of 59100 LinkedIn

Succesvolle participatie? Vijf vragen vooraf

Vijf vragen vooraf
Reageer

Bij projecten en programma’s in de fysieke ruimte staat bewonersparticipatie prominent bovenaan het verlanglijstje van coalities, organisaties, programmadirecteuren en projectmanagers. En terecht, want als beleid en projecten in samenspraak met de omgeving worden gerealiseerd, worden eigenaarschap en gebiedskennis van bewoners en ondernemers productief gemaakt. Maar tussen droom en daad staat vaak een teleurstellend participatieproces in de weg. Vaak zien bewoners niet wat er met hun inbreng gebeurt en voelen politici zich bij de definitieve besluitvorming vaak machteloos aan de kant staan. Goede bedoelingen worden bronnen van ergernis. Bewoners krijgen het gevoel dat de overheid wéér niet luistert en politici krijgen het gevoel dat bewoners nóóit tevreden zijn.

 

Blijf nadenken

Participatie is geen synoniem voor laat-het-allemaal-maar-aan-de-burger-over. Ook ontslaat het bestuurders, managers en politici niet van hun plicht om zelf na te blijven denken over wat goed is en wat niet. Wat kan en wat kan niet? Voor een succesvol participatietraject is het belangrijk om eerst de inhoudelijke kaders en spelregels vast te leggen. Welke rol krijgen participanten? Waarover wordt inbreng gevraagd? Waarover niet? Wie neemt het uiteindelijke besluit en wat mogen politici er nog van vinden? Wat is de planning? Bezint eer ge begint.

 

Een extra stap

Het opstellen, bespreken en vaststellen van een inhoudelijk kader en van heldere spelregels is een extra stap in het participatieproces. Dit vraagt extra inzet (opstellen kader) en doorlooptijd (besluitvorming), maar is in onze ogen onmisbaar om een participatieproces bevredigend en succesvol te maken. Het proces moet samen met de belangrijkste betrokkenen en de verantwoordelijk bestuurders worden ontworpen. Dus niet alleen met het (interne) projectteam. Het vraagt om een open houding (mutual gains) en de wil om écht naar elkaar te luisteren. Wat willen we met de participatie bereiken? Waarom doen we dit? Na verkennende gesprekken wordt het kader in concept opgesteld en besproken met het projectteam en de verantwoordelijke bestuurders. Pas daarna wordt het kader definitief gemaakt en bestuurlijk vastgesteld. Als er overeenstemming is over het kader, is er ook meer draagvlak voor het proces van participatie. Dat zal resulteren in draagvlak voor de uitkomst ervan.

 

Vijf vragen vooraf

Op basis van onze ervaringen, hebben wij vijf vragen geformuleerd die in het voortraject beantwoord moeten worden:

  1. Uit welke stappen bestaat het participatieproces? Wat is het globale spoorboekje?
  2. Wie besluit waarover? Wie heeft welk mandaat? Welke (rechts)middelen hebben bewoners en bedrijven als ze het uiteindelijk toch niet eens zijn met het besluit?
  3. Welke ‘simpele regels’ zijn er vanuit beleid en wetgeving? Wat is de ruimte waarbinnen de participatie zich begeeft? Wat valt er buiten de scope van de participatie en staat niet ter discussie? Vertaal de soms abstracte beleidsstukken naar concrete kaders voor de opgave en doe dat in de taal van de beoogde participanten.
  4. Welk budget is voor de participatie beschikbaar? Dus het participatieproces zelf; dat wordt vaak vergeten.
  5. Welk budget is er voor realisatie van het project beschikbaar? Hoe hoog groeien de bomen?

De beantwoording van deze vragen moet politiek en/of bestuurlijk worden vastgesteld. Bestuurders en politici spreken zich dus aan de voorkant van het proces uit over wat zij belangrijk vinden. Als de kaders vastliggen, kan de participatie in volle hevigheid losbarsten.

 

Het resultaat

Het resultaat van deze voorbereiding is dat bestuurders weer toekomen aan hun kerntaak: kaders vaststellen en daar concreet in zijn. Het dwingt politici om na te denken hoeveel ze van hun autonomie uit handen (durven) geven aan participanten. Keuzes maken, toelichten en verantwoorden. Als de kaders duidelijk zijn, is het ook helder wanneer participatie daar overheen dreigt te gaan. Dat kan, maar dan moet dat opnieuw politiek geaccordeerd worden.
Voor iedereen die mee wil doen aan het participatieproces, bieden kaders en spelregels duidelijkheid. Voor politici en bestuurders is duidelijk waarvoor hun instemming wordt gevraagd. Zij hoeven zich dus ook niet met allerlei details te bemoeien.

 

Slim delen

Volwassen participatie is een proces waarmee bestuurders en bewoners de stappen in besluitvorming over complexe zaken op een slimme manier verdelen. Iedere partij draagt verantwoordelijkheid voor het deel van de besluitvorming waar hij of zij goed in is. Daar erkennen de partijen elkaar in. Door aan de voorkant van het proces goede afspraken te maken, wordt participatie succesvol.

 

Wytse Dassen (adviseur en omgevingsmanager Twynstra Gudde, tevens raadslid gemeente Amersfoort)
Has Bakker (adviseur Twynstra Gudde, politiek actief in de gemeente Utrecht)


Kennis en ervaring op het gebied van participatie ontlenen wij onder maar aan complexe programma’s en projecten in de fysieke leefomgeving waar wij uitvoering hebben gegeven aan omgevingsmanagement.


Meer informatie daarover vindt u hier.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

Afbeelding

Ruimte, Wonen & Economie BV

Mw. Drs. I. (ilta) van der Mast, Partner

ima@tg.nl

Michiel Cappendijk, Adviseur

mcp@tg.nl

Stationsplein 1
Postbus 907
3800 AX Amersfoort
+31 (0) 6 53 210 998
+31 (0) 33 467 7230

www.twynstragudde.nl


Meer nieuws

Whitepapers

Afbeelding

Bloggers

Afbeelding