of 58959 LinkedIn

Volkshuisvesting en vluchtelingen: tijd voor een nieuwe crisiswet?

Mijn vorige column behandelde de wettelijke grondslagen voor huisvesting van statushouders. De huisvestingsplicht wordt met andere wetten uitgewerkt. Wat als er onvoldoende woningen voorhanden zijn? Veel statushouders verblijven in noodopvanglocaties of opvangcentra. De doorstroom naar gemeenten verloopt te langzaam.

Door de Leegstandwet kunnen gemeenteraden een (leegstands)verordening vaststellen zodat b&w leegstaande woningen én andere gebouwen voor bijvoorbeeld statushouders kunnen aanwijzen. Of zodat eigenaren leegstaande gebouwen tijdelijk met beperkte huurbescherming kunnen verhuren. Omzetting naar een woonbestemming vereist wel tijdrovende planologisch besluitvorming, waarover discussie is ontstaan. Met de Crisis- en herstelwet bleek dat een crisis tot snelle wetgeving kan leiden. Is het met de vluchtelingencrisis wellicht tijd voor een Vluchtelingencrisiswet?

 

Maar er is al veel mogelijk. In een brief van 2 oktober 2015 gaf minister Blok blijk van veel vertrouwen in creatieve oplossingen door corporaties. Na de kritiek op corporaties die tot de Herzieningswet heeft geleid, een terecht complimentje. Ook in de vluchtelingenproblematiek spelen corporaties naast gemeenten een belangrijke rol.

 

Veel suggesties 

De minister suggereerde huisvesting met demontabele bouw op braakliggende grond, in leegstaande kantoren en ander vastgoed, of andere innovatieve concepten. Aedes suggereerde oplossingen zoals ruimere toewijzingsmogelijkheden voor vergunninghouders - ook buiten het sociale huurwoningenbestand, zodat er geen nadeel is voor andere woningzoekenden - zodat meerdere vergunninghouders in één huis kunnen wonen met behoud van uitkering en huurtoeslag. Of het versoepelen van regels en het vrijmaken van geld voor mogelijkheden zoals beheer van gebouwen van gemeenten door corporaties voor vergunninghouders. Of ombouwen van leegstaande verzorgingshuizen, kantoren en gebouwen van de rijksoverheid voor vergunninghouders en bouw van tijdelijke woningen met onzelfstandige woonruimten.

 

Op 27 november heeft de regering een bestuursakkoord met de VNG gesloten met daarin een aantal oplossingen. Diezelfde dag is de Tweede Kamer geïnformeerd. Het bestuursakkoord schenkt aandacht aan de gevolgen van de vluchtelingenstroom voor de decentralisaties (het rijk komt gemeenten financieel tegemoet in het kader van de Participatiewet) en aan de huisvesting van vluchtelingen.

 

Drie verruimende maatregelen

De regering stelt drie verruimende maatregelen voor, voor snelle doorstroom zonder verdringing voor reguliere woningzoekende: 1). een subsidieregeling – als daeb - voor gemeenten, corporaties en commerciële verhuurders voor het realiseren van extra (sobere) huisvestingscapaciteit. 2). Het rijk zal rijkspanden ter beschikking stellen. 3). Wijziging van wet- en regelgeving. Corporaties mogen geen diensten verlenen aan bewoners van panden van derden, maar via de experimenteerbepaling uit het Btiv worden per december 2015 mogelijkheden gecreëerd, zij het met een markttoets. Verder is een wetsvoorstel aangekondigd voor uitbreiding van het werkdomein voor corporaties, zodat zij (onder strikte voorwaarden) voor vluchtelingen gebouwen van derde partijen kunnen doorverhuren, verbouwen en onderhouden. De eerste nieuwe ramen in het per 1 juli 2015 met de Herzieningswet opgerichte fort.

 

In zijn brief reageert de minister ook op de suggesties van Aedes. Die had mede een vrijstelling van de verhuurdersheffing als financiële tegemoetkoming voorgesteld. Dat wil de minister niet. Een heffingsvermindering voor de verbouw of transformatie van niet voor woningen bestemde ruimten naar zelfstandige woningen is volgens hem al mogelijk, maar wordt weinig gebruikt.

 

Woonvisies en prestatieafspraken

De huidige praktijk biedt al veel voorbeelden van een praktische aanpak waarbij gemeenten en corporaties samenwerken. Dat lijkt geïnspireerd door de Herzieningswet, die corporaties onder gemeentelijke regie brengt. Vooral het gemeentelijk volkshuisvestingbeleid moet bepalend zijn voor de inbreng van corporaties, wat dus ook geldt voor de vluchtelingenproblematiek. Men kan zich echter afvragen of de Herzieningswet bestaande initiatieven heeft gestimuleerd. Of bewijst de vluchtelingenproblematiek dat de strenge aanpak van corporaties te zeer een reactie op enkele pijnlijke maar wel incidentele gebeurtenissen was, maar dat er ook veel goeds in de volkshuisvesting was bereikt? Hoe dan ook, voor de praktijk én de wetgever ligt een forse klus in de belangrijke dossiers waar de vluchtelingenproblematiek doorklinkt. Woonvisies en prestatieafspraken bieden de kans alles helder, concreet en wederkerig in te kaderen.

 

Tussen droom en daad liggen wetten en regels, en juist die kunnen – met goede prestatieafspraken - een brug vormen. Ook voor vluchtelingen. 2016 zal het uitwijzen.

 

Lees hier de eerdere columns van Michael de Groot

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Wina (sr adviseur) op
Het bevreemt dat er zoveel aandacht in media en in de maatschappij is voor de huisvesting alhier van vluchtelingen, en tegelijkertijd zo weinig aandacht voor de aanleiding van de stromen asielzoekers naar Europa en de rol die Europa hierin heeft. Waarom vluchten zoveel mensen naar het Westen? Waarom geen lobby om asielzoekers in eigen regio op te vangen? Ik heb 3 intense jaren gewerkt voor ondersteuning van asielzoekers en vluchtelingen, en ik weet waarover ik het heb. Pak het vraagstuk bij de bron aan, en start met een duurzame dialoog daarover.