of 59250 LinkedIn

Waterschappen zien het weer zitten met Omgevingswet

Peter Glas, voorzitter Unie van Waterschappen, heeft er weer vertrouwen in na gesprek met ministerie, provincies en gemeenten

De waterschappen kijken kritisch naar dit kabinet. Niet alleen stuurt Rutte 2 aan op opschaling en uiteindelijk opheffing van de waterschappen. Voor het zover is wordt er stevig bezuinigd en dreigt de nieuwe Omgevingswet bevoegdheden van de waterschappen in te perken. De Unie van Waterschappen (UvW) protesteert. Voorzitter Peter Glas heeft na een gesprek deze week met het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de gemeenten en provincies weer vertrouwen in de nabije toekomst.

Hoe was uw gesprek met de minister, IPO en VNG?

 

‘Heel nuttig. Ik heb onze punten van zorg naar voren gebracht en heb het gevoel dat daar begrip voor is bij onze gesprekspartners. Of het allemaal ook echt goed uitpakt, blijkt als eind februari de toetsversie van de Omgevingswet wordt vrijgegeven. Die houden wij goed in de gaten.’

 

Dijkgraaf Poppelaars bracht laatst een zorgpunt naar voren: de bevoegdheid van waterschappen om vergunningen af te geven voor bouwplannen op en aan het water.

 

‘Ik wil niet zover gaan dat de waterschappen een beslissing moeten nemen over bouwvergunningen. Dat is en blijft een bevoegdheid van de gemeente. Maar de zelfstandige bevoegdheid om deelvergunningen te kunnen verlenen over werken op en aan dijken bijvoorbeeld, die willen wij behouden. Wij moeten kunnen vergunnen en handhaven voor lozingen, onttrekkingen en activiteiten op en rond dijken.’

 

Dat dreigt te verdwijnen in de Omgevingswet?

 

‘Er is veel discussie geweest over de vraag of het hoogste bevoegde gezag voor de hele vergunning verantwoordelijk zou moeten worden. Ingegeven door het vereenvoudigen van de procedures: één aanvraag, één vergunning. Wij zijn absoluut voor vereenvoudiging en ook voor één aanvraagformulier bij één loket. Maar daarachter heeft iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid, anders verwatert het waterbelang. Dat standpunt heb ik opnieuw bepleit en ik ontmoette daar begrip voor.’

 

Ook de watertoets stond ter discussie, waarmee het waterschap vooraf toetst of plannen en activiteiten niet botsen met de waterfunctie in een gebied.

 

‘Dat punt hebben we zwaar aangezet, want het waterschap moet zo vroeg mogelijk aan tafel zitten om mee te kijken naar ruimtelijke ontwikkelingen. Er gingen stemmen op om die toets af te schaffen, maar ik merk inmiddels dat iedereen, ook gemeenten en provincies, erkennen dat onze rol daarin belangrijk is.’

 

Wat zijn andere hete hangijzers voor de waterschappen?

 

‘Het waterbeheerplan en de waterkwaliteit. Om met dat laat

ste te beginnen: Het kabinet wil 380 miljoen euro bezuinigen in de afvalwaterketen. Om die besparing te realiseren is het volgens ons noodzakelijk dat gemeenten en waterschappen periodiek hun rioleringsplannen bekijken en actualiseren. We willen dat de verplichting op het hebben van rioolplannen blijft.’

 

En uw laatste punt?

 

‘Het waterbeheerplan, waarmee waterschappen de lijnen uitzetten voor het waterbeheer, heeft onze zorg. En dan vooral de verhoudingen tussen overheden daarin. In het bestuursakkoord Water is afgesproken dat rijk en provincies geen waterplannen meer maken, maar in omgevingsvisies weergeven wat ze willen. Prima, maar ze moeten vervolgens de waterschappen geen instructies gaan geven over hoe wij taken moeten uitvoeren. Doelstellingen, oké Maar wij hebben onze eigen verantwoordelijkheid om die te realiseren, dat is een kwestie van vertrouwen.’

 

Is dat vertrouwen er volgens u?

 

‘Half januari stuurde het IPO nog een brief naar de minister, dat ze in het projectbesluit de mogelijkheid willen hebben om een instructie te kunnen geven. In het gesprek van deze week heeft het IPO mij verzekerd dat ze geen extra bevoegdheden wil. Dus ja, ik denk dat het goed komt.’

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Peter Coopmans (organisatie-adviseur/HRM en Arbodeskundige.) op
Uit dit stukje weergave blijkt maar weer eens, dat we in Nederland dingen doen die niet goed zijn doordacht.
Natuurlijk gaan Waterschappen piepen als er binnen hun territorium iets gaat veranderen. Zo ook zal de ervaring leren zullen de Veiligheidsregio's de volgende zijn die gaan piepen, want de RUD's pakken ook een heel groot stuk van hun werk af.
Vervolgens krijgen ze last met de grotere gemeenten, want ook die zullen ervaren dat de vergunningenverlening (WABO) en handhaving is afgepakt met de komst van de RUD's. Hier is dus duidelijk een blijk van gebrek aan kennis en ervaring bij de mensen die de wet hebben gemaakt. De RUD is naar mijn mening een overbodig gedrocht, waar straks ook nog mensen uit allerlei verschillende gemeenten bij elkaar worden gezet, die het algemene belang moeten dienen bovenlokaal. Nee, het was eenvoudiger geweest, als men de RUD-werkzaamheden had ondergebracht bij de bestaande veiligheidsregio's. Een groot deel van de deskundigheid ligt daar en de ontbrekende is gemakkelijk binnen te halen en met een bijscholingsprogramma had men ver kunnen komen.
Bovendien had dan geen kostbare transitie-operatie nodig geweest. En voor de rapporteur dit: Het positieve beeld wat men denkt te hebben na de gevoerde gesprekken zullen bedrogen uit komen. alles gaat toch volgens een vooropgezet plan. Dus Waterschappen ga alvast maar een cursus "Landje pik doen".