of 58940 LinkedIn

Onbeschut is beter af

Gemeenten moeten van staatssecretaris Klijnsma verplicht aan de slag met beschut werken. Tilburg doet het liever anders. De gemeente parkeert de allerzwaksten op de arbeidsmarkt niet in een sociale werkvoorziening, maar leidt ze met succes naar meer zelfstandigheid.

Gemeenten moeten van staatssecretaris Klijnsma verplicht aan de slag met beschut werken. Tilburg doet het liever anders. De gemeente parkeert de allerzwaksten op de arbeidsmarkt niet in een sociale werkvoorziening, maar leidt ze met succes naar meer zelfstandigheid.

Tilburg verkiest maatwerk voor kwetsbare werknemers

Onlangs bezocht Erik de Ridder een bijeenkomst van centrumgemeenten over beschut werk. Alle deelnemers moesten op één lijn gaan staan waarop afgemeten stond hoeveel beschutte banen er waren gecreëerd. ‘Ik ben bij nul gaan staan’, vertelt de Tilburgse wethouder werk, inkomen en financiën (CDA). ‘Ik was lang niet de enige, maar er waren ook gemeenten die al voor flink wat banen hadden gezorgd. Maar dat ging om tijdelijke contracten. En ze waren bang dat ze na afloop van dat tijdelijke contract er geen vervolg aan konden geven omdat het geld dan op is. Dat is toch gek. Zo geef je kwetsbare mensen wellicht ten onrechte hoop.’

Dergelijke gemeenten lijken netjes hun plicht voor beschut werk te doen, wil de Ridder maar zeggen, maar effectief is het niet. Tilburg besloot daarom al in een vroeg stadium dat het geen beschut werk ging aanbieden op de manier waarop Klijnsma het in gedachten heeft. Het kwam de ‘ongehoorzame gemeente’ op een kritische blik van de staatssecretaris te staan. Maar is dat terecht?

‘Het frame was lange tijd dat we helemaal niets voor deze mensen wilden doen’, vertelt De Ridder. ‘Maar dat is helemaal niet zo. Daarom ben ik blij dat ik nu kan vertellen wat we wél doen en vooral hoe het met al deze mensen gaat. Wij hebben nooit gewild dat ze niets deden en we stoppen ze ook niet allemaal in de dagbesteding: we bieden een aanpak die bij de individuele werknemer past. En dat gaat heel goed. We hebben weliswaar nul mensen in beschut werk, maar er zijn al 35 geïndiceerd voor ons Tilburgs Alternatief. Vijftien daarvan zijn aan de slag en zes mensen zijn bezig in de arbeidsmatige dagbesteding. De anderen zitten nog in het proces. Voor hen wordt binnenkort iets geregeld. Op maat.’

Eigen meetlat
Het Tilburgs Alternatief leidt tot een op de persoon toegesneden aanpak. Geen one size fits all dus. Soms is dat arbeidsmatige dagbesteding, maar er zijn ook mensen betaald aan de slag in de groenvoorziening, de schoonmaak en in wijkcentra. ‘Wij leggen de mensen langs onze eigen meetlat. Vergelijkbaar met die van het UWV, maar ze gaan daar dus niet naartoe’, aldus De Ridder. ‘Als ze onze indicatie krijgen, kijken we wat er voor hen mogelijk is. Niet alleen hier en nu, maar ook in de toekomst. Waar staat deze persoon over een paar jaar?’

De Ridder geeft mensen die in de schoonmaak werken als voorbeeld. ‘We zijn al bezig om te kijken of ze zich over enige tijd kunnen handhaven in het bedrijfsleven als reguliere kracht met loonkostensubsidie. We proberen daarna de begeleidingskosten langzaam af te bouwen, zodat een werkgever- werknemerrelatie kan ontstaan zonder al te veel overheidsbemoeienis. Dan is iemand duurzaam aan het werk.’

Beschut werk daarentegen, stelt De Ridder, ‘is een eindstation en voorziet niet in doorstroom of het afbouwen van begeleidingskosten. Daar blijf je jaar in, jaar uit geld in stoppen om dezelfde kleine groep mensen aan het werk te houden. En dat gaat ten koste van anderen.’ Daarom gelooft De Ridder ook niet in het ‘sprookje’ van Klijnsma. De 100 miljoen die ze onlangs extra gaf, noemt hij een eenmalige worst. ‘Het probleem is structureel. Het lijkt een oplossing, maar als het geld op is, is het systeem niet houdbaar. Zeker niet als er ook nog een cao voor beschut werken komt. Daarom beginnen wij er niet aan. Je duwt mensen alleen maar de onzekerheid in. Andere wethouders vrezen de situatie dat het geld op is. Wij niet, want wij zijn nu al bezig met de volgende stap.’

Oneerlijk
De Ridder heeft er nooit een geheim van gemaakt dat hij beschut werk zoals Klijnsma dat voor ogen heeft, geen goed idee vindt. Het grootste bezwaar is niet dat de gemeente het niet wil of kan betalen, maar dat het volgens hem oneerlijk is.

‘Stel je hebt twee mensen’, legt hij uit. ‘Ze lijken erg op elkaar voor wat betreft hun mogelijkheden, maar de één lijkt net iets minder te kunnen dan de ander. Die krijgt een indicatie beschut en vervolgens tot aan zijn pensioen een aanstelling en een loon. De ander krijgt bijna niets. De gemeente kán ook bijna niets voor hem doen, want het geld is aan één persoon opgegaan. Bovendien is meneer één direct op zijn eindstation aangekomen. Er is geen perspectief, hij zit voor de rest van z’n leven in beschut werk.’

Na diverse oproepen van Klijnsma – van vriendelijk via dringend naar streng van toon – was onlangs de maat vol. Als er geen beschutte plaatsen komen, komt er een verplichting in de wet. En, als het aan haar ligt, al vanaf 2017. ‘Beschut werk is nadrukkelijk als instrument in de Participatiewet opgenomen’, stelt Klijnsma desgevraagd. ‘Omdat er nou eenmaal altijd mensen zullen zijn die wél kunnen werken, maar alleen in een beschutte omgeving. Ik vind het belangrijk dat ook deze kwetsbare groep aan het arbeidsproces kan deelnemen en dat een dienstbetrekking met salaris daarbij hoort. Het op voorhand niet aanbieden van beschut werk strookt niet met het uitgangspunt van de Participatiewet dat gemeenten in hun regio maatwerk bieden aan mensen met een ernstige beperking.’

Als blijkt dat gemeenten onvoldoende werk maken van het inrichten van beschut werkplekken, dan wordt dit volgens Klijnsma wettelijk verankerd. ‘Ik zie genoeg voorbeelden hoe nieuw beschut werk tot stand kan komen. Ik heb er ook extra middelen voor beschikbaar gesteld. Almere en Leiden zijn ermee aan de slag gegaan. In Den Haag zijn vorige week de eerste 27 beschutte werkers van een groep van tweehonderd in dienst genomen. Mensen die perspectief hebben op een vaste aanstelling. Zo kunnen de meest kwetsbare mensen meedoen op de arbeidsmarkt.’

De Ridder hoopt dat het niet tot een wet komt. ‘Als het echt moet, dan gaan wij ook beschut werken. Dat hebben we met de raad afgesproken. Maar dat betekent dat van de 35 mensen die nu in ons traject zitten, er straks nog maar ongeveer 25 beschut werk hebben. De andere tien hebben dan een uitkering en mogelijk nog wat begeleiding. Maar dat biedt aanzienlijk minder perspectief dan wanneer ze bij ons in het Tilburgs Alternatief kunnen blijven.’


Meer ongehoorzame gemeenten
Er zijn meer gemeenten die ‘beschut anders’ doen. In Leidschendam-Voorburg, waar volgens de berekening in 2015 slechts twee nieuwe mensen beschut konden gaan werken, zijn inmiddels 22 mensen aan de slag via een pilot Alternatief beschut werk. De pilot is bedoeld voor inwoners van de gemeenten Voorschoten, Leidschendam-Voorburg en Wassenaar. Ze werken bijvoorbeeld in de horeca, bij een kwekerij en in de administratie. De lokale infrastructuur voor dagbesteding (Wmo) wordt hierbij benut en naast professionele ondersteuning is er hulp van het vrijwilligerspunt. Ook hier zijn de mogelijkheid tot maatwerk en doorstromen belangrijke drijfveren.

‘We kijken naar de kracht van mensen’, aldus wethouder Nadine Stemerdink (werk en inkomen, PvdA). ‘Mensen gaan zoveel mogelijk bij reguliere werkgevers aan de slag en als dat niet werkt, gaan ze beschut aan het werk. Maar niet meer met het busje naar een afgelegen sociale werkvoorziening en aan het eind van de dag weer terug. We hebben een nieuwe locatie, dicht bij huis. Deelnemers kunnen daardoor zélf naar hun werk. Dat versterkt de zelfredzaamheid, is prettiger én scheelt in de kosten.’

De mensen die aan de pilot meedoen, krijgen voorlopig nog geen loon. ‘We weten nog niet of ze dat kunnen waarmaken. Een klein aantal zal moeilijk eigen geld kunnen verdienen, maar het is zeker de bedoeling dat een deel zal doorstromen naar een baan mét loon.’

De pilot in Leidschendam-Voorburg loopt nu zo’n vier maanden. Te kort voor harde resultaten, maar wel is duidelijk dat er een goed beeld ontstaat van de capaciteiten van de deelnemers. Ook maken de eerste deelnemers al stappen naar de volgende fase.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.