of 59162 LinkedIn

Zelfstandigheid zonder zeggenschap

Jelle Stelpstra 12 reacties

Door herindelingen daalt het aantal gemeenten in Nederland. Dat voelt voor inwoners soms ongemakkelijk. Je moet raadsleden toch in je eigen dorp bij de bakker kunnen tegenkomen? En zolang bestuurders niet vechtend over straat gaan en de begroting sluit, is het toch wel best? Nee, niet als de democratische verantwoording onder druk staat.

In het afgelopen decennium zijn veel taken vanuit de rijksoverheid of vanuit de provincie naar de gemeenten verschoven. Dat is een goede zaak. De gemeente staat dicht bij de inwoners en kan nog beter maatwerk leveren dan de hogere overheid. Toch is er een ondergrens. Voor een te kleine gemeente wordt het steeds zwaarder om al die taken gedaan te krijgen.

 

Op het Zuid-Hollandse eiland Hoeksche Waard bestaan nu nog vijf gemeenten voor 85.000 inwoners. Vijf herkenbare gemeenten voor de inwoners, maar ook vijf gemeenten die nog maar weinig zelf doen. Van het uitvoeren van de wmo tot het ophalen van afval, van de sociale dienst tot aan de ict: veel gebeurt op Hoeksche Waardse schaal. Soms is zelfs die schaal niet groot genoeg. Voor bijvoorbeeld Jeugdzorg en milieutaken wordt samengewerkt op het niveau van Zuid-Holland Zuid. Door alle taken die de vijf gemeenten niet meer zelf kunnen uitvoeren, behoren de Hoeksche Waardse gemeenten tot de gemeenten met het grootste aantal samenwerkingsverbanden van Nederland.

 

Samenwerken klinkt mooi, maar leidt in de praktijk tot een groot aantal verschillende besturen, die vaak worden gevormd door wethouders. Die moeten natuurlijk verantwoording afleggen aan de gemeenteraad, maar dat is moeilijk voor beide partijen. De wethouder is bestuurslid van het samenwerkingsverband en moet dus de belangen van het verband als geheel behartigen en niet alleen die van zijn eigen gemeente. De gemeenteraadsleden staan vaak op grote afstand van het samenwerkingsverband en hebben het niet in hun eentje voor het zeggen, maar kunnen de wethouder slechts met een boodschap op pad sturen. Zij moeten maar hopen dat de wethouders uit andere gemeenten dezelfde boodschap hebben gekregen, anders komt er niets van terecht.

 

Die tegengestelde belangen en grote afstand tot de besluitvorming zijn zorgelijk. Gemeenteraadsleden moeten hun kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol zo rechtstreeks mogelijk kunnen uitvoeren. Dat lukt niet met te veel samenwerkingsverbanden. Het enkele argument dat een kleine gemeente zo lekker dichtbij de inwoners staat, is dan niet meer genoeg voor zelfstandigheid. De raadsleden hebben in een kleine gemeente wellicht gemakkelijker contact met hun inwoners, maar hebben vervolgens te weinig macht om die opgedane kennis ook daadwerkelijk invloedrijk te kunnen aanwenden. Zelfstandigheid zonder zeggenschap is geen duurzame manier van besturen.

 

Jelle Stelpstra is fractievoorzitter van de PvdA in de gemeente Korendijk

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
Dank voor uw reactie Stelpstra, want eindelijk een kwantificering van uw beweringen. Discussie over samenwerkingsverbanden is niet zo heel opportuun, want alle gemeenten in Nederland werken samen via al dan niet gedwongen regio-indelingen. Een groot aantal gemeenten in Nederland maakt deel uit van 32 regio-indelingen en ook vele gemeenten kom ik tegen met 31 regio-indelingen. Zelfs Baarle-Nassau bijvoorbeeld met 6.611 inwoners kent al 31 regio-indelingen. Kortom: uw opmerking is sterk overtrokken, want Hoeksche Waard is beslist geen uitzondering, zoals u ons wilt doen geloven. Vele gemeenten werken samen in zorg, veiligheid, brandweer, vervoer- en afvalregio's - om er maar een paar te noemen. Vaak ook via wet of provincie of overheid opgelegd! Via de regio-indelingen wordt ook duidelijk dat de gemeenten in de Hoeksche Waard onderling heel goed samenwerken op een 30-tal terreinen, waaronder bijvoorbeeld Arbeidsregio, Primair en Voortgezet Onderwijs, Regionaal Meld- en Coördinatiepunt, Zorgkantoorregio's, Sociale werkvoorziening, Veiligheidsregio, Sociale Dienst, Omgevingsdiensten, Jeugdzorgregio's en Woningmarktregio's (Woningwet). Aandoenlijk is uw pleidooi voor meer transparantie, want u voelt u kennelijk op afstand gezet en u vindt dit waarschijnlijk ondemocratisch. Als raadslid kunt u te allen tijde vragen stellen over prangende onderwerpen aangaande de samenwerkingsverbanden en u kunt ook om schriftelijke verslaglegging verzoeken. Kostenbesparing is vaak de gedachte achter een samenwerkingsverband tussen gemeenten. De vraag is gerechtvaardigd of besparingen heden ten dage voor een aantal samenwerkingsverbanden nog wel kloppen. Wat dat betreft zou u eens een balletje kunnen opgooien in de Hoeksche Waard of via de Harmonisatie Agenda. Herindeling is dus absoluut NIET nodig om desgewenst in de Hoeksche Waard deze discussie los te trekken, want ook in een "versterkte samenwerking" kan deze discussie gevoerd worden. In het regeerakkoord zeggen de coalitiepartijen initiatieven voor herindeling te zullen steunen, waarbij het bestuur weer bij de gemeenschappelijke regeling wordt gebracht. "Een proces van herindeling is gewenst voor gemeenten die langjarig en in hoge mate afhankelijk zijn van gemeenschappelijke regelingen voor essentiële zaken." Op die paragraaf heeft de gemeente Korendijk in meerderheid zeer actueel gereageerd bij het opstellen van hun zienswijze tegen herindeling. Deze frase uit het regeerakkoord staat wel erg haaks op wat in het onderzoek van het eindrapport Landelijk Raadsledenonderzoek Gemeenschappelijke Regelingen etc. van 14-12-2017 is opgenomen aangaande de wenselijkheid om NIET de provincie te laten beslissen over een herindeling. Slechts 18% van de ondervraagde raadsleden ziet een taak voor de provincie weggelegd om een herindeling op te leggen. Dus vanuit democratisch oogpunt heeft de Provincie Zuid-Holland een ondemocratische beslissing genomen om een herindeling voor de Hoeksche Waard op te leggen. De vertegenwoordigende democratie in de Hoeksche Waard, dus de lokale democratie, heeft zich in gekwalificeerde meerderheden uitgesproken tegen een herindeling en via amendementen is in meerderheid gekozen voor een "versterkte samenwerking met doorzettingsmacht". Deze versterkte samenwerking hebben zowel provincie als voorstanders van een herindeling bewust laten liggen! De provincie heeft absoluut niet het bestuurlijke en financiële nut en noodzaak, laat staan urgentie aangetoond. Dus kunnen we constateren dat er geen democratisch draagvlak is voor een herindeling. Een collega partijlid van u heeft ooit in Het Kompas (vrijdag 19 augustus 2016, pagina 21) geschreven, ik citeer: "Dezelfde voorstanders van een herindeling betogen ook dat het voorstel tot herindeling werd aangenomen door een ruime meerderheid van het Overleg Bestuurlijke Toekomst (OBT) Hoeksche Waard. Hij vindt dat een onjuiste redenering. Hij constateert dat het OBT geen enkele bevoegdheid had en dat de vijf gemeenteraden bij de beslissing over herindelen of samenwerken autonoom waren. In die zin heeft de provincie een ONDEMOCRATISCHE beslissing genomen. Drie van de vijf gemeenteraden waren tegen herindelen. De provincie heeft de Hoeksche Waard voor de gek gehouden." (einde citaat). Dat zijn dus niet mijn woorden, maar een prominent politicus en tevens fervent voorstander van een herindeling. We kunnen stellen dat zowel voorstanders als tegenstanders van een herindeling het erover eens zijn, dat de provincie een ondemocratische beslissing heeft genomen. Het lijkt me dan ook een brug te ver, als een ondemocratisch genomen beslissing ineens door een hogere overheid democratisch gemaakt kan worden en alsdan in een wet wordt gegoten. Dus een herindeling is nog lang geen gelopen race en we zullen de bevindingen van de Tweede Kamer en daarna de Eerste Kamer rustig af moeten wachten.
Door Jelle Stelpstra (Fractievoorzitter PvdA Korendijk) op
Dank voor de onderstaande reacties op mijn artikel, hoewel veel van het geschrevene ook buiten de scope van mijn bijdrage valt. Ik ga graag iets dieper in op twee reacties die wel nadrukkelijk op mijn artikel betrekking hebben.

De heer De Graaf betrekt mijn zin dat de Hoeksche Waard tot de gemeenten behoort met het grootste aantal samenwerkingsverbanden, enkel op gemeenschappelijke regelingen. Dat is een frame dat ook door de Korendijkse tegenstanders van herindeling is gekozen voor de Korendijkse zienswijze richting de Kamercommissie van Binnenlandse Zaken.

De praktijk is dat er veel meer samenwerkingsverbanden zijn dan gemeenschappelijke regelingen alleen. Zo zijn er diverse regionale commissies, gastheergemeente-constructies, gezamelijke collegeoverleggen, portefeuillehoudersoverleggen, overleggen met vaste partners uit het maatschappelijk middenveld, werkgroepen, CV-BV-constructies, waarin telkens op vaste basis wordt samengewerkt en waarvoor mijn argumenten over een ondoorzichtige en moeizaam controleerbare bestuurscultuur alleen maar meer gelden. De Hoeksche Waardse gemeenten maken op dit moment deel uit van maar liefst 32 regio-indelingen (bron: Regioatlas). Dat is meer dan in een gemiddelde Nederlandse gemeente (bron: rapport Samenhang der Dingen, SOHW). Feitelijk betekent dit dat de huidige gemeente-indeling minder dan gemiddeld congruent is met het niveau waarop beleidsvorming en -uitvoering plaatsvindt. U kunt zich voorstellen wat een inefficiëntie dit met zich brengt. Een herindeling zorgt ervoor dat veel van de samenwerkingsconstructies kunnen worden opgeheven en dat - waar bovenregionaal wordt samengewerkt - aansturing eenduidiger kan plaatsvinden.

De heer Kuijpers stelt de interessante vragen of gemeenten de bestuurslaag vormen die het dichtst bij de inwoners staat en of die gemeenten wel beter maatwerk kunnen leveren dan een hogere overheid, zoals ik in mijn artikel stel. Ik kan die vragen niet aan de hand van onderzoek beantwoorden. Lezers die dat wel kunnen, nodig ik van harte uit om te reageren!

Vanuit mijn ervaring, geloof ik wel dat de gemeente de overheidslaag is die het dichtst bij inwoners staat. Voor de Hoeksche Waard geldt overigens dat BMC heeft onderzocht dat inwoners het meeste hechten aan hun eigen dorp, vervolgens aan de Hoeksche Waard en dan pas aan hun eigen gemeente. Naar aanleiding van de reactie van de heer Kuijpers denk ik zeker dat mijn opmerking dat gemeenten beter maatwerk kunnen leveren dan een hogere overheid, nuancering behoeft. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan specialistische jeugdzorg. Dat is naar mijn idee typisch een gedecentraliseerde taak, waarvoor de lokale schaal te klein is om goed maatwerk te kunnen leveren.
Door frans Kuijpers (Zelfstandig (beleids)aviseur) op
Beste meneer Stelpstra,

u schrijft: "De gemeente staat dicht bij de inwoners en kan nog beter maatwerk leveren dan de hogere overheid." Die uitspraak wordt zeer vaak gebezigd en werd en wordt ook gebruikt bij de decentralisatie van taken van rijk en provincie naar gemeenten. Is dat niet een of nee zijn het niet eigenlijk twee aannames in één zin? Staat de gemeente wel het dicht of het dichts bij de inwoners? Kan de gemeente echt beter maatwerk leveren dan een hogere overheid?

Twee aannames die steeds maar worden herhaald en door dat herhalen begin iedereen erin te geloven. Maar geloven leidt niet automatisch tot waarheid.
Door jan dekker (inwoner) op
Hoe de keuze met betrekking tot de bestuurlijke toekomst van de Hoeksche Waard ook uitvalt, de wereld, en zelfs Nederland, Zuid-Holland en de Hoeksche Waard zullen niet vergaan. Echter, als een rationele afweging wordt gemaakt van voor- en nadelen valt het saldo daarvan duidelijk in het voordeel van herindeling uit. Uitstekend verwoord Jelle.
Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
In het eindrapport Landelijk Raadsledenonderzoek Gemeenschappelijke Regelingen etc. van 14-12-2017 zijn leuke staatjes opgenomen over wenselijkheid etc. van Gemeenschappelijke Regelingen (GR).

Op welke beleidsterreinen zijn GR's (zeer) wenselijk?
Sociaal domein, Milieu en Duurzaamheid, Economie, werkgelegenheid en arbeidsmarkt zijn de beleidsterreinen waarop GR's (zeer) wenselijk worden geacht.

Als uw gemeente moet samenwerken, gaat uw voorkeur naar...?
De voorkeur voor samenwerken gaat uit naar "per beleidsveld bepalen met welke gemeente(n) samengewerkt kan worden (52%).
Slechts 22% zoekt de samenwerking tussen ambtelijke organisaties (eventueel ambtelijke fusie).
En 11% is gecharmeerd van de 'centrumgemeenteconstructie' (taken worden opgedragen aan een centrumgemeente).

Is deelname aan GR's wenselijk voor uw gemeente?
35% vindt het aantal GR's wenselijk voor de gemeente
65% vindt sommige regelingen wenselijk en andere niet.

Raadsleden uit uw gemeenteraad die in de regio als vertegenwoordiger actief zijn, behartigen in de regio lokale belangen; regionale belangen zijn ondergeschikt aan lokale belangen?
3% is het hier sterk mee eens
24% is het hier mee eens
27% staat hier netutraal in
32% is het hier mee oneens
6% is het hier sterk mee oneens
8% heeft hierover geen mening

Bent u als raadslid tevreden over de bijdragen van uw gemeente in de regionale samenwerking voor de aanpak van lokale en regionale vraagstukken?
2% sterk mee eens
44% mee eens
28% neutraal
20% mee oneens
5% sterk mee oneens
2% geen mening

De gemeenteraad kan zijn invloed op de GR's versterken door....?
56% verplichte jaarlijkse "verantwoordings-bijeenkomsten"
35% verplichte jaarlijkse rapportage van de gemeentelijke rekenkamer;
35% een rekening-/auditcommissie van raadsleden;
37% (meer) raadsleden in het bestuur van GR's op te nemen;
12% anders;

Hoe staat u tegenover herindeling?
46% dan mag het initiatief altijd van de gemeenten zelf komen, NIET van de provincie;
37% dan mag de provincie stimuleren en faciliteren, maar NIET voorschrijven;
18% dan mag de provincie stimuleren en faciliteren, en waar nodig ook voorschrijven.

Uit het voorgaande blijkt dat de provincie zich bij herindelingstrajecten een veel te grote rol toebedelen via opgelegde herindelingen, terwijl daar absoluut geen draagvlak voor is bij de raadsleden. Er gaapt dus een grote kloof tussen wat lokale volksvertegenwoordigers vinden en hoe provincies opereren in herindelingen. Dit is vragen om moeilijkheden en de vraag blijft gerechtvaardigd: in hoeveree wordt de lokale democratie nog gerespecteerd door hogere overheden?
Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
In het eindrapport Landelijk Raadsledenonderzoek Gemeenschappelijke Regelingen etc. van 14-12-2017 kom ik toch hele andere dingen tegen die scribent Stelpstra de lezer wil doen geloven.

Raadsleden blijven ontevreden over hun eigen positie en mogelijkheden tot beïnvloeding van gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast blijkt een derde van de raadsleden niet op de hoogte te zijn van de inhoud van de gemeenschappelijke regelingen waarin hun gemeente participeert. Toch vindt maar 5 % van de raadsleden regionale samenwerking onwenselijk.
In opdracht van Raadslid.Nu, Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, heeft de Overheid in Nederland in het najaar van 2017 een raadsledenonderzoek uitgevoerd over regionale samenwerking, greep en controle op regionale samenwerking, aanvullende instrumenten en herindeling als mogelijk alternatief.
Voor het onderzoek zijn 8.206 raadsleden benaderd en is aan het onderzoek meegewerkt door 1.411 raadsleden. De respons komt daarmee uit op 17,19 procent van de benaderde raadsleden. De deelnemende raadsleden vormen een verkleinde afspiegeling van de werkelijkheid naar verdeling op geslacht, provincie, inwoners gemeente, aantal zetels en politieke partij. In de response is een oververtegenwoordiging van ‘mannen’ en ‘raadsleden uit gemeenten met minder dan 25 duizend inwoners’.
Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in de opvattingen van raadsleden over regionale samenwerkingsverbanden, gemeenschappelijke regelingen en herindelingen. Het onderzoek is daarmee ook van belang omdat het nieuwe kabinet in het regeerakkoord heeft afgesproken dat “de wet gemeenschappelijke regelingen (wgr) wordt aangepast om de politieke verantwoording over gemeentelijke samenwerking te verbeteren. Besluitvorming in een gemeenschappelijke regeling moet transparant zijn en betrokken gemeenteraden moeten hun controlerende rol beter kunnen uitvoeren en zo nodig kunnen ingrijpen” .

Kortom: de wet Gemeenschappelijke Regeling (GR) zal worden aangepast om de democratische legitimiteit te vergroten.

Enkele uitkomsten:

38% van de gemeenten participeren in 6-10 GR's
18% van de gemeenten participeren in 11-15 GR's
7% van de gemeenten participeren in 16-20 GR's
7% van de gemeenten participeren in > 20 GR's

Kortom: de PvdA Hoeksche Waard grossiert zo langzamerhand in tendentieuze en niet met de feiten strokende verhalen. De fabeltjeskrant van meneer Den Uyl herleeft weer. Maar wie gelooft nog in fabeltjes en sprookjes?
Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
Wouter Joosten beweert dat ik namens of voor het CDA Binnenmaas reacties plaats. Dat is ver bezijden de waarheid. Ik ben al geruime tijd geen lid meer van het CDA Binnenmaas. Ook Kees de Leng maakt die fout. Dus ik reageer op eigen titel en als belangstellende. Dus wilt u niet e.e.a. door elkaar husselen, want dat maakt uw geloofwaardigheid er niet beter op en dat zou ik zeer onplezierig vinden.
Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
Kees de Leng heeft een punt door te stellen dat ik niet inhoudelijk ben ingegaan op het democratisch gehalte van gemeenschappelijke regelingen. Deze regelingen zijn in een ver verleden zeer bewust aangegaan, ondanks het ongemak dat wethouders uit alle gemeenten die de besturen vormen, verantwoording moeten afleggen, al dan niet via rapportages van de desbetreffende instituten waar ze bestuurders zijn, aan de respectieve gemeenteraden. En elk gemeenteraadslid kan natuurlijk te allen tijde de rapportages lezen en vragen stellen aan de verantwoordelijke wethouder binnen zijn gemeente. Dit is dan een soort getrapte democratie. Maar om dat nu ineens als een democratisch minpunt te beschouwen vind ik toch wel erg vergezocht. Ook in uw tijd toen u nog raadslid was, heb ik daar weinig raadsleden over gehoord en dat ze daar erge last van hadden. Hieruit blijkt dat er dus al heel lang goed wordt samengewerkt op regionaal niveau binnen de Hoeksche Waard. U spreekt over het feit het overgrote deel van het maatschappelijk middenveld voor een herindeling zou zijn. Door wie is dan dat maatschappelijk middenveld gekozen, want de inwoners kennen deze mensen niet? Vaak zijn dat subsidie gerelateerde instellingen, die - het is maar een suggestie - hopen door een herindeling hogere subsidiegelden binnen te halen. Van de Ondernemersvereniging Hoeksche Waard hoor ik ook de opmerking dat een overgrote meerderheid voor een herindeling is. Als alle aangesloten bedrijven, dus leden van het OHW, voor een herindeling zijn, dan spreken ze namens een forse minderheid van alle bedrijven in de Hoeksche Waard. Bedrijven en maatschappelijke instellingen kunnen dus niet de politiek bepalen. Daarvoor hebben we nog altijd gemeenteraden, die uiteindelijk beslissen. Deze vertegenwoordigende democratie, dus de lokale democratie heeft zich in gekwalificeerde meerderheden uitgesproken tegen een herindeling en via amendementen is in meerderheid gekozen voor een "versterkte samenwerking met doorzettingsmacht". Deze versterkte samenwerking hebben zowel provincie als voorstanders van een herindeling bewust laten liggen! De provincie heeft absoluut niet het bestuurlijke en financiële nut en noodzaak,laat staan urgentie aangetoond. Dus kunnen we constateren dat er geen democratisch draagvlak is voor een herindeling. Een collega raadslid van u heeft ooit in Het Kompas (vrijdag 19 augustus 2016, pagina 21) geschreven, ik citeer: "Dezelfde voorstanders van een herindeling betogen ook dat het voorstel tot herindeling werd aangenomen door een ruime meerderheid van het Overleg Bestuurlijke Toekomst (OBT) Hoeksche Waard. Hij vindt dat een onjuiste redenering. Hij constateert dat het OBT geen enkele bevoegdheid had en dat de vijf gemeenteraden bij de beslissing over herindelen of samenwerken autonoom waren. In die zin heeft de provincie een ondemocratische beslissing genomen. Drie van de vijf gemeenteraden waren tegen herindelen. De provincie heeft de Hoeksche Waard voor de gek gehouden." (einde citaat). Dat zijn dus niet mijn woorden, voordat ik straks word aangevallen van op de man spelen of andere misplaatste kwalificaties. We kunnen stellen dat zowel voorstanders als tegenstanders van een herindeling het erover eens zijn, dat de provincie een ondemocratische beslissing heeft genomen. Het lijkt me dan ook een brug te ver, als een ondemocratisch genomen beslissing ineens door een hogere overheid democratisch gemaakt kan worden en alsdan in een wet wordt gegoten. Dus Kees de Leng, een herindeling is nog lang geen gelopen race en we zullen de bevindingen van de Tweede Kamer en daarna de Eerste Kamer rustig af moeten wachten.
Door C.F. de Graaf (ambassadeur SENATUS CONSULTUM (www.senatusconsultum.nl)) op
Weet u Wouter Joosten, de feiten stroken niet met het gegeven alsof de HW gemeenten behoren tot gemeenten met het grootste aantal samenwerkingsverbanden van Nederland. Dat noem ik dan "prietpraat". Overigens stond het ook nog tussen aanhalingstekens, als knipoog. Dus Wouter Joosten u vindt het kennelijk flink om dan direct maar uit de kast te komen met woorden als emotioneel, denigrerend en op de man spelen. En kennelijk wilt u deze discussie voeren om mij te kwalificeren als ordinair etc. Dat mag u natuurlijk vinden en dat laat ik dan ook graag bij u. Het zegt meer over uzelf en uw slot kon u niet treffender verwoorden: u geeft aan inhoudsloze vragen te stellen. Dat zou ik nooit hebben durven zeggen.
Door Wouter Joosten (ZZP (oud wethouder Binnenmaas) ) op
Weet u meneer De Graaf, ik bewonder uw vasthoudendheid en passie waar u namens het CDA Binnenmaas mee vecht tegen de herindeling. Echt.

Maar waarom bent u altijd zo respectloos naar uw opponent? U wordt altijd emotioneel, denigrerend (prietpraat) en op de man. Iedere reactie van u vertoont dit patroon.

U kent mijn positie tav de fusie, sterker nog u weet waarschijnlijk als insider beter dan velen dat mijn mening tav de fusie tot grote spanningen heeft geleid binnen het college. Ik wil dus expliciet geen inhoudelijke discussie met u starten want in de laatste 9 jaar zijn we niet nader tot elkaar gekomen. Dus dat gebeurt nu ook niet meer denk ik.

Dus ik heb maar 1 vraag aan u, een inhoudloze vraag: Waarom verliest u altijd alle respect en beleefdheden in discussies of ingezonden brieven over de herindeling?

Het past u en uw partij CDA Binnenmaas helemaal niet om zo ordinair te praten.