Advertentie
sociaal / Nieuws

Gemeenten toch aan roer bij inkoop Jeugd-GGZ

Zorgverzekeraars gaan gemeenten wel advies geven en helpen, maar gaat niet - zoals eerder het plan was - 3 jaar lang de inkoop regelen.

13 februari 2014

Gemeenten gaan de inkoop van Jeugd-GGZ toch zelf uitvoeren. Ze worden daarbij ondersteund door zorgverzekeraars. Dat hebben de twee partijen afgesproken. De plannen waarbij de inkoop de komende drie jaar door zorgverzekeraars gedaan zou worden, zijn van tafel. Tot opluchting van wethouders in het land.

Verplichte winkelnering
Begin november liet de VNG weten te werken aan afspraken waarbij Zorgverzekeraars Nederland (ZN) drie jaar lang de inkoop van Jeugd-GGZ zou uitvoeren. Dit om een ‘zachte landing’ te bewerkstelligen van de overgang naar gemeenten. In de drie jaar konden zorgverzekeraars kennis overdragen op gemeenten die daarna de inkoop in eigen handen zouden nemen. Een aantal wethouders liet toen al weten niet blij te zijn met die verplichte winkelnering, omdat het de vrijheid van gemeenten inperkte. In de nieuwe afspraak is die 3-jarige termijn van de baan. ‘Het was niet mogelijk een werkzame combinatie te vinden tussen de wens van gemeenten om regionaal in te kopen en de huidige landelijke inkoop door verzekeraars’, aldus de VNG. Voor de zorgverzekeraars is nu een adviserende en begeleidende rol weggelegd.

Martkinventarisatie
Dit jaar nog zullen verzekeraars gemeenten helpen een marktinventarisatie te maken over hoe de GGZ-markt eruitziet, hoe inkoopbeleid eruit kan zien en hoe dat beleid opgezet kan worden. Gemeenten kunnen die inkoop dan voor 2015 zelf regelen. Per jeugdzorgregio zal één zorgverzekeraar aangewezen worden die de adviesrol vervult. Voor de jaren 2016 en 2017 kan de adviesrol van verzekeraars verschuiven van de regio’s naar een landelijke ondersteuning.

Landelijke ondersteuning
Per Jeugdzorgregio zullen twee of drie gemeenten een mandaat krijgen om de gesprekken met de verzekeraar te voeren. Voor 1 juli zullen ze de markt van de GGZ inventariseren en een inkoopbeleid formuleren. Na 1 juli is het dan tijd om de contracten daadwerkelijk af te sluiten. Onder leiding van de VNG komt er een landelijk ondersteuningsprogramma dat zich richt op het verspreiden van kennis over de GGZ, bijvoorbeeld door opleidingen voor de inkopers. Ook worden van hieruit handreikingen opgesteld en modelovereenkomsten gemaakt.

Stuk beter
Mieke Damsma, wethouder voor D66 in Maastricht was één van de mensen die in november bezwaar maakte tegen de verplichte winkelnering. ‘Het nieuwe plan is in ieder geval een stuk beter dan het vorige’, reageert ze. ‘Het blijft natuurlijk een compromis, maar soms krijg je niet helemaal wat je wilt en dan moet je tevreden zijn met wat je wel krijgt.’ Het feit dat gemeenten niet meer vast zitten aan door anderen afgesloten contracten juicht ze toe. ‘Maar het nadeel is dat we nu nog drie jaar vastzitten aan de systemathiek van de Diagnose Behandel Combinatie.’ Dat systeem houdt in dat zorg nog steeds in bepaalde pakketten vergoed wordt, wat het lastig maakt om behandelingen buiten deze DBC’s door te voeren.

 
Diagnose Behandel Combinatie

Haar collega uit Breda Saskia Boelema is het hiermee eens. ‘Door die DBC’s is het lastig om crossverbanden te maken tussen bijvoorbeeld Jeugdzorg en Jeugd-GGZ. De vraag is dan hoe we tot vernieuwende vormen van zorg komen als we hieraan vast blijven zitten.’ Ze vreest dat niet alleen vernieuwing uit zal blijven, maar dat ook het behalen van bezuinigingen lastiger wordt. ‘Nu wordt vaak dubbel gefinancierd en het idee is dat dat minder voor zal komen door de schotjes uit de wet te halen. Alleen is straks de bekostiging nog steeds niet ontschot.’ Of regio’s toch nog tot vernieuwing komen, zal afhangen van de bereidheid en flexibiliteit van de aanbieders, denkt Boelema. ‘Dat kun je als gemeente een beetje sturen, maar je bent wel afhankelijk van bijvoorbeeld de GGZ in je regio.’

Compromissen sluiten
Maar ondanks deze bezwaren zijn beide wethouders blij met de nieuwe afspraken. ‘Hiermee willen we wat mij betreft ook laten zien dat we naar mogelijkheden zoeken en compromissen willen sluiten. Want het allerergste is als de Jeugd-GGZ helemaal niet naar gemeenten komt. Dat zou een drama zijn. Vanuit GGZ zijn veel bezwaren en wordt gedaan alsof gemeenten hun verantwoordelijkheid niet kunnen en willen nemen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Ik hoop daarom dat dit compromis de doorslag geeft om bijvoorbeeld de Eerste Kamer over de streep te halen om voor de wet te stemmen.’ Of dat lukt zal 18 februari duidelijk worden, want dan stemt de senaat over de nieuwe Jeugdwet.

Plaats als eerste een reactie

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.

Advertentie