of 59183 LinkedIn

Duurzaamheid topprioriteit in gemeentelijke woonvisies

Duurzaamheid en kwaliteit van de woningvoorraad vormt met 81 procent de topprioriteit in de gemeentelijke woonvisies. Wonen en zorg komt met 71 procent op plek twee. Onderwerpen als sociale voorraad, doorstroming of transformatie komen in nog geen 10 procent van de woonvisies over.

Duurzaamheid en kwaliteit van de woningvoorraad vormt met 81 procent de topprioriteit in de gemeentelijke woonvisies. Wonen en zorg komt met 71 procent op plek twee. Onderwerpen als sociale voorraad, doorstroming of transformatie komen in nog geen 10 procent van de woonvisies over.

Niet verplicht

Dat blijkt uit het rapport ‘Staat van de Volkshuisvesting 2017’, dat door minister Plasterk (Binnenlandse Zaken) aan de Tweede Kamer is aangeboden. Hoewel niet verplicht, hebben gemeenten zich sinds de invoering van de Woonwet in 2015 massaal gestort op het opstellen van een eigen woonvisie. Tweederde van de gemeente had medio 2016 al zo’n (regionale of lokale) visie vastgesteld, nog eens een kleine 30 procent werkte daaraan. 5 procent van de gemeenten ziet er geen heil in. Dat is vooral in Friesland en Zuidwest-Drenthe aan de hand.  

 

Verduurzaming
Woningverbetering (ook verduurzaming) komt in de in de woonvisie vastgelegde prestatieafspraken het meest voor. Op plek twee en drie gevolgd door het huisvesten van statushouders en het stimuleren van leefbaarheid. Ook worden er veel afspraken gemaakt over de woningvoorraad (nieuwbouw, verkoop en omvang kernvoorraad) en betaalbaarheid (huurprijsbeleid). Deze onderwerpen komen overeen met de prioriteiten in de woonvisies.


Tekorten
In het rapport wordt tot 2025 een uitbreiding van het aantal woningen voorzien van 540.000 tot 614.000. De onderzoekers voorzien vooral tekorten bij middeldure huurwoningen. Ook de vraag naar koopwoningen zal groot blijven. Op langere termijn daalt de vraag naar sociale huurwoningen, al zijn er ook hier op korte termijn ook nog tekorten. Vooral gescheidenen, arbeidsmigranten, zzp-ers en starters vormen daarbij urgente doelgroepen. Ouderen, daarentegen, wonen de laatste jaren langer zelfstandig, waardoor er op voor deze groep geen grote nieuwbouw- of renovatieopdracht voor corporaties ligt.

Minder scheefwoners
De onderzoekers stelden daarnaast vast dat een steeds groter deel van de corporatiewoningen ook daadwerkelijk door de doelgroep wordt bewoond. Was dat in 2009 nog ruim 70 procent; in 2015 liep dat al tot 80 procent op. Dat is nog los van de tijdelijke verhoging van de doelgroepsgrens (van maximaal 35.700 euro tot maximaal 39.800 euro). Scheefwonen komt dus steeds minder voor.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.