Dat het college van de berisping afzag, komt niet doordat het inzag dat de ingeslagen weg niet juist was, maar uit coulance. Bovendien, de voorgenomen schriftelijke berisping is de lichtste straf die het college bij plichtsverzuim kan opleggen. Wie daarvoor een advocaat inschakelt, moet de rekening zelf maar betalen.

* De naam is gefingeerd.
ECLI:NL:CRVB:2019:3532

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.