of 59045 LinkedIn

Nieuwe verliezers Wsw-budget

Uit analyse van het participatiebudget voor 2015 door Binnenlands Bestuur blijken grote verschillen tussen de gemeentelijke budgetten voor de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) die staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid half juni vrijgaf en wat ze op Prinsjesdag presenteerde.

De verdeling van het Wsw-budget voor 2015 ziet er heel anders uit dan staatssecretaris Klijnsma half juni liet weten. De oorzaak: een verkeerde aanname in het verdeelmodel. Nieuw rekenwerk drie maanden later leidt tot nieuwe winnaars en nieuwe verliezers.

Uit analyse van het participatiebudget voor 2015 door Binnenlands Bestuur blijken grote verschillen tussen de gemeentelijke budgetten voor de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) die staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid half juni vrijgaf en wat ze op Prinsjesdag presenteerde. ‘Gemeenten kunnen nu inzicht krijgen in de hoogte van hun participatiebudget voor 2015’, schreef Klijnsma op 17 juni. Naar nu blijkt, was dat niet het geval. Op Prinsjesdag verscheen namelijk het ‘geactualiseerde participatiebudget 2015’. De actualisatie oogt in de schriftelijke toelichting tamelijk bescheiden, maar na doorrekening blijken de budgetten per gemeente flink op de schop te gaan. De oorzaak is een verkeerd uitgangspunt in het voor de zomer gepresenteerde model.

Dit verdeelmodel ging ervan uit dat het aantal Wsw-ers al vanaf halverwege 2014 zou dalen, terwijl de regeling pas vanaf 1 januari 2015 op slot zit. Gemeenten lieten weten zich ‘niet te herkennen’ in de cijfers. In opdracht van Klijnsma sloeg de modelbouwer, economisch onderzoeksbureau SEO, opnieuw aan het rekenen. Waarna op Prinsjesdag een aangepast model het licht zag. Dat gaat niet uit van een daling, maar juist van een stijging van het aantal Wsw-ers tot eind dit jaar.

Blijfkans
Doordat nog tot het einde van het jaar nieuwe mensen via de oude regeling de Wsw binnenkomen, kwam SEO met andere schattingen voor de ‘blijfkans’: de kans dat iemand ook volgend jaar nog in een sw-bedrijf werkt. Dankzij ‘vers bloed’ dat nu op het nippertje de sw-bedrijven instroomt, daalt het natuurlijk verloop (door pensionering of sterfte) en stijgt de blijfkans. Ging het model er voor de zomer vanuit dat door natuurlijk verloop halverwege volgend jaar 7 procent minder mensen van de Wsw gebruik zouden maken dan in juni 2014, nu rekent het model met 3 procent minder ten opzichte van eind dit jaar.

Waarom het in juni gepresenteerde model van de verkeerde aanname uitging, is onduidelijk. Niet gemeenten, maar het UWV geeft indicaties af voor toelating tot de Wsw. Sinds 10 september is het UWV daarmee gestopt, vooruitlopend op de nieuwe Participatiewet. Mogelijkerwijs heeft Klijnsma gedacht dat gemeenten meer mensen met een Wsw-indicatie op de wachtlijst zouden laten staan, zodat hun recht op een Wsw-plek op 1 januari zou komen te vervallen. In plaats daarvan lijkt het erop dat een aantal gemeenten tot het einde van het jaar juist extra mensen tot de Wsw toelaten. Deze moeilijk categorie cliënten valt daarmee vanaf 1 januari niet onder hetzelfde re-integratieregime als bijstandscliënten, maar onder de oude Wsw. Die Wsw-koek wordt de komende jaren weliswaar kleiner, maar gemeenten die er nu veel cliënten in weten onder te brengen, krijgen ook na 2015 een grotere hap van de kleinere koek.

Duister
Ook voor een andere grote wijziging blijft de verklaring duister. In de berekeningen van juni gold voor 2015 een maximale budgetstijging per gemeente van 2,4 procent ten opzichte van 2014. Die was ingesteld om ervoor te zorgen dat het verschil tussen voor- en nadeelgemeenten niet te groot werd. In totaal kregen 170 gemeenten deze maximale stijging, de rest ging er op achteruit. In de budgetverdeling van september daarentegen is geen sprake van een maximale stijging en dus ook niet meer van een verzachte budgetdaling. Doordat het macrobudget hetzelfde blijft (op de prijscompensatie van 15 miljoen na), staan nu tegenover grotere stijgers ook grotere dalers.

De nieuwe berekening voor de uitstroom en het weglaten van een demper op de maximale daling leiden ertoe dat de budgetverdeling voor de Wsw er in één zomer tijd geheel anders uitziet. Er zijn winnaars en verliezers. Zagen Almere en Bergen op Zoom eerst in 2015 een korting van rond de 5 procent ten opzichte van 2014 op zich afkomen, drie maanden later is die omgeslagen in een plusje van 0,9 procent.

Ook bijvoorbeeld Tytsjerksteradiel ziet een min van 4,4 procent veranderen in een plus van 4,6 procent. De voorjaarswinnaars Landsmeer en Oostzaan zijn met respectievelijk 16,7 en 13,7 procent nu nog grotere najaarswinnaars.

Verliezers

Maar er zijn ook verliezers. Lingewaal ging goedgemutst de zomer in met 2,4 procent extra Wsw-middelen ten opzichte van 2014, om na het reces een korting van 23,7 procent in de maag gesplitst te krijgen. Ook voor Schiermonnikoog, Wormerland, Zeewolde, Vlist en Weststellingwerf ziet de wereld er met kortingen van meer dan 10 procent heel anders uit dan voor de zomer, toen ze voor 2015 nog het maximale extraatje kregen toebedeeld.

Onder de grotere gemeenten zijn Purmerend, Almelo en Amsterdam met dalingen van tussen de 6 en 8 procent ten opzichte van 2014 grote nadeelgemeenten. In absolute bedragen is Enschede de grootste verliezer: het mag 2,5 miljoen euro (-12,1 procent) van haar Wsw-budget inleveren, bijna het dubbele van de korting die in juni al werd aangekondigd.

Kijk voor de meest actuele 3D-budgetten en voor vergelijkingen van alle gemeenten in het dossier ‘3D: Verdeling budget’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door lempsink (raadslid) op
Zelfs het rekenen is al een probleem en daar moet een gemeente op sturen ?
Door Jaap van Velzen (adviseur) op
Holimolie...je mag toch verwachten dat her Rijk kan rekenen..helaas.