of 59221 LinkedIn

Sociale huur kan wél

Reageer

Nederlandse gemeenten worstelen met de gevolgen van de Woningwet 2015 en de daarmee gepaard gaande scheidingsvoorstellen van corporaties. Vooral de gevolgen voor de sociale woningvoorraad bezorgen menig gemeentebestuur momenteel kopzorgen. Ten onrechte. 

Woningafspraken gemeenten leidend

Vrijwel alle gemeenten in Nederland krijgen momenteel de vraag van woningcorporaties om het scheidingsvoorstel van de corporatie te toetsen, de zogeheten ‘zienswijze’. Voor gemeenten is van oudsher vooral de omvang en behoud van de sociale woningvoorraad binnen haar grenzen van belang. Sinds de invoering van de Woningwet 2015 moet elke grotere woningcorporatie in Nederland haar zogeheten DAEB- en niet-DAEB-activiteiten scheiden. DAEB staat voor ‘Diensten van Algemeen Belang’ en komt neer op het sociale huurwoninggedeelte van de woningen in de gemeenten.

Deze splitsing werkt als volgt. De corporatie geeft in een voorstel aan hoe ze de verdeling wil doorvoeren. Vervolgens geeft de gemeente waarin de corporatie actief is haar zienswijze op dit voorstel. Uiteindelijk velt de Autoriteit Woningcorporaties een definitief oordeel.

Nu kan een corporatie in het scheidingvoorstel aangeven DAEB-woningen te willen liberaliseren. Deze woningen worden dan ondergebracht in de niet-DAEB tak. Dit laatste leidt tot onrust bij de gemeenten en roept vragen op. Immers, de gedachtegang is dat woningen die als te liberaliseren zijn aangemerkt, als verloren moeten worden beschouwd voor de betaalbare woningvoorraad. Het aantal woningen in de DAEB-tak in het scheidingsvoorstel lijkt dan lager te zijn dan het afgesproken aantal woningen voor de sociale voorraad.

Er is echter weinig reden tot zorg. De omvang van de sociale woningvoorraad is één van de gespreksonderwerpen bij de jaarlijks te maken prestatieafspraken tussen de gemeente, corporatie(s) en huurdersorganisatie( s). De gemeente kan bij die gelegenheid sturen op de omvang van de sociale voorraad en de sociale voorraad op het gewenste niveau zekerstellen. De corporatie is verplicht de afspraken over de omvang van de sociale voorraad na te komen.

Een corporatie kan, als er een tekort aan de sociale voorraad dreigt, ervoor kiezen om eerder als te liberaliseren aangemerkte woningen terug te draaien. Het maakt dan niet uit als het afgesproken aantal woningen voor de sociale voorraad hoger ligt dan het geprognosticeerde aantal woningen in de DAEB-tak van de corporaties.

Kortom: het aantal DAEB-woningen in het scheidingsvoorstel is niet maatgevend voor de toekomst. De gemeente kan het behoud van de sociale woningvoorraad borgen door hierover in de jaarlijkse prestatieafspraken afspraken te maken. Daarmee zijn de huidige zorgen onder gemeentebestuurders ongegrond.

Eelkje van de Kuilen, advocaat/partner AKD

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.