of 59045 LinkedIn

Generalisten moeten anders leren werken

Buurteams, wijkteams, sociale teams. De haarlemmerolie van elke gemeente om de decentralisaties handen en voeten te geven. Inzet van generalisten, volgens het principe 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur moet leiden tot effectievere en efficiëntere hulpverlening en dus tot bezuiniging. Die generalisten moeten anders leren werken en dat kost tijd. Maar hoeveel tijd wordt hen gegund?

Ik begeleid een buurtteam met coaching en training. Op een van de sessies leer ik de generalisten anders kijken naar weerstand. Mijn stelling is: Weerstand bestaat niet. Als een cliënt weerstand heeft betekent dit dat je niet aansluit bij zijn doelen. We oefenen met engagement, verandertaal uitlokken, onderzoeken van ambivalenties en affirmaties. Allemaal technieken uit de Motivational Interviewing. De groep is enthousiast en pikt de technieken snel op.

 

Na de training vraagt Carla of ik nog even tijd voor heb. Ze loopt vast in een casus en heeft het idee dat deze technieken bij haar cliënt niet werken. Ik neem de tijd voor haar en Carla vertelt: ‘Ik heb een cliënt, een alleenstaande man uit Afrika. Hij is oorlogsvluchteling, heeft vanaf zijn kinderjaren gevochten en is onder verschrikkelijke omstandigheden naar Europa gevlucht. Hij is zwaar getraumatiseerd en achterdochtig. Heeft lang in de maatschappelijke opvang gezeten, maar sinds kort heeft hij een huis in de gemeente. Dat gaat niet goed, hij loopt vast in zijn dagelijkse leven. Houdt werken niet vol, heeft betalingsachterstanden, en is door zijn achterdochtige houding niet in staat om met instanties te praten.’ Ik zeg: ‘Ok, die man loopt dus vast, maar waar loop jij dan in vast?’ Carla vervolgt: ‘Ik dring niet tot hem door. Hij wijst mij af, maar tegelijkertijd eist hij dat ik allerlei dingen voor hem regel en oplos. Dat deden ze in de opvang ook. Maar dat mag en kan ik niet meer. We gaan uit van eigen kracht.’

 

Ik stel open vragen aan Carla, wat ze gedaan heeft om aan te sluiten bij die man, (ik heb van alles geprobeerd) en welke krachten ze bij de man ziet. Heeft ze affirmaties gebruikt; en de krachten en successen van de man benoemd? Op die laatste vraag blijft het stil. Na wat aarzelen zegt ze: ‘Tja, die man is natuurlijk echt een vechter. Hij maakt met iedereen ruzie, maar hij komt wel voor zichzelf op.’ Ik beaam dit en vraag haar om zich eens voor te stellen hoe deze man er door jaren in de opvang aan gewend is geraakt dat alles voor hem gedaan en geregeld wordt. Nu moet hij het opeens allemaal zelf doen, en ook nog eens aan zijn trauma’s werken. Carla trekt haar mondhoeken samen en zegt: ‘Ik zou denk ik ook ruzie maken met die hulpverlener.’

 

Op de vraag wat ze denkt dat ze nu gaat doen weet Carla nog steeds geen antwoord te geven. Ik vraag of ik haar een tip mag geven. Hoopvol kijkt ze me aan en ik zeg: ‘Engagen, aansluiten bij deze man, doe je niet door te praten en gesprekken te voeren. Deze man is getraumatiseerd en achterdochtig. Je wint alleen zijn vertrouwen als hij ervaart dat jij echt iets voor hem doet.’ Ze werpt tegen dat dit tijd kost en dat dit tegen het principe van Eigen Kracht is. Ik affirmeer, en zeg: ‘Je vindt het belangrijk dat je je cliënten zo goed mogelijk helpt en je bent actief aan het zoeken wat die beste manier is.’ Ze ontspant zichtbaar en zegt: ‘En dat kost tijd…..

 

Dan vraag ik Carla wat de gevolgen zouden zijn als ze op de huidige manier doorgaat, een techniek die de generalisten ook bij hun cliënten gebruiken. Ze lacht en zegt spontaan: ‘Nou, dan wordt hij volgende week afgesloten en over een paar maanden is zijn uitkering stopgezet, wordt hij uit zijn huis gezet en is hij weer terug in de opvang.’ Waarop ze er lachend aan toevoegt: ‘Ik denk dat ik deze week gelijk die papieren van de Nuon maar eens met hem in orde ga maken.’

 

Als ik terugrijd naar Amsterdam mijmer ik na over wat ik hiervan geleerd heb. Gelijk denk ik terug aan een gesprek dat ik laatst had met de projectleider van deze gemeente. Hij had moeite om te beseffen dat het leren om integraal te werken gewoonweg tijd kost. En dat het niet uitsluitend om het leren van andere vaardigheden gaat, maar dat de professional een transformatie doormaakt. Hoeveel tijd gunt hij zijn generalisten om te leren en te veranderen? In mijn volgende gesprek ga ik het eens over de cliënten hebben. Hoeveel tijd gunt hij hen om te wennen aan de veranderde hulpverlening?

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reageer op dit artikel

Door z.lasri (Klantmanager inkomen ) op
Daar kan ik mij helemaal in vinden. Maar daarvoor krijg je de tijd niet van de organisatie. Daarnaast vinden de collega's het niet wenselijk dat de klantmanager fungeert als " hulpverlener" daar zijn wij niet voor denkt men. Mijn stelling is en blijft dat als je de juiste dienstverlening wilt verlenen dat je clienten moet helpen anders wordt het van kwaad tot erger. Dus mij heb je zeker aan je kant!!

Contactgegevens

Afbeelding

RadarGroep

Veemarkt 83

1019 DB Amsterdam

T: 020 463 50 50

www.radar-groep.nl

E: info@radar-groep.nl

 

AfbeeldingStade Advies

De Pionier

Grebbeberglaan 15

3527 VX Utrecht

T: (030) 23 61 861

www.stade.nl

E: advies@stade.nl

Meer nieuws

Bloggers

NIEUWSBRIEVEN

Wilt u op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen bij Radar? Wij sturen regelmatig nieuwsbrieven met daarin actuele thema’s en innovatieve oplossingen voor sociale vraagstukken.

 

Meld u hier aan voor de digitale nieuwsbrief van de RadarAdvies.

Meld u hier aan voor de digitale nieuwsbrief van Stade Advies.

Whitepapers RadarGroep