of 59045 LinkedIn

Een voor allen, allen voor een

Gemeenten en provincie gaan in Limburg samen bepalen waar nieuwe huizen, winkels, kantoren of bedrijventerreinen komen. Dit is vastgelegd in een bestuursakkoord. Het is een uitwerking van het Provinciaal Omgevingsplan Limburg, maar ook een gezamenlijke invulling van de ladder voor duurzame verstedelijking.

De provincie is ambitieus. De provinciale ruimtelijke verordening bevat een eigen ladder. De landelijke ladder verplicht ertoe om bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen te onderzoeken en motiveren of daaraan een regionale actuele behoefte bestaat. Als dat zo is moet die ontwikkeling bij voorkeur in bestaand stedelijk gebied plaatsvinden. Provincie Limburg gaat verder.


Gemeenten zijn verplicht om bij het maken van ruimtelijke plannen ook te onderzoeken of een nieuwe stedelijke ontwikkeling in leegstaande monumenten of beeldbepalende gebouwen kan worden ondergebracht. Daarnaast moet bij ieder ruimtelijk plan betrokken worden of nieuwe functies in een leegstaand monumentaal gebouw kunnen worden onder gebracht – en als dat niet lukt - in een leegstaand beeldbepalend pand. Pas dan komen andere panden of zelfs nieuwbouw in beeld. Dit betekent dat gemeenten niet alleen moeten kijken naar bestaand gebied, maar ook naar leegstaande bestaande panden. Dat moet niet alleen bij een nieuwe stedelijke ontwikkeling, maar bij alle nieuwe functies.  


Alleen een motiveringskunstje?

Wat dat nu precies inhoudt en tot hoever dit gaat, zal nog moeten blijken. Is het alleen een motiveringskunstje dat een initiatiefnemer gemakkelijk naast zich neer kan leggen door bijvoorbeeld te stellen dat het verbouwen van het monument te duur wordt? Dat zou jammer zijn, want wie schrijft die blijft en een motivering zal niet zo heel moeilijk te verzinnen zijn. Het is dus vooral een kwestie van mentaliteit, politieke wil, een gerichte aanpak en de handen ineen slaan. Daarom is het bestuursakkoord een goede zaak. Wat hebben we immers  aan ‘dode letters’ in wetgeving?

 

Het zal ook wel moeten, omdat delen van provincie Limburg te maken hebben met bevolkingskrimp. Eigen stad eerst is dan een funest uitgangspunt voor een gezonde toekomst voor de regio en de provincie. Een probleem dat opdoemt is namelijk, dat er - ondanks de bereidheid om bestaand gebied en bestaande gebouwen te ‘herbenutten’ - er helemaal geen nieuwe functies zijn. Een winkelbestemming kan bijvoorbeeld wel worden omgezet naar een woonbestemming, maar wat nu als er geen behoefte is aan meer woningen?

 

Slooptaboe

Het taboe-woord ‘sloop’ rukt op. En vervolgens de vraag: en wie gaat dat betalen? En wat ga je dan slopen? En hoe krijg je mensen zover, dat ze meewerken aan een verplaatsing zodat je met beleid kunt slopen? Is er eigenlijk wel een verdienmodel te bedenken voor sloop en ‘herbenutting’? Dat is de uitdaging waar de gemeenten en provincie gezamenlijk voor staan.

 

Limburg is er al langer mee bezig. En met succes! Parkstad Limburg heeft op 7 april jl. de internationale Tourism for Tomorrow Award 2016 gewonnen. Dit is de hoogste toeristische onderscheiding ter wereld. Vooral de structurele, complete aanpak die in korte tijd leidde tot een succesvolle ontwikkeling van ‘zwart naar groen’, werd geroemd door de jury. Parkstad Limburg was één van de drie finalisten en is daarmee nu de eerste Nederlandse bestemming die de prijs wint en wereldwijd te boek staat als een van de toonaangevende regio’s op het gebied van toerisme. Dat wil wat zeggen voor een voormalig mijngebied.

 

Heerlen slaagt er keer op keer in om bij de bestuursrechter rechter ingewikkelde herstructuringsplannen gericht op het bestrijden van leegstand, overeind te houden. En nu gaan de overheden in Limburg samen aan de slag. Dat is een heel goede zaak. Misschien ook wel een mooi motto voor de toepassing van de Omgevingswet in Limburg: een voor allen, allen voor een!


Dit is de eerste column van Trees van der Schoot, nieuwe BB-columnist op het vakgebied ruimtelijke ordening.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.