of 59054 LinkedIn

Onbegrijpelijk besluit over onbegrijpelijk vinkje

In Amsterdam zijn meer kinderen te zwaar dan gemiddeld in Nederland. Met de Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht doen we wat we kunnen om te zorgen dat zij een gezondere leefstijl krijgen. Gezond eten en drinken, lekker bewegen, goed slapen. Niet alleen de kinderen zelf en hun ouders hebben daarin een verantwoordelijkheid, ook de omgeving speelt een belangrijke rol.

Menig volwassene kan erover meepraten hoe lastig het is om gezonde keuzes te maken als de ongezonde keuze veel makkelijker is. Om bij regen de fiets te pakken terwijl de auto droog en warm voor de deur staat te lonken. Om dat wijntje af te slaan terwijl de gastvrouw zegt: ach doe niet zo ongezellig. Om in de supermarkt niet nog even snel die zak chips – nu! aanbieding! – in de kar te gooien.

 

Je kunt je voorstellen hoe het voor kinderen – die zich veel minder bewust zijn van langetermijngevolgen – extra moeilijk is om gezonde keuzes te maken, elke dag weer. Ze zijn extra kwetsbaar voor de verlokking van de makkelijke keuze. Vandaar dat we in onze aanpak ook kijken naar de voedselomgeving van kinderen: waar komen ze welk voedsel tegen, hoe bepalen ze hun keuze en hoe kan je die beïnvloeden? We kijken allereerst naar de onderdelen waar de gemeente direct invloed heeft, dus naar basisscholen en ouder- en kindcentra. We stimuleren het drinken van (kraan)water en een gezonder aanbod.

 

Helaas is onze invloed op wellicht het belangrijkste onderdeel van de dagelijkse voedselomgeving – de supermarkten – maar zeer beperkt. De voedingsindustrie heeft er groot belang bij dat consumenten ongezonde producten blijven kopen. De grondstoffen daarvan – suiker, zout, vet – zijn immers een stuk goedkoper dan gezondere ingrediënten.

 

En… de voedingsindustrie berekent wat de precieze verhouding tussen deze grondstoffen moet zijn, het zogenaamde ‘bliss point’, om te zorgen dat mensen maximaal dooreten/drinken. Als ik erg cynisch zou zijn, zou ik eraan toevoegen: de voedingsindustrie heeft er belang bij dat mensen te zwaar zijn. Dan eten ze meestal meer.

 

Maar marketing is niet het enige probleem. Ouders die proberen een gezonde keuze te maken, hebben daarvoor nu alleen het beruchte ‘vinkje’ op de verpakking. Dit systeem is voor de meeste consumenten onbegrijpelijk. Een product suggereert soms gezond te zijn, terwijl het alleen de minst beroerde variant is in een ongezonde productgroep zoals kant-en-klaarsauzen.

 

Het vinkje is een verzinsel van de voedingsindustrie zelf. Belangenorganisaties zoals foodwatch roepen al jaren om een onafhankelijk, verplicht systeem dat wél begrijpelijk is. Vorige week nog riep de Consumentenbond de minister op om te stoppen met het vinkje. In plaats van zich de kritiek aan te trekken, heeft minister Schippers besloten de goedkeuring van het vinkje met een jaar te verlengen. En dat terwijl een van de voorwaarden die de Warenwet aan een voedselkeuzelogo stelt, is dat het logo ‘begrijpelijk is voor de consument’. Een onbegrijpelijk besluit over een onbegrijpelijk vinkje.

 

Kinderen hebben juist een systeem nodig dat ook zij in een oogopslag begrijpen. Het ‘verkeerslichtsysteem’ is zo’n systeem. Daarbij staat op de voorkant van het product hoeveel zout, vet en suiker erin zit per 100 gram met (rood voor een hoog gehalte, oranje gemiddeld, en groen laag. Kraakhelder: je kunt nog steeds door rood, maar je bent gewaarschuwd.

Paul van der Velpen
Meer columns van Paul van der Velpen leest u hier.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.