of 59054 LinkedIn

Overschotten te over

Wat de budgetten voor de nieuwe Wmo-taken betreft, heeft ruim de helft van de gemeenten aan het eind van de rit zelfs een overschot van 15 procent of meer ten opzichte van de begroting. Die overschotten lopen dan al gauw in de miljoenen.

Bijna negen op de tien gemeenten hebben in 2015 geld overgehouden op het Wmo-budget. Twee op de drie gemeenten komen uit met de beschikbare middelen voor Jeugdzorg. Door een redelijk roze bril wordt naar dit jaar gekeken.

Onderzoek Binnenlands Bestuur naar budgetten sociaal domein

Dat blijkt uit een onderzoek van Frontin Pauw in opdracht van Binnenlands Bestuur. Aan de enquête deed bijna een derde van de gemeenten – 126 van de 390 – mee.

Wat de budgetten voor de nieuwe Wmo-taken betreft, heeft ruim de helft van de gemeenten aan het eind van de rit zelfs een overschot van 15 procent of meer ten opzichte van de begroting. Die overschotten lopen dan al gauw in de miljoenen. Uit onlangs gepubliceerde jaarcijfers blijkt bijvoorbeeld dat Den Haag en Nijmegen een plus hebben van respectievelijk 17 en ruim 6 miljoen euro. Slechts 5 procent van de respondenten moet er geld bij leggen.

Met name de gemeentelijke uitgaven voor huishoudelijke hulp blijken redelijk tot fors binnen de perken te blijven. Na de rijkskorting van 32 procent houdt twee op de drie gemeenten geld over op die post. Iets meer dan een op de tien gemeenten redt het niet met het budget dat er in de begroting 2015 voor was opgenomen. De rest speelt quitte.

De uitvoering van de jeugdzorg blijkt financieel gezien iets minder voordelig uit te vallen, maar 44 procent van de gemeenten boekt nog altijd positieve saldi op deze post. Bijna een kwart van de gemeenten komt precies uit, een op de drie gemeenten schiet in de rode cijfers. Een ervan is bijvoorbeeld Zoetermeer. Blijkens de jaarstukken van de gemeente, is er een jeugdzorgtekort van 1,7 miljoen euro.

In het onderzoek is ook expliciet gevraagd naar de aard van de maatregelen waarop door de gemeenten is ingezet om binnen het budget te blijven. Voor zowel de Wmo als de Jeugdzorg blijkt dat er een mix van middelen is toegepast, variërend van strenger indiceren, innovatief inkopen, keukentafelgesprekken tot een beroep doen op eigen kracht van de hulpvragers. Gemiddeld genomen blijkt er iets meer te zijn gekoerst op een strengere indicatie en een beroep doen op eigen kracht dan op de andere maatregelen.

Vooruitblik 2016
De respondenten werd verder gevraagd vooruit te blikken naar het jaar 2016 wat betreft de financiële saldo’s voor Wmo en de Jeugdzorg. Daaruit blijkt dat ruim de helft van de gemeenten opnieuw overschotten verwachten op de Wmo-uitgaven. Met betrekking tot de uitgaven voor de Jeugdzorg is de stemming opvallend minder optimistisch: ruim vier op de tien gemeenten vreest dat er meer geld wordt uitgegeven dan er in de begroting voor is bestemd. Slechts een kleine minderheid durft rekening te houden met een bescheiden plusje.

Dat er over het geheel bezien zo door een roze bril naar de financiële ontwikkelingen van dit jaar wordt gekeken, is wel te verklaren. De meeste gemeenten hebben vorig jaar maatregelen genomen om op de diverse posten in het sociale domein binnen de budgetten te blijven. Genoemd werden al het strenger indiceren, het innovatief inkopen, de keukentafelgesprekken en het doen van een beroep doen op de eigen kracht. Daar kunnen ook nog de afspraken met huisartsen over verwijzing bij worden vermeld en de inzet van wijkteams met betrekking tot ongewenste stapeling. De verwachting is dat die hele set van maatregelen dit jaar pas echt zijn vruchten gaat afwerpen. Of het moet zijn dat de zorgverlenende instanties de komende maanden nog zo veel rekeningen nasturen richting gemeentehuis, dat het optimisme ijlings neerwaarts moet worden bijgesteld. Maar als die schade meevalt, koersen veel gemeenten af op nieuwe overschotten. Dat die vervolgens opnieuw in de reserves voor het sociaal domein zullen verdwijnen, zoals nu massaal gebeurt, is maar zeer de vraag. Raadsleden zullen er tegen die tijd naar verwachting een andere bestemming voor weten te bedenken.

Haagse bemoeienis
Uit een voorlopige inventarisatie door Binnenlands Bestuur bleek vorige maand al dat de meeste gemeenten geld overhouden op met name het Wmo-budget. De VVD-fractie in de Tweede Kamer drong naar aanleiding van die bevindingen aan op een algemeen overleg met verantwoordelijk staatssecretaris Van Rijn (VWS). SP en CDA wilden liever een Kamerdebat, maar voor dat voorstel was onvoldoende steun. D66 vindt het veel te prematuur voor een Haagse bemoeienis met de gemeentelijke zorgbudgetten.


Onderzoek overschot Wmo-budget
De intergemeentelijke sociale dienst van de gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Noordwijkerhout en Teylingen – ISD Bollenstreek – laat een onderzoek doen naar de onderbenutting van de Wmo-uitgaven. Die uitgaven blijken 5,5 miljoen euro lager dan begroot.

Voor de uitvoering van de totale Wmo-taken heeft de ISD voor 2015 ruim 19,5 miljoen euro begroot, waarvan 12 miljoen euro voor begeleiding. De begroting van de ISD is gebaseerd op aangeleverde informatie van het Zorgkantoor, het CAK en zorgleveranciers. Uit de voorlopige jaarcijfers 2015 blijkt dat voor de Wmo bijna 5,5 miljoen euro minder uitgegeven is dan begroot, waarvan ruim 4 miljoen voor begeleiding. ‘Dit is een fors bedrag en daarom heeft het dagelijks bestuur van de ISD besloten om het gespecialiseerde externe bureau APE een onderzoek te laten uitvoeren’, aldus de intergemeentelijke sociale dienst in een toelichting. Naar verwachting zijn de resultaten van het APE-onderzoek nog deze maand bekend.


Afbeelding


Verantwoording
De enquête werd gehouden van 16 maart tot en met 29 april. Van de 365 benaderde gemeenten deden er 126 mee. Qua grootteklasse is er een goede spreiding: 30 kleine gemeenten (tot 20.000 inwoners); 88 middelgrote gemeenten (20.000 tot 100.000 inwoners) en 8 grote gemeenten (meer dan 100.000 inwoners).  Voor veel gemeenten kwam de enquête te vroeg; zij gaven aan nog niet over de gevraagde informatie te beschikken.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.