of 59054 LinkedIn

Comadrinkende pubers tussen wal en schip

Ik kan er zo blij van worden: hulpverleners die op de problemen afstappen, contact leggen met andere hulpverleners om nieuwe oplossingen te ontwikkelen. Twee jeugdartsen wilden met me praten. Ze wilden iets doen aan het toenemende aantal pubers dat zich een coma drinkt. Ze vertelden dat ze contact hadden gelegd met enkele Amsterdamse ziekenhuizen.

Hun idee: Is er een alcoholintoxicatie geweest, moet dit worden doorverwezen naar de jeugdarts bij de GGD om een aantal dingen te bepalen:

-          Is het een eenmalige uitglijder? Voorlichting over overmatig gebruik alcohol ligt dan wel voor de hand, maar verder geen acties.

-          Is er meer aan de hand? Komt het vaker voor of is het een signaal voor problematiek die tot dan toe gemist is? Dan wordt er meer actie ondernomen.

-          Kunnen de opvoeders van het betreffende kind nog ondersteuning gebruiken? Dan wordt die gegeven door de jeugdartsen of jeugdverpleegkundigen. En mocht dat nodig zijn dan wordt er contact gelegd met maatschappelijk werkers of GZ-psycholoog.
 

Tot zover ziet het er natuurlijk prachtig uit. De intentie is er. Samenwerking tussen jeugdgezondheidszorg en ziekenhuizen om iets aan alcoholintoxicatie te doen. Maar nu komen de onvermijdelijke problemen. De zeer bereidwillige medewerkers van het ziekenhuis lopen tegen de grenzen van het DBC-systeem aan. Een diagnose-behandelcombinatie (DBC) is de totale ziekenhuisbehandeling, vanaf de diagnose van de specialist tot en met eventuele ziekenhuisbehandeling en bijbehorende nacontrole(s). Maar nazorg leveren op deze schaal is niet opgenomen in die systematiek. Oftewel: daar krijgt het ziekenhuis niet voor betaald door de zorgverzekeraars. En ook voor de GGD-medewerkers, de jeugdartsen, is het lastig manoeuvreren: deze werkzaamheden maken geen onderdeel uit van de opdracht van de gemeente en er is dus ook geen tijd voor beschikbaar. Inhoudelijk zou het natuurlijk beter zijn als de jeugdartsen de nazorg zouden doen, dicht bij het gezin, laagdrempelig en met de mogelijkheid om de vinger aan de pols te houden. Of ik dat zou kunnen oplossen.

 

Oke, laten we het een en ander goed uitzoeken. Wat zouden de werkzaamheden van de jeugdarts in het geval van nazorg alcoholintoxicatie moeten zijn, hoe kunnen die werkzaamheden gekoppeld worden aan de richtlijnen/werkwijzen van huisartsen, ziekenhuizen en het Amsterdamse Ouder en Kindteam waarbinnen de jeugdartsen werken? Met als einddoel een sluitende keten nazorg alcoholintoxicatie voor tieners. Waarbij opvoeders en pubers geen last hebben van de verschillende financiële regimes.

 

Over financiën gesproken: wie gaat dit betalen? De noodzaak is duidelijk. Week in, week uit kampen de spoedeisende hulpposten in Nederland met de gevolgen van alcoholintoxicatie onder tieners. Zij hebben de noodklok geluid en willen op korte termijn met VWS om de tafel. Maar als ik de brief van VWS van 25 maart jl aan de 2e Kamer lees over “preventie in het zorgstelsel” waarin zij een oproep doet aan gemeente en zorgverzekeraars om samen te werken ten aanzien van preventie, vrees ik dat we nog een lange weg te gaan hebben. Op basis van mijn ervaring de afgelopen 21 jaar zal ik een voorspelling doen. De bal zal heen en weer gespeeld blijven: de zorgverzekeraars zullen zeggen dat het gaat om secundaire preventie (herhaling voorkomen) en dus door de gemeenten betaald moet worden. De gemeenten zullen zeggen dat het nazorg is, dat hoort (of het nu door kinderarts of jeugdarts wordt gedaan) gefinancierd te worden door de zorgverzekeraars. Trouwens, als de zorgverzekeraars daarin investeren dan is het ook in hun eigen belang, want als er minder herhaling komt scheelt dat zorgkosten.

 

In genoemde brief is het volgens VWS niet nodig om de wet- en regelgeving te veranderen ten aanzien van de financiering van preventie. Ik heb zo mijn twijfels, er zijn meer kortsluitingen die preventie belemmeren en alleen met wetgeving kunnnen worden gerepareerd. Om een sluitende keten nazorg alcoholintoxicatie te regelen, zal VWS met de zorgverzekeraars en gemeenten afspraken moeten maken en vastleggen. 

Paul van der Velpen

Meer columns van Paul van der Velpen vindt u hier.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.