of 59130 LinkedIn

Tegenspreken van baas is een deugd

‘Je bent onder het volk de enige die het zó ziet.’ ‘De rest ziet het net zo. Men houdt alleen zijn mond vanwege u.’ De klassiek dialoog tussen de wrede alleenheerser Kreon en zijn rebelse maar moedige aanstaande schoondochter Antigone, vormt de kern van het vraagstuk van tegenspraak tussen vorst en volgelingen, bestuurder en bestuurden.

‘Je bent onder het volk de enige die het zó ziet.’ ‘De rest ziet het net zo. Men houdt alleen zijn mond vanwege u.’ De klassiek dialoog tussen de wrede alleenheerser Kreon en zijn rebelse maar moedige aanstaande schoondochter Antigone, vormt de kern van het vraagstuk van tegenspraak tussen vorst en volgelingen, bestuurder en bestuurden.

De ambtenaar als adviseur

In Sofokles’ drama loopt dat niet goed af, Kreon laat Antigone straffen, zijn zoon keert zich vervolgens tegen zijn vader en uiteindelijk blijft deze alleen en volkomen verward achter. Had hij beter moeten luisteren naar zijn raadgevers, die wel de moed hadden (tegen) te spreken?

Speaking truth to power’ is het centrale onderwerp van de bespiegelingen van Mark Frequin die zelf al dertig jaar als departementsambtenaar politici adviseert. Deels uit de eerste hand, deels van horen zeggen haalt hij dialogen en cases aan over het samenspel van ambtenaren en politici. Ten dele zijn dat herkenbare patronen, over het belang als ambtenaar breed te adviseren in plaats van alleen voorkeursopties te geven die goed bij de minister liggen. Of over de moed niet met bewindspersonen mee te papegaaien wanneer die – soms gewoon terecht – een slechte pers krijgen. Het zijn veilige, abstracte voorbeelden, maar je kunt misschien ook niet van een schrijver die nog werkzaam is verwachten dat hij echte mislukkingen deelt, waar hij beter had moeten adviseren en meer tegenspraak had moeten bieden.

Zover dus geen verrassend boekje. Iets meer kleur bekent Frequin over het delicate adviseursvak als hij schetsjes geeft van het soms moeizame samenwerken van ambtenaren met ministers. Voor de veel vragende Den Uyl was bij ambtenaren respect, Van Agt was relaxed maar werd niet bewonderd, Lubbers maakte ambtenaren onzeker door zijn dossierkennis, Koks slechte humeur joeg menigeen schrik aan en ‘aan Balkenende had je niets omdat hij niet gezien werd als de echte baas die zaken kon afdwingen, geen vergaderingen kon voorzitten en vaak geïrriteerd raakte’ – en zo meer.

Graag had ik gezien dat Frequin een paar cases tot het bot fileerde, analyseerde en annoteerde wat nu de crux was in de kracht van- of het ontbreken van tegenspraak. Waar en hoe brachten ambtenaren ministers echt tot andere gedachten? Hoe verloopt het argumentatieproces dan? Wanneer misten ex-bewindspersonen echte tegenspraak? Hadden ambtenaren van Halbe Zijlstra zelf moeten checken of hij bij Poetin in de datsja zat voordat ze dit voor waar hielden en als steunzender fungeerden? Je zou het denken.


Citaat uit het boek:
‘Inleven in de minister is een kunst die je als ambtenaar moet beheersen’


Tegenspraak graag. Geen pantser maar ruggengraat, Mark Frequin, SDU Uitgevers 2017; 14,50 euro.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.