Gemeenten worstelen met leerlingenvervoer
Beroep
In Almelo is er een ‘hardheidsclausule’. Die houdt in dat ouders tegen het oordeel van een deskundigencommissie in beroep kunnen gaan. Een negatief oordeel is dus ‘geen keihard nee’, zei wethouder Andela onlangs op de lokale omroep. De wethouder hoopte met die toezegging het protest tegen de soberdere regeling voor leerlingenvervoer te beperken.
Star
Helmond had eerder besloten om de zes-kilometergrens in te voeren, de wettelijke maximumgrens waarboven de gemeente voor leerlingenvervoer voor het speciaal onderwijs moet zorgen. Van de 194 getroffen gezinnen schreven er 110 ouders een protestbrief. In Maart kwam Helmond op die ‘starre grens’ terug. Voortaan wordt bij aanvragen vanaf twee kilometer niet meer naar afstand, maar naar de thuissituatie gekeken.
Bestuursakkoord
Almelo en Helmond zijn enkele voorbeelden waar aanvankelijk ingeboekte bezuinigingen op het gemeentevervoer uiteindelijk niet worden gehaald. Er zijn ook gemeenten, zoals Oosterhout, die wel vasthouden aan de geplande bezuiniging. Maar de VNG ziet dat gemeenten in het algemeen weinig invloed hebben op de kosten van het leerlingenvervoer. ‘Niet voor niets is er in het bestuursakkoord een onderzoek aangekondigd,’ zegt een woordvoerder.
Spreiding
Gemeententen hebben nu ‘weinig invloed op de spreiding van het speciaal onderwijs’, terwijl door die spreiding wel de kosten worden bepaald die gemeenten moeten maken. Vandaar dat Rijk en gemeenten een onderzoek starten naar de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer. Hoe het onderzoek eruit ziet, en welke oplossingsrichting de VNG in gedachte heeft is nog onbekend. ‘Het Bestuursakkoord moet eerst nog getekend worden, dan komt het onderzoek, en dan wordt er wat duidelijker,’ zegt een woordvoerder.
Reactie op dit bericht
Met de zoektocht naar bezuinigingen op de programmakosten en de spreiding van het speciaal onderwijs gaan Rijk en gemeenten helaas voorbij aan de besparingsmogelijkheden op de uitvoeringskosten van leerlingenvervoer. Terwijl besparingen op de uitvoering juist geen pijn doen bij de burger. Wij denken dat gemeenten flink kunnen besparen door kritisch naar hun (klant-)processen te kijken. Zo liggen er mogelijkheden bij al die Nederlandse gemeenten waar ouders jaarlijks een aanvraag voor het leerlingenvervoer moeten indienen. Want waarom zou je de aanvragen van leerlingen met bijvoorbeeld een chronische beperking elk jaar opnieuw willen beoordelen, terwijl je die aanvraag ook voor een hele schoolperiode kunt toekennen? Dat scheelt voor een gemeente vaak zo’n zeven aanvragen per gezin. Aanvragen die een gemeente steeds opnieuw moet controleren, beoordelen, archiveren et cetera...
Dit is slechts één voorbeeld. Het toekennen van leerlingenvervoer voor de hele schoolgaande periode levert forse besparingen op. En er zijn nog meer mogelijkheden om te bezuinigen op de uitvoeringskosten van leerlingenvervoer. Mogelijkheden die bovendien de dienstverlening van gemeenten naar een hoger niveau tillen. Want slechts eenmaal leerlingenvervoer aanvragen? Dat scheelt veel tijd en energie voor ouders. Op deze manier snijdt het mes aan twee kanten: minder kosten voor de gemeente en betere dienstverlening aan de burger.
Tessa van den Berg en Frank van IJzerloo
Onderzoeks- en adviesbureau Zenc
Tegelijkertijd reisde een klasgenoot van onze zoon ook elke dag alleen in een taxi, want dat was een andere gemeente. En het bundelen van dit vervoer was absoluut niet mogelijk.
Bezuinigen is mogelijk, door het vervoer niet tot een gemeente te beperken, en te komen tot een slimme invulling van behoefte aan vervoer en aanbod van onderwijs. Dat is nu nog ver te zoeken.