Volg ons op: , 31430 LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Adverteren BB Magazine

Ouderenzorg moet naar gemeenten

1 reactie

Zorgverzekeraars hebben hun kans gehad de voordelen van marktwerking aan te tonen op het gebied van ouderenzorg. Conclusie: mislukt.

Zorgverzekeraars zijn een beetje bang geworden. Bang dat ze omzet verliezen. Daarom werd een welgemikte pr-campagne opgezet om de ouderenzorg binnen de Awbz te houden. De zorgverzekeraars c.q. de zorgkantoren zijn ware kampioenen in budgetoverschrijdingen. Zij zijn mede de oorzaak van de volledig uit de hand gelopen zorgkosten in Nederland. Binnen de Awbz is over 2011 weer 3,3 miljard euro te veel uitgegeven. Weinig reden dus om de ouderenzorg bij de zorgverzekeraars te laten. Eén van de problemen is dat de marktwerking op dit punt totaal is mislukt. De theorie was dat de zorgverzekeraars hun best zouden doen om de uitgaven te beperken om de premie voor hun klanten laag te houden. Maar in Nederland zijn er slechts vier grote concerns die de dienst uitmaken.

Jaarlijks schuiven er wel klanten van de ene maatschappij naar de andere, maar in feite blijven ze in het circuit van de grote vier. Door deze machtsconcentratie maakt het de zorgverzekeraars dus helemaal niets uit hoeveel geld ze uitgeven. Het geld stroomt toch wel binnen. De zorgverzekeraars kunnen straffeloos elk jaar de premies verhogen. Sinds de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2007 zijn de premies al met 25 procent gestegen. En dan te bedenken dat we in het begin nog een no-claim teruggave hadden die al snel is omgezet in een eigen risico van inmiddels 360 euro per persoon per jaar. En alle budget­overschrijdingen worden gewoon gedeclareerd bij de minister van VWS.

Dat het ook anders kan is aangetoond bij de hulp bij het huishouden. Tot 2007 zat dit ook in de Awbz. Elk jaar hetzelfde ritueel met budgetoverschrijdingen. Gevolg was onder andere patiëntenstops. Cliëntenorganisaties schreeuwden moord en brand en brachten de Tweede Kamer in stelling. De betreffende minister of staatssecretaris ging door de knieën, en schoof weer honderden miljoenen euro’s extra. Zo ging het jaar in jaar uit. Tot in 2007 de gemeenten de verantwoordelijkheid kregen over de hulp bij het huishouden. Gemeenten krijgen een budget en daarmee moeten ze het doen. Sinds die tijd zijn de uitgaven netjes binnen de kaders gebleven. En van patiëntenstops hebben we nooit meer iets gehoord. Natuurlijk ging dit niet zonder slag of stoot. Gemeenten gingen aanbesteden en de thuiszorgorganisaties klaagden steen en been, want ze moesten ineens op de kosten gaan letten.

Vóór 2007 zaten de thuiszorgorganisaties in hoofdkantoren als paleizen. Met gespiegelde ramen op A-locaties. Directies en raden van bestuur hadden salarissen die ver boven de Balkenendenorm uitgingen. Binnen de Awbz is dit allemaal mogelijk omdat er productieafspraken worden gemaakt met vaste tarieven. Lekker ondernemertje spelen zonder risico. Gemeenten hebben daar korte metten mee gemaakt. En ook hebben gemeenten links en rechts bezuinigingen doorgevoerd. Maar de gemeenten kozen tenminste niet voor de weg van de minste weerstand zoals de verzekeraars dit wel doen door eindeloos de premies te verhogen.

Bij de ouderenzorg is net als bij de gehandicaptenvoorzieningen in de Wmo, een fundamentele verandering van denken nodig. De logica van de zorgverzekeraars is nog steeds gebaseerd op de verzekeringsgedachte.  Centrale vraag hierbij is: waar heb ik recht op? Dit lijkt rechtvaardig, maar biedt slechts schijnveiligheid. De
verzekeringspaketten worden steeds meer uitgekleed en burgers moeten steeds meer zelf bijdragen. En desondanks leidt dit tot onbeheersbare uitgaven. Binnen de gemeentelijke sociale voorzieningen zijn de centrale vragen: wat is eigenlijk het probleem en wat heeft de burger nodig? Behoefte in plaats van recht. Dit is wezenlijk anders dan alleen de polisvoorwaarden langslopen om te kijken wat gedeclareerd kan worden. De zorgverzekeraars hebben hun kans gehad en verspeeld; nu zijn de gemeenten aan zet.

Rik Bolhuis, hoofd afdeling sociale zaken Dalfsen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Marijke Verbeek, Mirjam Maasdam (Beleidsmedewerkers bij Zorgverzekeraars Nederland) op

De heer Bolhuis laat in BB20 zien dat hij werkelijk niet weet hoe het Nederlandse zorgstelsel werkt. Zo houdt hij de zorgverzekeraars verantwoordelijk voor het verhogen van het eigen risico en budgetoverschrijdingen in de Awbz, terwijl het algemeen bekend is dat die zaken op het bordje van de rijksoverheid liggen. Hij stelt ook simpelweg dat de zorgverzekeraars via de zorgkantoren niks bereiken in de ouderenzorg. Zorgverzekeraars zouden nu proberen de ouderenzorg in de Awbz te willen behouden.

Nu voeren zorgkantoren in opdracht van de overheid de Awbz uit. De budgetoverschrijding van 3,3 miljard euro in de Awbz vorig jaar heeft niks van doen met de zorgverzekeraars. De overschrijding komt doordat de overheid de Awbz-premie te laag heeft vastgesteld. De budgetten zijn niet overschreden door de zorgkantoren, maar er is te weinig geld opgehaald door de overheid. Zorgkantoren krijgen een regionaal budget toegewezen en moeten het daarmee doen. Van jaarlijkse overschrijdingen is dus geen sprake.

De Awbz moet terug naar waar het voor bedoeld is: onverzekerbare zorg. Verpleging en verzorging van ouderen hoort niet meer thuis in de Awbz. Zorgverzekeraars zijn voor een overheveling naar de Zorgverzekeringswet. Begeleiding van ouderen is daarentegen een Awbz-onderdeel dat prima thuishoort in de Wmo.

Volgens Bolhuis hoort verpleging en verzorging van ouderen niet bij zorgverzekeraars, maar bij gemeenten. Ouderen verliezen op dat moment het verzekerd recht waarbij zij afhankelijk worden van de gemeente of de benodigde zorg wordt geleverd. Ouderen hechten aan een onafhankelijke indicatiestelling, die waarborgt dat iedere oudere waar ook in Nederland, kan rekenen op dezelfde zorg. Als de gemeente verpleging en verzorging gaat uitvoeren zou dat in feite ook betekenen dat we van 31 door de overheid gebudgetteerde zorgkantoren overstappen naar 400 gebudgetteerde gemeentes die via aanbestedingen de zorg gaan organiseren.

Als de ouderenzorg is ondergebracht bij de Zorgverzekeringswet kan de ­zorgverzekeraar de samenwerking tussen de huisarts, het ziekenhuis, de fysiotherapeut en de verpleegkundige stimuleren. Als de ­ouderenzorg onder verantwoordelijkheid valt van de lokale overheid blijft het probleem dat er vanuit verschillende systemen zorg wordt geleverd aan dezelfde persoon.

Als zorgverzekeraars pleiten we voor doorontwikkeling van het zorgstelsel, bijvoorbeeld door gezondheidswinst centraal te kunnen stellen bij de financiering van de zorg. Het overhevelen van verpleging en verzorging van ouderen, mogelijk risicodragend, hoort daarbij. Juist dan kan integrale zorg dicht in de buurt worden vorm gegeven, met landelijk gelijke rechten voor alle verzekerden.

Vacatures

Van onze partners