of 59232 LinkedIn

Weinig verschil in aanbestedingen huishoudelijke hulp

De verschillende aanbestedingen van gemeenten voor huishoudelijke hulp leiden tot vrijwel geen verschil in prijs. Dat blijkt uit onderzoek van het CPB en SCP.

De aanbestedingsprocedures van gemeenten voor huishoudelijk hulp gaan niet gepaard met verschillen in prijzen, marktaandelen en keuzevrijheid. Dit blijkt uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dat zojuist verscheen. Uit het rapport wordt ook duidelijk dat de prijzen die zelfstandig werkende gemeenten voor hulp betalen nauwelijks afwijken van samenwerkende gemeenten. In het onderzoek is overigens geen rekening gehouden met de kwaliteit van de geleverde hulp.

Meerdere aanbieders
Een goede verklaring voor de geringe prijsverschillen per type aanbesteding is dat bijna alle gemeenten meerdere aanbieders contracteren – ongeacht de vorm van aanbesteden. Hierdoor hebben gebruikers wat te kiezen en moeten aanbieders hun best doen om klanten te krijgen of te houden. Het beperkte prijsverschil tussen aanbestedingsvormen biedt gemeenten ruimte om bij de aanbesteding te sturen op andere zaken dan de prijs, zoals kwaliteit of lage administratieve lasten van het inkoopproces.


Kwaliteit

CPB en SCP hadden graag de kwaliteit van huishoudelijke hulp bij deze studie betrokken, maar dat bleek niet mogelijk. ‘Er zijn geen objectieve maatstaven beschikbaar voor de kwaliteit van huishoudelijke hulp die over gemeenten vergelijkbaar zijn’, aldus de onderzoekers. ‘Wel zijn voor de meeste gemeenten cliënttevredenheidscijfers beschikbaar. Deze blijken echter nauwelijks variatie over de gemeenten te kennen, waardoor ze niet geschikt zijn als maatstaf voor kwaliteit.’ CPB en SCP onderzochten het gemeentelijk inkoopbeleid van huishoudelijke ondersteuning tussen 2007-2013. 

 

Kennisdeling 

Samenwerkende gemeenten bedingen geen lagere prijzen dan gemeenten die zelfstandig inkopen. Toch kan het voor gemeenten aantrekkelijk zijn om samen te werken wanneer dit leidt tot kennisdeling over de inkoopprocedure en lagere aanbestedingskosten. Grote aanbieders van huishoudelijke hulp bedingen geen substantieel hogere prijzen dan kleine aanbieders. Als het om de prijs gaat, speelt het marktaandeel van de aanbieder dus nauwelijks een rol.

Eigen bijdrage 

Gemeenten kunnen, ten gunste van de gebruiker, afwijken van de landelijke kaders die bestaan voor het vaststellen van de maximale eigen bijdrage, maar doen dit nauwelijks. Verschillen in eigen bijdragen komen dus niet zozeer door verschillen tussen gemeenten in eigenbijdragebeleid, maar vooral door persoonlijke factoren (zoals inkomen). De decentralisatie van huishoudelijke hulp naar gemeenten heeft dus niet geleid tot grote verschillen in eigen bijdragen tussen vergelijkbare huishoudens die in verschillende gemeenten wonen.
 
Remmend effect 

Een verhoging van de eigen bijdrage heeft een beperkt remmend effect op het gebruik. Dit effect geldt zowel voor het aantal gebruikers als voor het afgenomen aantal uren hulp per gebruiker. Ten slotte kennen gemeenten met veel mantelzorgers een vergelijkbaar aantal gebruikers van professionele hulp als gemeenten met weinig mantelzorgers, maar gaat de aanwezigheid van mantelzorg wel gepaard met minder uren huishoudelijke hulp. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Henk op
390 gemeentes hebben heel veel werk aan deze aanbestedingen. Ik schat de kosten op pakweg 100.000 per aanbesteding. Dat betekent dat 39000000 euro wordt weggegooid. Misschien kunnen we deze miljoenen beter gebruiken voor meer zorg en hulp.