of 59045 LinkedIn

Empathie in de jeugdzorg

Reageer

Met ingang van 2015 gaan wethouders over de jeugdzorg. De vraag is hoe gemeenten met incidenten – en die komen er ongetwijfeld– zullen omgaan. Wat in ieder geval niet moet gebeuren, is een nieuwe risico-regelreflex in de jeugdhulp.

Acht jaar was ik verantwoordelijk voor de jeugdzorg in het Stadsgewest Haaglanden, één van de drie stadsregio’s die wat betreft de jeugdzorg dezelfde bevoegdheden hadden als de provincies. Het voordeel hiervan was dat je in de betrekkelijke politieke luwte je werk voor de jeugdzorg kon doen. Eens in de vier jaar werd er door het Algemeen Bestuur van het Stadsgewest een visie op de jeugdzorg vastgesteld, die vervolgens werd uitgewerkt in jaarplannen waar het Dagelijks Bestuur over besloot. Per 1 januari gaat dat veranderen als de jeugdzorg naar de gemeenten wordt overgeheveld. Een ontwikkeling die ik altijd heb toegejuicht omdat de jeugdhulp van simpele preventieve vormen van hulp tot de meer complexere vormen van (semi-)residentiële zorg in samenhang vanuit één bestuurlijk aanspreekpunt, namelijk de wethouder jeugd, wordt aangestuurd. De jeugdketen is daarmee voor het eerst gesloten en dat zal op termijn de zorg voor de doelgroep ten goede komen.

Alleen overal waar wordt gewerkt, worden fouten gemaakt. Ook in de jeugdzorg. De vraag is hoe zal worden gereageerd op de incidenten in de jeugdzorg die in de toekomst onvermijdelijk gaan gebeuren. In Haaglanden was dit eigenlijk geen probleem omdat het Algemeen Bestuur en de afzonderlijke gemeenteraden op (te) grote afstand stonden.

Maar nu de wethouders jeugd erover gaan, is de vraag hoe gemeenten met incidenten zullen omgaan. Het is belangrijk om daarbij de spelregels van ‘Good Governance’ goed toe te passen. De Raden voor openbaar bestuur en Maatschappelijke Ontwikkeling hebben er een nuttig advies over uitgebracht: in termen van veiligheid is de gemeente verantwoordelijk voor het scheppen en handhaven van de randvoorwaarden voor een veilig sociaal domein. Ze zorgt ervoor dat voorzieningen voor iedereen toegankelijk zijn, dat die voor iedereen die ze nodig heeft betaalbaar zijn en dat er toezicht wordt gehouden op de professionele uitvoering en organisatie ervan. De gemeente kortom is systeemverantwoordelijk. Maar voor de organisatie en uitvoering van veiligheid in de jeugdzorg zijn de betrokken professionals verantwoordelijk, werkzaam bij de maatschappelijke instellingen, die binnen het systeem hun vak uitoefenen.

De vraag is of je het met dit formele verhaal redt als zich een incident voordoet. Kritische vragen door de gemeenteraad vragen om een beantwoording door het college van B&W. Wat in ieder geval niet moet gebeuren is dat er een nieuwe risico-regelreflex in de jeugdhulp komt. Maar er is ook meer nodig dan de formele spelregels van ‘Good Governance’. Empathie uiten en het tonen van emotionele betrokkenheid zijn minstens zo belangrijk. Het gaat om het balanceren tussen emotie en ratio, tussen symboliek en functionaliteit.

Mijn suggestie is de verantwoordelijkheid voor de organisatie en de uitvoering van veiligheid in de jeugdzorg bij de betrokken professionals werkzaam bij de maatschappelijke instellingen te laten. De wethouder jeugd is als systeem­verantwoordelijke aanspreekbaar op het scheppen en handhaven van de randvoorwaarden voor een veilig sociaal domein. En laat de burgemeester in zijn burgervaderrol de meer empathische, emotionele rol voor zijn rekening nemen. Het werkt niet als de wethouder jeugd, die beide rollen tegelijkertijd moet gaan behartigen omdat hij of zij dan kwetsbaar wordt.  Het is aan te bevelen om hier voor 1 januari goede afspraken in het college over te maken om te voorkomen dat er gedoe over ontstaat als de nood aan de man komt.

Rik Buddenberg, oud-burgemeester van Pijnacker-Nootdorp

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.