of 59054 LinkedIn

Meer zicht nodig op keukentafelgesprek

Arjan Rozema Reageer

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat er met name in het (proces rondom het) keukentafelgesprek voor veel gemeenten nog pijnpunten liggen. Opvallend is dat dit nou net het deel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is waar gemeenten vrij direct sturing op uit kunnen oefenen en verantwoordelijk voor zijn.

Alle Nederlandse gemeenten zijn met ingang van dit jaar verplicht met een nieuw instrument onderzoek te doen naar de ervaringen met de zorg onder hun Wmo-cliënten. Een korte analyse van de in 2016 uitgevoerde onderzoeken levert de nodige belangwekkende resultaten op. Ten eerste gaan er een aantal zaken best goed. Zo vindt bijna acht op de tien Wmo-cliënten de kwaliteit van de ondersteuning goed. Door de ondersteuning die de cliënten ontvangen, kunnen ze beter de dingen doen die ze willen. De uiteindelijk ontvangen zorg door de zorgaanbieder lijkt dus over het algemeen van goede kwaliteit te zijn.

 

Waar het blijkens de Wmo-onderzoeken, maar ook onderzoeken van de Ombudsman en de ANBO nog wat minder goed gaat, is de toeleiding naar zorg (het keukentafelgesprek). Burgers krijgen nauwelijks of geen informatie over de hoogte van de eigen bijdrage voor hun ondersteuning, ongeveer 75 procent van de Wmo-cliënten is niet op de hoogte dat men bij het keukentafelgesprek gebruik kan maken van onafhankelijke cliëntondersteuning (OCO) en een derde van de cliënten heeft geen (persoonlijk) gesprek gehad met een medewerker van of namens de gemeente. Ook heeft bijna de helft van de cliënten na het keukentafelgesprek geen verslag van het gesprek ontvangen.

 

Het is opvallend dat veel zaken die beter kunnen, betrekking hebben op het proces rondom het keukentafelgesprek. Dit is namelijk het stuk in het zorgproces waar gemeenten vrij direct sturing op uit kunnen oefenen en verantwoordelijk voor zijn. Het is verwonderlijk dat uit onderzoek van Overheid in Nederland en NRC blijkt dat gemeenteraden en colleges vrij weinig zicht hebben op hoe de keukentafelgesprekken specifiek in hun gemeenten verlopen.

 

Er is bij gemeenten meer zicht nodig op hoe de keukentafelgesprekken verlopen. Deels hebben gemeenten in het verplichte cliëntervaringsonderzoek zicht gekregen op hoe keukentafelgesprekken worden ervaren.  Marketeers zeggen vaak ‘beleving is waarheid’ en dus zijn die ervaringen een belangrijk vertrekpunt. Vervolgens gaat het er echter om hoe gekomen wordt tot concrete verbeteracties. Want, is het bijvoorbeeld nou zo dat cliënten echt niet op de hoogte worden gebracht van de mogelijkheid voor cliëntondersteuning of wordt dit wel gedaan, maar weet de cliënt niet dat hetgeen waarop zij worden gewezen de onafhankelijke cliëntondersteuner is? Naast de ervaringen van cliënt is dus inzicht in het feitelijk verloop van het keukentafelgesprek essentieel. 

 

Om het benodigde inzicht in het feitelijk verloop van het keukentafelgesprek te krijgen is de in ziekenhuiszorg reeds beproefde methode, shadowing, een interessant instrument. Bij shadowing (schaduwen van) wordt een cliënt in een zorgtraject gevolgd door een onderzoeker (shadower) en wordt het proces dat een cliënt doorloopt, in kaart gebracht. De cliënt wordt van het moment dat men contact heeft met de gemeente, via het keukentafelgesprek, tot de toeleiding naar de zorgaanbieder ‘geschaduwd’. Daarbij kunnen alle contactmomenten meegenomen worden in de analyse. De kracht van het schaduwen van bewoners zit met name in het real time en objectief verzamelen van informatie. De uitkomsten van dit type onderzoek zijn dan ook direct te gebruiken voor interne sturing. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling of optimalisatie van de protocollen en normenkaders.

 

Arjan Rozema is mede-oprichter van ZorgfocuZ. een initiatief van de vakgroep sociologie van de Rijksuniversiteit Groningen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.