of 59232 LinkedIn

Prikkelen van innovatiekracht in buurtteams

Utrecht telt sinds 2015 achttien buurtteams, die met een vooraf vastgesteld budget de basiszorg sociaal en jeugd moeten leveren. De medewerkers zijn enthousiast en willen niet terug naar ‘vroeger’. Het prikkelt de innovatiekracht. Het is wel wennen, voor zowel inwoners als professionals.

Utrecht telt sinds 2015 achttien buurtteams, die met een vooraf vastgesteld budget de basiszorg sociaal en jeugd moeten leveren. De medewerkers zijn enthousiast en willen niet terug naar ‘vroeger’. Het prikkelt de innovatiekracht. Inwoners zijn grotendeels tevreden, al is het wel wennen. Ook voor professionals trouwens.

Op afstand

De Buurtteamorganisatie Sociaal Utrecht (Incluzio) heeft na een aanbesteding getekend voor de sociale basiszorg in de hele Domstad. Met een vooraf vastgesteld budget, gebaseerd op onder meer de sociaal-economische status en de historische zorgvraag van de wijkbewoners, moet Incluzio in ieder geval tot 2019 die sociale basiszorg leveren. Lokalis heeft per 2015 voor een periode van vier jaar een ‘zak geld’ meegekregen met de opdracht de basishulp jeugd en gezin wijkgericht te regelen en te geven. Het budget is gebaseerd op het historische zorggebruik. De generalisten van zowel sociaal als jeugd zijn in dienst van de respectievelijke organisaties; de gemeente staat dus op afstand.


Collectief aanbod

Het budget is niet leidend bij het leveren van de juiste ondersteuning, stelt Annemieke Scholten, directeur van Buurtteamorganisatie Sociaal Utrecht (Incluzio). Wel maakt het dat de generalisten uit de buurtteams eerder kijken of er bijvoorbeeld niet een collectief aanbod voorhanden is dat de inwoner verder kan helpen, in plaats van een individueel aanbod. De innovatiekracht wordt als het ware geprikkeld.


Opleidingstraject

Wennen is het wel, voor zowel de professional als de hulpvrager. Een opleidingstraject helpt de medewerkers als generalist te denken en te handelen, én inwoners aan te spreken op wat ze zelf aan hun situatie kunnen doen. ‘We denken nu anders na over wat nodig is. We willen toe naar een duurzame oplossing, waarbij het dus belangrijk is dat we de veerkracht van de inwoners vergroten.’ Ook bij inwoners moest de knop om; niet meer elke vraag wordt met een individueel en ‘standaard’ aanbod beantwoord. ‘In het begin was het echt ‘ik wil professionele hulp en die moeten jullie gewoon leveren’. Dat hoor ik nu vrijwel niet meer’, weet Bouazani.


Verademing

Ook bij Lokalis zijn overwegend positieve geluiden te horen over het ‘Utrechtse model’. De ruimte die professionals – hier gezinswerkers genoemd – krijgen en de sterk verminderde verantwoordingseisen van de opdrachtgever zijn een verademing, vertellen Marenne van Kempen, bestuurder van Lokalis, en programmamanager Esther Alblas. De meerwaarde van wijkgericht werken is groter dan vooraf gedacht, stellen Van Kempen en Alblas. ‘Voorheen gingen we uit van het individuele kind of de gezinssituatie. Dat kind of dat gezin kwam naar jou en die hielp je. Nu we in de wijk zitten, krijgen we veel meer inzicht in de omstandigheden waarin het kind opgroeit. Op die manier krijgen we ook meer zicht op gedeelde problematiek in zo’n wijk’, aldus Van Kempen. Als je veel voorkomende problemen in een wijk in het vizier hebt, kun je weer beter inzetten op preventie.


Duurzame oplossing

Het wijkgericht werken in combinatie met het vooraf vastgestelde budget is prettig. Van Kempen: ‘Je wordt niet afgeleid door dbc’s en p maal q (diagnose-behandelcombinaties en het afrekenen op basis van hoeveelheid geleverde zorg maal prijs, red). De verantwoording zit aan de achterkant, waardoor professionals ruimte krijgen om te doen wat nodig is.’ Om integraal te kijken naar wat er in een gezin nodig is bijvoorbeeld, en daar naar te handelen. Het is beslist geen kwestie van ‘u vraagt, wij draaien’, en ja, dat is ook hier wennen voor de zorgvragers. Van Kempen: ‘Het moet niet meer gaan om ‘het recht hebben op’ een (individuele) voorziening. Mensen verdienen een zelfde uitkomst, en die is voor iedereen anders.’ Uiteindelijk moeten mensen voldoende veerkracht krijgen om in de toekomst om te gaan met problemen. ‘Hulpverleners zijn voorbijgangers. Samen met het kind of het gezin moet worden gezocht naar een duurzame oplossing.’


Lees het hele artikel in Binnenlands Bestuur nr 5. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.