of 59221 LinkedIn

Anders omgaan met burger

Reageer

De Omgevingswet is meer dan alleen een juridische stelselverandering. Het vereist een andere organisatiestructuur en ander gedrag van de ambtelijke professional in het overleg met de samenleving. Het vooral dienen van sectorale afdelingsbelangen is passé.

Langzaamaan komt er steeds meer zicht op de juridische kaders van de Omgevingswet. Het blijkt echter juridisch gezien in veel gevallen nog steeds mogelijk om op dezelfde manier invulling te geven aan deze wet in vergelijking tot het bestaande juridische stelsel. Zo verplicht de Omgevingswet bij de vaststelling van omgevingsvisies, omgevingsplannen en programma’s aan te geven hoe alle belanghebbenden zijn betrokken bij de voorbereiding. Maar doordat de invulling hiervan vormvrij is, bestaat de mogelijkheid om aan deze participatieverplichting te voldoen middels een formeel inspraakproces. Hieruit blijkt dat de komst van de Omgevingswet veel meer is dan een juridische stelselverandering alleen. Het is belangrijk om in een vroeg stadium van de invoering van de Omgevingswet aandacht te schenken aan de professionals die uiteindelijk gaan werken met de nieuwe wet. Want, als de ruimtelijke ordeningswereld blijft doen wat ze deed, dan krijgt ze wat ze kreeg en komt er van de verbeterdoelen van de wet maar weinig terecht.

Binnen veel (overheids)organisaties kijkt men nu sectoraal naar de leefomgeving en veel van deze organisaties zijn ook zo ingericht. Veel gemeenten kennen nog een onderscheid naar sectorale afdelingen met elk hun eigen beleidsvisies en doelstellingen. Om in de geest van de Omgevingswet meer integraal te handelen in de leefomgeving is een andere organisatiestructuur nodig. Een organisatiestructuur die het voor ruimtelijk professionals logischer maakt om met elkaar en met de belanghebbenden in de gemeente tot ruimtelijke keuzes te komen. In de gemeenten Utrecht en Schiedam investeert men al een tijd in de transitie naar een netwerkorganisatie waarin de verschillende opgaven in de gemeente integraal worden benaderd. Deze organisaties veranderen niet van vandaag op morgen, want iedereen in de organisatie meenemen vraagt tijd en nauwkeurigheid. Daarom is het essentieel om op tijd te beginnen met de transitie naar een organisatiestructuur en -cultuur die past bij de gedachtegang van de Omgevingswet én de lokale opgaven.

Naast een andere organisatiestructuur vraagt de Omgevingswet ook andere vaardigheden, houding en gedrag van ruimtelijk professionals en de samenleving. Mogelijkerwijs zijn jarenlang veel van de medewerkers bij overheidsorganisaties beloond om de sectorale belangen van hun afdeling te vertegenwoordigen. Ook is de samenleving gewend geraakt aan participatieavonden waarin vaak een bepaald deel van de belanghebbenden invloed wilde hebben op de plannen van de gemeente. Het zal wennen zijn voor zowel de overheidsmedewerker als de belanghebbenden om over de eigen belangen heen te stappen als men altijd is afgerekend op het behalen van het eigen belang.

Waarom wachten tot 2019 als je hier nu kan en eigenlijk ook mee moet beginnen!? In eerste instantie ligt er een belangrijke uitdaging bij de algemeen directeuren van overheidsorganisaties om de gewenste organisatieontwikkeling aan te zwengelen. Als een eerste stap naar een organisatie waarin het voor de medewerkers en de belanghebbenden logisch wordt om te handelen naar de verbeterdoelen van de Omgevingswet.

Robbin Knuivers, planoloog/trainee adviseur van het project ‘Beter Bestemmen’ bij de gemeente Utrecht.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.