Volg ons op: , LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Vacatures BB Magazine

‘Gehandicapte met rust laten’

Sandra Olsthoorn 4 reacties
‘Gehandicapten pesten is niet míjn hobby.’ Ze brengen hun boodschap onderkoeld en met gevoel voor ironie, de mannen die het Schiedamse sociale werkvoorzieningsbedrijf BGS leiden. Maar directeur Siep Adolfs en controller Bert Gille, beiden al jaren werkzaam in de sector, maken zich serieuze zorgen.

De sociale werkvoorziening zoals we die nu kennen, waar meer dan honderdduizend mensen met een arbeidshandicap werken bij speciale bedrijven, zal zeer waarschijnlijk tot het verleden gaan behoren.

 

Arbeidsgehandicapten moeten weg uit de veilige, afgeschermde omgeving van het sw-bedrijf. Zij moeten, onder begeleiding, aan de slag bij ‘gewone’ bedrijven. Daar krijgen ze dan betaald naar vermogen: wie 30 procent produceert, krijgt 30 procent loon. De rest wordt aangevuld met een uitkering. Het idee is door veel politieke partijen omarmd en ook in de sector zelf is het principe ‘van binnen naar buiten’ praktisch onomstreden. Behalve in Schiedam.

 

Met verbazing slaan directeur Siep Adolfs en controller Bert Gille van het sw-bedrijf BGS de vernieuwingsdrift van hun collega’s gaande. Die breken hun eigen productielijnen af en detacheren werknemers bij andere werkgevers. Onderdelen van fietsen worden niet meer in het sw-bedrijf gemaakt en verkocht aan de fietsenfabriek, maar de productielijn en de medewerkers worden uitgeleend aan de fabriek zelf.

 

‘Onbegrijpelijk’, stelt directeur Adolfs. Want de cijfers laten keer op keer zien dat het een illusie is te denken dat zoveel mensen met een lichamelijke of psychische handicap een goede plek kunnen vinden bij een gewone werkgever. Financiële man Gille pakt het laatste onderzoek van Research voor Beleid erbij, het bureau dat de sector jaarlijks helemaal doorlicht.

 

’70 procent van de mensen die begeleid gaat werken bij een gewoon bedrijf, staat binnen 1 jaar weer op de wachtlijst voor de sociale werkvoorziening. De werkgever wil ze dan niet meer. Of ze kunnen het zelf niet aan’, zegt hij. ’70 procent! Terwijl er al jaren regelingen zijn die het voor werkgevers en werk nemers aantrekkelijk moeten maken om arbeidsgehandicapten buiten aan het werk te houden, wil het maar niet lukken. Een groot deel van die mensen komt beschadigd terug. Die worden bij een gewoon bedrijf bevestigd in het gevoel dat ze niet normaal zijn, niet goed genoeg.’

 

Koopje

 

De sociale werkvoorziening kost veel geld. Het Rijk betaalt jaarlijks ruim 1,2 miljard euro om ruim honderdduizend arbeidsgehandicapten aan het werk te houden. Daarnaast staan er nog twintigduizend mensen op een wachtlijst die al wel een sw-keuring hebben gehad, maar waar geen geld voor is. Een onhoudbaar systeem, vindt de politiek. Een prima systeem, zeggen ze in Schiedam. Een systeem waar ze in andere Europese landen jaloers op zijn. En bovendien: een koopje.

 

Gille: ‘Tegenover die 1,2 miljard staan allerlei besparingen. Voor een sw’er hoef je geen uitkering te betalen, en omdat ze meer dan het minimumloon verdienen betalen ze ook belasting. Als je daar rekening mee houdt gaan de netto kosten al een stuk omlaag. En dan tel ik nog niet eens mee dat mensen die werk hebben en een regelmatig leven leiden gelukkiger zijn en minder zorg nodig hebben.

 

'Ik snap wel dat ze arbeidsgehandicapten voor minder geld bij een gewoon bedrijf willen laten werken, want daar wordt die regeling minder aantrekkelijk van. Minder mensen willen erin, dus dat bespaart geld. Maar ik voorspel dat een hoop mensen dan achter de g eraniums zullen verdwijnen. Iemand met jeugdreuma heeft hele gewone wensen, die wil ook een auto, een hypotheek, een geregeld leven. Dat pak je allemaal af als de plannen worden doorgezet.’

 

Winst

 

Het is verleidelijk de Schiedammers weg te zetten als ondernemers met een schuin oog op het eigen bedrijf en belang. Wars van vernieuwingen. Maar daarvoor hebben ze te veel imposante cijfers die voor hen spreken.

 

In tegenstelling tot veel collega sw-bedrijven maakt BGS winst. Ook vorig jaar, toen andere sw-bedrijven klaagden over wegvallende opdrachten door de crisis en werknemers met spelletjes werden beziggehouden, hield BGS geld over van het rijksbudget en hadden ze geen gemeentelijke bijdrage nodig om de begroting sluitend te krijgen. De werknemers kregen zelfs, met toestemming van de gemeenteraad, een winstuitkering van 500 euro. Met 5 procent is het ziekteverzuim bij BGS een stuk lager dan gemiddeld in de sw. Hoe ze dat doen?

 

Dat BGS maar 24 ongesubsidieerde werknemers heeft op 550 sw’ers scheelt veel in de kosten. Ze doen het ook wat dat betreft het beste van de negentig bedrijven in het land. Het geld wordt verdiend met uiteenlopende activiteiten. In een apart gebouw worden in opdracht van de gemeente mensen met een bijstandsuitkering gereintegreerd. Maar veruit het meeste geld wordt nog steeds verdiend op een meer traditionele manier.

 

BGS maakt verpakkingen, drukt onder meer jaarverslagen in het grafi sch bedrijf, bewerkt hout en op het enquêtebureau doen medewerkers allerlei onderzoeken. Die diversiteit aan activiteiten is belangrijk, benadrukt Adolfs. ‘Als Philips alleen maar tv’s zou maken was dat bedrijf ook failliet.’

 

Nevenverschijnselen

 

Er is geen bijzondere reden dat BGS er financieel zo goed voor staat, aldus de directeur. ‘We doen gewoon ons werk. Andere directeuren moeten beseffen dat ze een bedrijf leiden. En niet de hele dag zeuren, beleidsplannen schrijven en met ambtenaren overleggen. Wij hebben het ook moeilijk hoor nu, natuurlijk. Maar er is echt nog genoeg werk, als je je niet laat afleiden door allerlei nevenverschijnselen. Ik zeg altijd: een goede sw-directeur herken je aan het eelt op zijn wijsvinger van het aanbellen bij potentiële opdrachtgevers.’

 

De voorstanders van vernieuwing baseren zich op verkeerde vooronderstellingen, waarschuwen Adolfs en Gille. Dat arbeidsgehandicapten zich moeten emanciperen, dat ze zelf bij gewone bedrijven wíllen werken, bijvoorbeeld.

 

‘Puur paternalisme’, zegt Adolfs. ‘Aan de mensen zelf wordt niks gevraagd. Als het echt het beste voor ze zou zijn, dan was niet 70 procent zo snel weer terug. Mijn ervaring hier is dat de meesten het helemaal niet willen. Ze voelen haarfijn aan dat ze in een gewone werkomgeving de uitzondering zijn. Als iemand graag begeleid wil werken in een ander bedrijf dan doen we er alles aan om die persoon op een mooie plek te krijgen. Maar als iemand niet wil, dan ga ik hem echt niet dwingen.’

 

Daarbij kan het merendeel het werken in een gewoon bedrijf helemaal niet aan, is zijn stellige overtuiging. Dat is niet pamperen, zegt hij, of mensen in een hoekje zetten, maar de waarheid die niemand lijkt te willen horen. Bert de Vries, de voormalig minister van Sociale Zaken die voor het kabinet een toekomstperspectief van de sociale werkvoorziening moest schetsen, meent dat hooguit 10 procent van de sw-populatie een beschermde werkplek in een apart bedrijf nodig heeft. De rest kan ‘naar buiten’.

 

Simpele vraag

 

Adolfs schat het met zijn ervaring precies andersom in. ‘Misschien kan 10 á 15 procent zich met begeleiding goed redden. De rest is beter af bij een sociale werkvoorziening waar alles is ingesteld op werken met mensen met een arbeidshan dicap. Vroeger, in de jaren zeventig en tachtig was het veel gemakkelijker om in de sociale werkvoorziening te komen dan nu. Toen lukte het al niet om sw’ers bij gewone bedrijven aan het werk te krijgen. Nu is de keuring veel strenger en toch denken ze dat het nu wél gaat lukken. Wonderlijk.

 

'Iemand meldt zich aan voor de sociale werkvoorziening omdat hij of zij blijkbaar in het gewone arbeidsproces is vastgelopen. Dan krijgt die persoon een indicatie voor de sw en nog voor de inkt is opgedroogd zou zo iemand dan alweer naar buiten kunnen. Dat is toch raar?’

 

Nog zo’n simpele vraag, die volgens Adolfs ten onrechte niet wordt gesteld: heeft het bedrijfsleven wel behoefte aan mensen met een beperking? ‘Voorstanders wijzen, als je die vraag stelt, altijd naar die paar landelijke, grote organisaties die graag maatschappelijk verantwoord bezig willen.

 

'Maar ik ben ook voorzitter van de lokale ondernemersvereniging en kan je zeggen: die belangstelling is er bij de kleine ondernemers simpelweg niet. Ondanks de beschikbare subsidies. En dat is ook niet erg. Laat ondernemers doen waar ze goed in zijn en gewoon ondernemen. Dan doen wij waar wij goed in zijn, namelijk werken met mensen met een handicap.’

 

Correcties en aanvullingen, geplaatst in Binnenlands Bestuur 37, 17 september 2010

 

In het artikel ‘Gehandicapten met rust laten’ in BB31 (30 juli) stelt een geïnterviewde dat 70 procent van de sw’ers op een begeleidwerkenplek binnen 1 jaar terugkeert. Dat moet 44 procent zijn. In totaal is de terugkeer op de wachtlijst voor zo’n plek weliswaar 70 procent, maar dan zijn ook degenen meegeteld die langer dan 1 jaar op zo’n plek hebben gewerkt.
Print dit artikel
Mail dit artikel
Deel dit artikel op

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door IFUD of Human Rights  (voorzitter)op
IFUD of Human Rights wil A.S. 21 maart 2012,een rapport sturen naar Europese Anti-Fraude Bureau "OLAF" van de Europese Commissie.

De problematiek met de vraagstukken over arbeidsgehandicapten is een onderdeel van de inhoud van het rapport.

Het rapport is te downloaden via de link:

http://www.archive.org/details/RAPPORT-OLAF_def
Door AGP Cornelissen  (werkleider)op
Bij < Breed > nijmegen heeft men iets bedacht, men heeft geprobeerd mijn afdeling
te verkopen, aan de hoogste bieder.
hier wist ik niets van, maar ik ben slechts wsw,er, alle ambelijke collega,s waren op de hoogte ], op de eerste dag van mijn vakantie wordt ik gebeld met de mededeling dat ik geluk heb gehad, de verkoop is niet door gegaan.
nou... fijne vakantie.
wat nu als het wel door was gegaan.
pauze tijden met 50% terug, hogere producktie, en selectie van personeel.
Hoezo.......Sociaal !!!!!!!!!!
Door Rik Bolhuis  (afdelingshoofd sociale zaken Dalfsen)op
Bij het SW-bedrijf in Schiedam zijn ze erg content met de gang van zaken in hun organisatie. Wellicht dat ze een beetje het zicht op de werkelijkheid zijn kwijtgeraakt.

Laten we beginnen met het rijksbudget voor de sociale werkvoorziening. De SW staat niet voor 1,2 miljard euro in de rijksbegroting, maar voor 2,48 miljard. Dan het jaloerse buitenland. Ja, dank je de koekoek. Nergens ter wereld kent men zo’n fraaie en vooral dure voorziening voor gehandicapten. Als er in het buitenland al een soortgelijke voorziening is, bestaat de doelgroep uit veel zwaarder gehandicapten.

Ik heb eens een bezoek meegemaakt van een buitenlandse delegatie in een SW-bedrijf. Na een tijdje verwonderd rondgelopen te hebben, vroegen de gasten waar nou eigenlijk die gehandicapten waren, waar dit toch voor bedoeld was. Ook de kosten van de SW worden makkelijk weggewuifd. Met veel creatief optellen en aftrekken en rare vergelijkingen valt het allemaal best mee. Zelf schat ik dat een SW-werkplek toch al gauw twee tot drie keer zo duur is als een gemiddelde bijstands-, Wajong- of WIA-uitkering.

Dan de wachtlijst. Ook prima volgens de heren. Part of the game, nietwaar? Vervolgens de onmogelijkheden van uitstroom. Onze eigen ervaringen zijn dat een behoorlijk deel van de SW-ers kan werken bij een gewone werkgever. Uiteraard met de nodige begeleiding en (gedeeltelijke) loonkostensubsidie. Met name voor mensen op de wachtlijst die nog niet in aanraking kwamen met de SW.

Doorstroom van reeds werkzame WSW-ers is inderdaad een stuk lastiger, ook vanwege rechtpositionele aspecten. Met 20 duizend mensen op de wachtlijst en een gemiddelde wachttijd van meer dan 4 jaar, is de SW een onhoudbaar systeem geworden. Een exclusieve voorziening voor zo’n 100 duizend personen. Het is eigenlijk een relikwie uit de jaren 60 en 70. Het is niet meer dan logisch dat het vorige kabinet plannen heeft gemaakt het mes te zetten in de SW.
Door Jan van der Hidde  (manager arbeidsmarktbeleid en productontwikkeling)op
De discussie over een fundamentele wijziging van de WSW wordt gelukkig voortgezet. In essentie gaat het over doel en middelen, maar ook in de context over ondernemerschap en uitvoerder van de wet.

De Wet sociale werkvoorziening heeft tot doel WSW-geïndiceerden zoveel mogelijk aan het werk te helpen bij reguliere werkgevers. Daarvoor is gekozen omdat, ondanks de beperkingen van iemand, hij of zij moet kunnen kiezen uit alle arbeid die past bij de mogelijkheden, net zoals dat voor iedereen geldt in Nederland. Alle (on-)mogelijkheden van de arbeidsmarkt moeten voor hem open staan (en niet alleen de mogelijkheden binnen bijvoorbeeld één SW-bedrijf).

Als capaciteiten en mogelijkheden niet duidelijk zijn is een SW-bedrijf een middel (geen doel) om dat te bezien. Voorwaarde is dat de arbeidsontwikkeling goed bekeken en bevorderd wordt. Kan iedereen aan de slag bij reguliere werkgevers? Natuurlijk niet. Als de capaciteiten van de WSW-er beperkt zijn, moet (soms zeer aangepast) werk geregeld worden binnen een SW bedrijf. Dan het onderdeel ondernemerschap en uitvoerder van een wet.

Het Schiedamse SW-bedrijf profileert zich als een onderneming. Maar het is een bijzondere ondernemer! Het voert de WSW uit. SW-bedrijven ‘drijven’ voor meer dan 70 procent op WSW-subsidie. Het SW-bedrijf is daarmee voor een belangrijk deel uitvoerder (namens gemeenten want die hebben de beleidsregie!) van een wet. Je houden aan de essentie van de wet en de uitvoering afstemmen met de gemeente is daarom een must. Dat dat zo efficiënt en effectief mogelijk moet plaatsvinden, is logisch. Daar is ondernemerschap voor nodig maar wél met de opdracht om óók de wet uit te voeren.

De sociale werkvoorziening is een koopje, staat er in het stuk: ‘het Rijk betaalt jaarlijks 1,2 miljard euro om ruim 100 duizend arbeidsgehandicapten aan het werk te houden’. Helaas, dat is niet zo. Het kost ruim 2,4 miljard per jaar. Laat ze het in Den Haag maar niet horen. Straks denken ze nog dat het écht voor 1,2 miljard kan.

Vacatures

Partner Bijdragen

recente bijdragen