of 59123 LinkedIn

Honkvast en toch flex

Flexwerk : De moderne ambtenaar wil graag meer mobiliteit in zijn of haar werk. Dat mag zowel in of buiten de eigen organisatie zijn. Een serie over de opmars van flexplekken, flexpools en flexwerken.

De gemeente Amsterdam telt 3.600 flexwerkers, werkzaam op meerdere afdelingen. Goed voor de ontwikkeling van de ambtenaren, goed voor de hele organisatie. ‘Ik ben eigenlijk een zzp’er binnen de gemeente, maar dan met een vast contract.’

Zelfsturende ambtenaren brengen dynamiek in organisatie

Flexwerk
De moderne ambtenaar wil graag meer mobiliteit in zijn of haar werk. Dat mag zowel in of buiten de eigen organisatie zijn. Een serie over de opmars van flexplekken, flexpools en flexwerken.

Riske Akkerman heeft weleens vier petten op één dag opgehad. Als strategisch communicatieadviseur uit de ‘communicatiepool’ van de gemeente Amsterdam is ze bij diverse en uiteenlopende projecten betrokken (geweest), zoals het gemeentelijke innovatieteam en de herpositionering van de Stadsbank van Lening. Daar kunnen Amsterdammers die krap bij kas zitten waardevolle spullen belenen. ‘De stadsbank bestaat al meer dan 400 jaar en er wordt vaak gezegd dat het niet meer van deze tijd is. Maar de stadsbank heeft wel degelijk nog steeds een functie: de bank biedt een alternatief voor mensen die anders gedwongen zijn nieuwe schulden aan te gaan of bij duurdere commerciële partijen terecht moeten.’

Aldus de communicatieadviseur Riske Akkerman (43) over het nut van het gemeentelijke ‘pandhuis’. Nu houdt ze zich onder meer bezig met de ‘Sprong over het IJ’, een uitgebreid maatregelenpakket om de twee IJ-oevers beter met elkaar te verbinden en het toenemende fiets- en voetgangersverkeer over het IJ op te vangen. Het ‘constante schakelen’ tussen verschillende projecten vindt Akkerman erg prettig. ‘Ik moet worden uitgedaagd, anders heb ik het idee dat ik vastroest.

Mijn huidige werk is heel divers en nooit saai. Het ene moment ben ik bezig met een sociaal probleem en even later met een fysiek project als een brug.’ Sinds 2015 maakt ze deel uit van de gemeentelijke communicatiepool (25 fte) en wordt ze telkens gevraagd voor tijdelijke programma’s en projecten. Doorgaans duren die klussen zo’n drie tot zes maanden. Akkerman: ‘Ik mag zelf mijn werktijden bepalen en werken waar ik wil, er is vanuit de leiding veel vertrouwen. Ik ben eigenlijk een zzp’er binnen de gemeente, maar dan met een vast contract. En ik ben ook nog eens maatschappelijk bezig.’

De gemeente Amsterdam – met ongeveer 16.000 medewerkers (ruim 14.000 fte) plus zo’n 3.600 flexwerkers (3.200 fte) – moet je zien als een multinational, zegt de communicatieadviseur. ‘Ik heb de kans om binnen die gigantische organisatie mijn netwerk constant uit te breiden en mensen met elkaar te verbinden.’

Spannend
Echte nadelen in de manier van werken ziet Akkerman niet. ‘Elke keer als je aan een nieuw project begint, is dat natuurlijk wel spannend, omdat je je steeds opnieuw moet bewijzen. Maar dat lukt eigenlijk altijd vrij snel.’ Natuurlijk is niet elke medewerker van de gemeente even geschikt voor zo’n vrije rol, zegt Akkerman. ‘Er zijn genoeg mensen die het prettig vinden om jarenlang hetzelfde te doen. Die medewerkers hebben we ook nodig.’

Gemeenteambtenaren zijn honkvast en met een gemiddelde leeftijd van ruim 48 jaar relatief oud in vergelijking tot werknemers in het bedrijfsleven. Bij Amsterdam is de groep medewerkers in de leeftijdscategorie 45-54 jaar met ruim 30 procent de grootste. Ook het aandeel 55-59-jarigen is met bijna 20 procent aanzienlijk. Al maakt de gemeente ook werk van verjonging: in 2016 zijn er bijna 700 medewerkers jonger dan 35 jaar bijgekomen.

Als mensen vaker van functie wisselen is dat niet alleen goed voor de ontwikkeling van de ambtenaren zelf, maar ook voor de hele organisatie, zo is de gedachte. De kennis van iemand blijft dan immers niet beperkt tot de eigen afdeling, maar verspreidt zich over de hele gemeente. ‘Door deze synergie verbetert uiteindelijk de dienstverlening naar de burger’, zegt Yardena Shitrit, concerndirecteur personeel en organisatieontwikkeling, in een net opgeknapte werkkamer in de Stopera. Amsterdam is volgens haar al zeker een jaar of twintig bezig met het stimuleren van interne mobiliteit en flexibiliteit van medewerkers. Dat gebeurt op diverse plekken binnen de gemeentelijke organisatie. Amsterdam telt nu bijvoorbeeld 2.000 ambtenaren die op papier voor een bepaalde afdeling werken, maar in de praktijk overal inzetbaar zijn.

Deze medewerkers genieten grote vrijheid, zegt Shitrit. ‘Zij hebben een formele en een functionele baas. Als iemand op een project buiten zijn eigen afdeling wordt gezet, ziet hij zijn hiërarchische baas heel weinig. Daardoor krijg je bijna als vanzelf zelfsturing.’ Ook Amsterdam gelooft in de filosofie om de verantwoordelijkheid zo laag mogelijk in de organisatie neer te leggen. De gemiddelde ‘flexambtenaar’ werkt volgens de concern directeur elke week op zo’n twee tot drie verschillende afdelingen binnen de gemeente.

Flexafdeling
Ook voor de ambtelijke top van de gemeente zijn er diverse mogelijkheden om ergens anders in de keuken te kijken. Zo zijn er uitwisselingsprojecten binnen de G4 en met de rijksoverheid. Shitrit: ‘Er zitten nu twee topfunctionarissen van ons in Rotterdam, van wie één tijdelijk en de ander op een vaste formatieplaats.’ Het projectmanagementbureau is een ander voorbeeld van een Amsterdamse ‘flexafdeling’. Medewerkers van het bureau verzorgen het project-, programma- en procesmanagement in de stad.

Opdrachtgevers zijn de gemeente, de stadsdelen, wijken, buurten en de Amsterdamse regio. Het projectmanagementbureau omschrijft zichzelf als een ‘open, lerende en flexibele organisatie met ruim 450 medewerkers’. Er werken onder meer project- en bouwmanagers en adviseurs op diverse terreinen. Bouwmanager David Brandwagt prijst op de gemeentelijke website de veelzijdigheid van zijn werk. ‘Je hebt veel te maken met de omgeving, maar ook met de technische kant en het bestuur van de stad. Ik schuif net zo makkelijk aan in de bouwkeet als in het kantoor van de wethouder.’

Interne flexibilisering is prima, vindt het stadsbestuur. Maar de externe inhuur is volgens het college en veel partijen in de gemeenteraad doorgeslagen. Daarom heeft het stads bestuur de ambtelijke top vorig jaar de opdracht gegeven om het aandeel externen te beperken tot maximaal 15 procent van het totale personeelsbudget. Nu is dat nog een kleine 19 procent.

Maar de gemeenteraad vindt dat niet ver genoeg gaan. Onlangs werd een motie van de PvdA, GroenLinks en de SP aangenomen om de ‘flexibele schil’ terug te brengen tot maximaal 10 procent. ‘Ons voorstel laat zien dat je doorgeslagen flexibilisering niet als een vloedgolf over je heen hoeft te laten komen’, schrijft PvdA-raadslid Dennis Boutkan op de website van zijn partij. ‘Met goede ideeën kan het tij worden gekeerd voor meer “eerlijk werk”.

Goed nieuws dus voor al die mensen die nu nog flexen en straks meer werkzekerheid en gelijkwaardigheid krijgen.’ Shitrit en haar collega’s hebben de politieke wensen ter harte genomen. ‘Waar het kan, bieden we flexwerkers nu een vast contract aan’, zegt de concerndirecteur. Winst valt er volgens de concerndirecteur ook te halen bij zwangerschapsverloven en bij medewerkers die voor een paar maanden op wereldreis gaan. ‘Het makkelijkste is om een externe kracht met dezelfde kwaliteiten in te huren. Maar je kan het ook zien als een mooie kans voor een collega om door te groeien. Zo zijn een paar mensen uit de eerste lichtingen trainees inmiddels opgeklommen tot directeur.’

Meesolliciteren
Ook mogen uitzendkrachten die langer dan een jaar voor de gemeente werken tegenwoordig intern meesolliciteren. Dat heeft volgens haar wel ingrijpende gevolgen voor het personeelsbeleid. ‘Als je nu een externe kracht inhuurt, moet je vooraf al gaan nadenken over wat je die mensen over een paar jaar zou kunnen bieden. Dat maakt het ingewikkeld.’

Het inperken van de ‘flexibele schil’ is volgens Shitrit niet zo eenvoudig als sommige mensen denken. Neem nou de ‘schrijnende situaties van reinigingsmedewerkers die al meer dan tien jaar voor een uitzendbureau voor de gemeente werken’, waarover Boutkan rept. Het PvdA- raadslid vindt dat ‘onfatsoenlijk’ en niet bij goed werkgeverschap passen. Maar volgens Shitrit verkiest een deel van de lager opgeleide ambtenaren een contract op uitzendbasis boven een vast dienstverband. Ook veel hoger opgeleide medewerkers zitten niet te wachten op een vaste aanstelling, zegt de concerndirecteur. ‘We worden steeds meer een kennissamenleving. Er zijn veel mensen die bewust kiezen voor een bestaan als zzp’er, dat horen wij te respecteren.’

Binnen de gemeente zijn er bovendien meerdere afdelingen waar je volgens Shitrit simpelweg niet zonder een grote groep flexibele krachten kunt. Zij noemt als voorbeeld het callcentrum, waar 40 procent van de medewerkers in vaste dienst is en 60 procent op flexibele basis werkt. ‘De hoeveelheid werkt fluctueert enorm en veel mensen willen slechts af en toe een hele dag de telefoon opnemen. Bij zo’n afdeling moet je niet eens wíllen dat er meer mensen in vaste dienst komen.’

Ook wijst ze op deskundigen die vanwege hun specifieke kennis worden ingehuurd door de gemeente. ‘Iemand die alles weet over een bepaald type boor die wordt gebruikt bij de aanleg van de Noord/Zuidlijn, hoef je natuurlijk ook niet voor tien jaar vast te leggen. Je moet je externe inhuur niet beperken om te beperken.’


Maximaal 10 procent flex
Als het over de ambtelijke organisatie van de gemeente Amsterdam gaat, gaat het – voor Nederlandse begrippen – al snel over grote aantallen. Zo werken er bij de gemeente zo’n 16.000 mensen (ruim 14.000 fte) plus nog eens ongeveer 3.600 flexwerkers (3.200 fte). De personeelsbegroting bedraagt een miljard euro, waarvan zo’n 200 miljoen euro wordt uitgegeven aan externen. Het Amsterdamse college wil het aandeel externe medewerkers terugbrengen tot maximaal 15 procent van de personeelsbegroting, nu is dat nog zo’n 19 procent. De gemeenteraad wil nog verder gaan: onlangs werd een motie van de PvdA, GroenLinks en de SP aangenomen om de ‘flexibele schil’ te beperken tot maximaal 10 procent.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.