of 59345 LinkedIn

Tellen en vertellen

 

Monitoring als middel voor maatschappelijk partnerschap jeugdzorg

Al een aantal jaren werkt Jeugdhulp Friesland met de landelijke set outcome-indicatoren. Dit stelt de organisatie niet alleen in staat om de kwaliteit van de jeugdhulpverlening verder te verbeteren, maar ook om in de toekomst een kwaliteitsdialoog te kunnen voeren met de Friese gemeenten waarvoor ze werkt.


Jeugdhulp Friesland monitort in haar jeugdhulpverlening de uitval, cliënttevredenheid en doelrealisatie. Onderzoeker prestatie-indicatoren Nienke Boomstra: ‘Dit geeft ons meer grip op resultaten en de mogelijkheid om deze bij te sturen. Wij zeggen altijd: “We tellen en vertellen”. Daarmee bedoelen we dat we de cijfers gebruiken om samen met het team onze dienstverlening te evalueren en te kijken waar het goed gaat en waar het beter kan. Soms geven de cijfers een ander beeld dan de hulpverlener zelf heeft van zijn dienstverlening. Daarover gaan we dan met elkaar in gesprek.’

 

Sneller tot essentie

Boomstra merkt inmiddels het effect bij de ambulante gezinshulpverlening. ‘De opbrengsten van bijvoorbeeld onze Parent Management Training Oregon (PMTO) liggen een stuk hoger nu we de resultaten monitoren en beschikken over betrouwbare cijfers over een grote groep. De vragenlijst die de cliënt voorafgaand aan het traject invult, helpt daarnaast om van tevoren een profiel op te stellen en zo in een behandeling sneller tot de essentie te komen.’

 

Resultaten verzamelen

Jeugdhulp Friesland stuurt de outcome-resultaten door naar opdrachtgever Sociaal Domein Fryslân (SDF), waarin 24 Friese gemeenten vertegenwoordigd zijn. De resultaten van alle aanbieders worden bijeengebracht en als anonieme data verwerkt in een dashboard, dat zowel de gemeenten als de jeugdhulpaanbieders kunnen inzien. Een goede ontwikkeling, vindt Marloes Driedonks van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi). ‘Het is mooi om te zien dat gemeenten steeds vaker sturen op kwaliteit en vragen naar de resultaten van hun hulp in plaats van naar output zoals het aantal gerealiseerde trajecten en producten.  Nog belangrijker is dat gemeenten en aanbieders een gesprek aangaan over de outcome-cijfers en deze gezamenlijk duiden en ervan leren. SDF sluit goed aan op de indicatoren die jeugdhulpaanbieders in de praktijk vaak gebruiken (red. zie kader).’

 

Maatschappelijke doelen

Volgens Driedonks betekent het sturen op kwaliteit niet alleen sturen op outcome-indicatoren, maar ook focus op de bredere maatschappelijke doelen die gemeenten stellen, bijvoorbeeld ‘minder thuiszitters’. Jeugdhulp is dan een schakel in de keten waarin gemeenten met verschillende aanbieders optrekken als maatschappelijk partners, allemaal met hetzelfde doel voor ogen.’ Boomstra denkt dat ook de samenwerking tussen Jeugdhulp Friesland en SDF hier naartoe zal groeien. ‘Wij zijn als jeugdhulpaanbieder verantwoordelijk voor de uitvoering, maar de gemeente voert de regie over de grotere beweging. Samen willen we dat onze kinderen gezond en kansrijk opgroeien.’  

 

Landelijke outcome-indicatoren en Kwaliteitskompas

VNG en de branchorganisaties hebben met steun van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) de landelijk geharmoniseerde set outcome-indicatoren vastgesteld. Deze sluit enerzijds aan bij de praktijk in de ‘oude’ jeugd-ggz, jeugd- en opvoedhulp en lvb-zorg en past anderzijds goed bij de nieuwe invulling en ambities van het jeugdstelsel. Kijk voor meer informatie op http://bit.ly/njioutcome.

 

Om de kwaliteitscyclus tussen gemeenten en hun partners op gang te brengen ontwikkelde het NJi het Kwaliteitskompas. Dit is een instrument voor gemeenten die samen met hun partners willen sturen op de resultaten voor jeugdigen. Kijk voor meer informatie op http://bit.ly/njikwaliteitskompas.

 

 

Verstuur dit artikel naar Google+

 

Afbeelding

 

 

Afbeelding