of 59082 LinkedIn

Externen gaan het eerst

De laatste jaren huurden gemeenten steeds meer externe medewerkers in, van uitzendkracht tot interim-manager. Maar nu stokt die inhuur. Het eerste slachtoffer is marktleider BMC.

Ruim 1 miljard euro. Dat is het bedrag dat Amsterdam aan arbeidskosten kwijt is. De hoofdstad telt 16.027 ambtenaren, ofwel 14.831 fte’s. Dat apparaat kostte de gemeente vorig jaar 911 miljoen euro aan loonkosten en premies. Daarnaast huurde Amsterdam vorig jaar voor een kleine 93 miljoen euro aan externen in, variërend van uitzendkrachten tot consultants, van communicatiespecialisten tot interim-managers. In 2 jaar tijd stegen de totale kosten van externe inhuur met meer dan eenderde.

 

En dan hebben we het nog niet gehad over de ICT-kosten, waarvoor ook voor nog eens zo’n bedrag ruim honderd consultants in en rond de Stopera rondlopen. Om de softwareproblemen te verhelpen, maakte het college onlangs 100 miljoen euro vrij. Het is dan ook niet vreemd dat P&O-wethouder Eric van der Burg (VVD) iets doet om het aantal consultants terug te dringen.

 

Vanaf volgend jaar heeft hij voor alle 31 diensten de kosten voor externen op 13 procent van de totale loonkosten inclusief sociale premies gemaximeerd. Daarvoor geldt, zo stelt Van der Burg, het voer-uit-of-leg-uit-principe: elke dienst die boven de norm uitkomt, heeft wat uit te leggen. En je moet met goede argumenten komen om daarvan af te wijken.’ De regel gaat pas op 1 januari in, maar lijkt nu al vruchten af te werpen. In de eerste helft van dit jaar betaalde de gemeente 41,3 miljoen euro aan derden, tegenover 93 miljoen euro over heel 2009.

 

Lagere prijzen

 

Die lagere kosten kunnen ook te maken hebben met de dalende prijzen in de consultancymarkt. Dat merkt bijvoorbeeld Ruud Schalkwijk in Rotterdam. Schalkwijk is als programmadirecteur al een jaar verantwoordelijk om de externen uit Rotterdam te houden. Als Schalkwijk zijn zin krijgt, zal Rotterdam volgend jaar 100 miljoen euro aan derden kwijt zijn, tegen 135 miljoen euro in 2009. ‘Voor een groot deel komt die daling door de conjunctuur. De inhuurprijzen dalen, dus de totale uitgaven ook.’

 

Al 2 jaar kampen verreweg de meeste detacherings-, consultancy- en vooral werving- en selectiebedrijven met een fors dalende omzet. Om toch opdrachten binnen te halen, zijn sommige adviesbureaus regelrecht gaan prijsbeuken: dat begon met het gratis weggeven van consultants die anders toch maandenlang op de bank zouden zitten. Het gevolg is een daling van de winstgevendheid, die bij bedrijven als BMC en Maandag al in de laatst gedeponeerde jaarcijfers terug te zien is.

 

Maar dit jaar is het pas echt hommeles. De Raad van Bestuur van de BMC Groep stuurde vorige week een e-mail aan het eigen personeel, waarin bekend werd gemaakt dat er ‘om en nabij de 140 fte’s’ verdwijnen, om daarna ‘op een verantwoorde wijze 2011 in te gaan.’ (Zie ook het interview met BMC-directeur Albert Jansen op pagina 11.) Daarmee zijn de vette jaren ten einde gekomen.

 

BMC verdubbelde zijn omzet in een kleine 5 jaar tijd. Aartsconcurrent Maandag wist in diezelfde periode zelfs te vervijfvoudigen. Beide bedrijven zijn in omzet en personeelsbestand inmiddels aan elkaar gewaagd. Maar ze maken zich beide op voor wat in managerstermen een ‘pas op de plaats’ heet.

 

Krimp

 

In werkelijkheid ligt krimp op de loer. De overheidsdienstverlening volgt op dit moment keurig de daling die de commerciële markt exact 2 jaar geleden onderging. Detacheerders als Welten, Yacht en DPA zagen hun omzetten in 1,5 jaar met een kwart tot de helft dalen. En voor die bedrijven lijkt de situatie nu omgedraaid: terwijl overheden moeten snoeien, snijden en saneren, krabbelt de private sector weer op, zij het weifelend.

 

Dat was in 2008 wel anders, stelt ABN-Amrobankier Han Mesters, die de sector sindsdien volgt als sectorbankier. ‘Toen in 2008 de markt instortte, nam de overheid het stokje gretig over. Het gevolg was dat vele tientallen aan commerciële partijen leverende adviesbureaus en interimkantoren hun mensen op opportunistische wijze bij de lokale en centrale overheden probeerden te slijten. Want daar kon nog wel omzet gemaakt worden.’

 

Dat de overheid later krimpt dan de private sector, is niet vreemd. De bureaucratie wacht op het commando van de politiek en kan pas aan de slag als de begroting op de agenda staat. Toch is bijvoorbeeld de Belastingdienst al in mei vorig jaar begonnen met een stop op externe inhuur. Gemeenten hadden toen nog een vol jaar van groei te gaan.

 

Maar waarom zo laat? Dat weet Huib van Kollenburg van Atos Interim Management. ‘De bezuinigingen van de rijksoverheid kwamen in het kielzog van de staatssteun aan de banken. In diezelfde periode, eind 2009, waren de Algemene Middelen voor de gemeenten al verdeeld. Er was daarom geen acute aanleiding voor lokale overheden om te bezuinigen.’

 

Die aanleiding bleef dit jaar niet uit. Van Kollenburg: ‘Dit jaar werden veel gemeenten geconfronteerd met twee problemen. Enerzijds daalden de gemeentelijke inkomsten uit grondexploitatie en bouwleges door de recessie sterk. En anderzijds werden veel gemeenten geconfronteerd met onvoorziene extra uitgaven, vooral door aan ICT gerelateerde problemen, die door Binnenlandse Zaken worden opgelegd aan gemeenten. Die factoren dwingen veel gemeenten tot bezuinigen, los van de politieke kleur van het college.’

 

 

Wisselwerking

 

Bezuinigen doen ambtenaren het eerst op externen. En misschien ook wel het hardst. Van Kollenburg: ‘Dat is niet vreemd. Hoe minder externen, des te meer vaste collega’s mogen blijven. Let wel: het zijn de politici die de normen stellen, maar ambtenaren kunnen wel sturen in de uitvoering.’

 

Het is voor de dienstverlenende bedrijven dan ook vooral de kunst om zo snel mogelijk in te spelen op de markt. Dat beweert Frank Damen, directeur van de P&O Services Groep (POSG) te doen.

 

‘Gemeenten denken nu maar aan één ding: al die externen kosten bakken met geld. Tegelijk zijn de meeste externen onmisbaar voor de organisatie. Dus wat als je externen tegen dezelfde prijs kunt aanbieden als je aan ambtenaren in loondienst kwijt bent, zonder aan kwaliteit in te boeten? In die hoek hebben wij een oplossing.’ Damen claimt met zijn strategie ‘al sinds 2004’ te groeien - ook dit jaar ‘liggen we gewoon op schema’.

 

Outplacement

 

Er is nóg een reden waarom POSG ondanks de paniek in de markt blijft groeien. Het bedrijf is dé begeleider van gemeentelijke outplacementtrajecten. En elke ondernemer weet dat in crisistijd juist die markt booming is - zeker nu overheidsorganen zich voorbereiden op de met boventallige ambtenaren volstromende ‘mobiliteitscentra’ of competence centers.

 

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) maakt zich daar bijvoorbeeld voor op en verwacht dat dit competence center de komende tijd gaat fungeren als een soort uitzendbureau voor de eigen organisatie. En daarin staat DJI niet alleen.

 

Het is dan ook geen toeval dat de aandeelhouders van JS Consultency - nog zo’n gemeentelijke externenaanbieder - een belang van 55 procent in concurrent P&O Services Groep heeft genomen (zie kader ‘Klein schaakt groot’, hiernaast). Beide merken blijven zelfstandig bestaan, maar de twee ondernemingen vullen elkaar aan, zo stellen beide directeuren.

 

Volgens Wim Lochtenberg, directeur van JS Consultancy en aandeelhouder van moederbedrijf Grow/Work Group, is het ook een noodzakelijke samenwerking. ‘Voor effectieve mobiliteitsoplossingen als coaching- en outplacementtrajecten zetten gemeenten steeds vaker een aanbesteding uit. En dan helpt het om groter te zijn en samen te werken.’

 

Bedreiging

 

Hoe lang gemeenten zullen bezuinigen? Wie de e-mail van de BMC Groep letterlijk neemt, heeft ‘goede hoop’ en ‘voldoende perspectief’ dat 2011 weer beter wordt dan dit jaar. Maar als de gemeenten het pad van de private sector stipt navolgen, dan is 2010 het begin van minstens 2 magere jaren. Dat zou ook volgens Lochtenberg een bedreiging zijn.

 

‘Als de overheid te lang blijft bezuinigen, dan kunnen de ministeries, diensten en lokale overheden niet meer concurreren op de arbeidsmarkt. De vergrijzing komt er onherroepelijk aan. Het slechtste scenario is dat de overheid tot op het bot snijdt, en vervolgens verrast wordt door de nog veel snellere uitstroom van pensionerende babyboomers. Het is de kunst om tijdig weer personeel te gaan werven.’

 

Als het aan Lochtenberg ligt, zullen gemeenten dan ook minder bezuinigen dan het Rijk. ‘Het is voor gemeenten niet nodig om in dezelfde mate te bezuinigen als het Rijk. Door de verdergaande decentralisatie hebben gemeenten straks meer mensen nodig: vast en flexibel. Bovendien zijn gemeenten al langer veel efficienter georganiseerd. Er valt minder te halen.’

 

Maar er valt altijd wel iets te halen bij de overheid. Daarvoor zijn de macro-economische trends te goed. Door de vergrijzing zal ruim een derde deel van de ambtenaren binnen een kleine 15 jaar uitstromen en moeten worden vervangen. Zo beseft de verantwoordelijk programmadirecteur Schalkwijk dat Rotterdam een bepaald aantal externen nodig heeft. Daarom gooit hij het liever op een akkoordje met de dienstverleners.

 

Schalkwijk: ‘We maken liever package-deals voor zowel instroom, doorstroom als uitstroom van tijdelijke krachten. Daarmee kun je in één keer op kosten besparen.’ Rotterdam wordt hierbij geholpen door de afspraken die het in G4-verband kan maken. ‘We zullen steeds vaker met z’n vieren aanbestedingen uitschrijven. Ook dat kan een forse besparing opleveren.’

 

Al met al hoeft de bodem voor de dienstverleners niet al te diep te liggen. In Scandinavië zijn zelfs overheden bekend, die de complete personeelsvoorziening tegen betaling overnemen. Schalkwijk: ‘Persoonlijk vind ik dat een hele wilde oplossing, maar er zijn voldoende dienstverleners die dat ook hier zouden kunnen aanbieden.’ Vooralsnog is zo’n constructie voor Schalkwijk een brug te ver. ‘Het lijkt een fantastisch concept, maar als je kijkt naar de hele markt, dan zijn een paar partijen zo dominant dat ik er een beetje huiverig voor ben. Maar misschien is het toekomstmuziek.'

 

Klein schaakt groot

 

De Grow/Work Group, aandeelhouders van onder meer werving- en selectiebureau JS Consultancy (omzet 2009: 14 miljoen euro), kocht vorige week een belang in de P&O Services Groep (omzet 2009: 25 miljoen euro). Aandeelhouder Wim Lochtenberg nam een meerderheidsbelang van 55 procent.

 

De P&O Services Groep is vooral bekend om de outplacementtrajecten die het begeleidt. Het bedrijf noemt zichzelf ‘specialist in het mobiliteitsdienstverband’, ofwel de begeleiding van instroom, doorstroom en uitstroom. In het laatste geval neemt P&O Services het werkgeverschap van boventallige ambtenaren tegen betaling over en plaatst ze vervolgens bij andere werkgevers.

 

De vraag naar outplacement zal het komende jaar flink kunnen opbloeien als het nieuwe kabinet binnenkort zijn bezuinigingsplannen zal bekendmaken. De nieuwe samenwerking tussen JS Consultancy en de P&O Services Groep kan volgens Lochtenberg dan ook veel voordelen hebben, niet alleen vanwege de groeimarkt van het begeleiden van grote aantallen boventallige ambtenaren. Ook vanwege het toenemend aantal aanbestedingen dat ook gemeenten uitschrijven.

 

Lochtenberg: ‘Dat doen steeds meer gemeenten, ook als ze coaches of loopbaanbegeleiders willen inhuren. En om daaraan mee te doen, helpt het om een grotere omvang te hebben.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Vacatures

Dossier: coronavirus

Afbeelding

 

In dit dossier leest u alle artikelen van Binnenlands Bestuur over het coronavirus.