of 59232 LinkedIn

Wethouderschap stadsontwikkeling moet weer sexy worden

De nieuwe colleges moeten inzetten op een ‘stedelijk akkoord’, stelt het netwerk Directeuren Stedelijke Ontwikkeling (DSO).

De nieuwe colleges moeten niet bij de pakken neerzitten nu de economische crisis de stedelijke ontwikkeling in een houdgreep heeft. Integendeel, ze moeten inzetten op een ‘stedelijk akkoord’, stelt het netwerk Directeuren Stedelijke Ontwikkeling (DSO).


De ooit zo begeerde portefeuille stadsontwikkeling is sinds de crisis aanzienlijk minder populair. Pronken met geslaagde renovaties en prestigieuze nieuwbouw heeft plaatsgemaakt voor worstelen met leegstand, krimp en grondverliezen. De directeuren stedelijke ontwikkeling van de 45 grootste gemeenten roepen de nieuw te vormen colleges op om van deze portefeuille geen sluitpost te maken. ‘Word wakker. Er gebeurt heel veel op dit terrein, juist nu.’

 

Gijsbert van Herk, directeur stedelijke ontwikkeling in Breda en voorzitter van het netwerk DSO, stelt vast dat de portefeuille stedelijke - en economische ontwikkeling minder sexy is dan voorheen. Sterker nog: bij veel gemeenten lijkt de belangstelling voor ruimtelijk-economische ontwikkeling zelfs grotendeels verdwenen, zo is het algemene beeld binnen zijn netwerk. Het bestuur schreef daarover een artikel op www.netwerkdso.nl. Van Herk licht toe:  ‘Bij de huidige coalitievorming gaat alle aandacht uit naar het sociaal domein. Begrijpelijk, want grofweg krijgt die portefeuille er jaarlijks de 150 miljoen euro bij die onze afdelingen de afgelopen vier jaar hebben moeten afboeken op grondverliezen.’ En zo zijn niet langer economische en ruimtelijke ontwikkeling de kapstok in de collegevorming, maar de decentralisaties van sociale taken. En is de sociale portefeuille – met bouwen, nieuwe dingen ontwikkelen - meer in trek bij de nieuwe wethouders dan de post ruimtelijke ontwikkeling, die vier jaar lang in het teken stond van afboeken en opruimen.

 

Participatie

Toch is dat niet terecht, zegt Van Herk. Ten eerste is er een belangrijke lijn te trekken tussen die twee. ‘Kijk alleen al naar de sluiting van verzorgingshuizen, waar gemeenten iets mee moeten en de leegstand in de zorgsector die vervolgens moet worden ingevuld.’ Maar bovenal is er de totaal nieuwe dimensie die de crisis, de krimp en de decentralisaties geven aan stedelijke ontwikkeling. Dat gaat voortaan niet slechts over stenen en asfalt, maar over leefbaarheid, sociale cohesie en participatie. En op al die terreinen gebeurt juist nu heel veel, stelt Van Herk. ‘Stedelijke ontwikkeling heeft niet alleen een fysieke kant, het gaat in feite over alle onderwerpen die in ontwikkeling zijn in de stad, waaronder ook participatie en andere taken in het sociaal domein. Hier gebeurt het allemaal, onze afdelingen zijn straks de adviesbureaus voor de grote steden in Nederland, de research and development-fabrieken van de komende jaren.’

 

Dat brede palet aan opgaven rechtvaardigt volgens het netwerk DSO de introductie van het stedelijk akkoord. Want op dit moment lijkt samenhangende beleidsontwikkeling voor ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, mobiliteit, natuurontwikkeling en economische ontwikkeling ver te zoeken, laat staan de link met de sociale opgaven voor gemeenten. Het netwerk DSO stelt voor om de concept-coalitieakkoorden niet direct naar de gemeenteraad te sturen. Van Herk: ‘Die zou je eerst voor moeten leggen aan de partners in de stad en de regio, met de vraag: “Dit is ons voorstel voor de komende vier jaar met bijbehorende investeringen, wat kunt u bijdragen tegen de achtergrond van het perspectief en de opgaven van onze stad?” Op die manier kun je toewerken naar een stedelijk akkoord, dat vervolgens elk jaar in de stedelijke Schouwburg wordt bezien op effectiviteit en rendement.’

 

Regionaal

Nog een stap verder is om op basis van de stedelijke akkoorden een coalitieakkoord op regionaal niveau te sluiten, waarbij je aansluit op de 35 arbeidsmarktregio’s die zijn geformuleerd in het kader van de Participatiewet, zegt Van Herk. ‘De uitdagingen waar we voor staan moet je regionaal oppakken. Kijk waar je elkaar kunt helpen, in plaats van elkaar te beconcurreren.’

 

Een stedelijk akkoord vraagt om een andere rol voor gemeenten, ondernemend en faciliterend. De nieuwe Omgevingswet biedt daartoe ruimte, nu de houding in het stadhuis nog. Van Herk: ‘Wil je nog iets gerealiseerd krijgen, dan moet je er zelf op uit, de ramen open, want het komt niet meer naar je toe waaien.’ Het type mens dat bij overheid gaat werken, is geleidelijk aan het veranderen. Er komen steeds meer ambtenaren en ook collegeleden die meer naar buiten gericht zijn, constateert hij. Gelukkig, stelt Van Herk, want de urgentie is hoog. ‘Als je nog drie jaar wacht, mis je de boot als stad en regio.’

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.