of 58959 LinkedIn

Niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied

Reageer

 

ABRvS 22 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1749

Door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg is met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2 van de Wabo en artikel 4, aanhef en onder 8 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor) een omgevingsvergunning voor het handelen in strijd met het bestemmingsplan verleend ten behoeve van het verharden van een pad. Er is vervolgens gebruik gemaakt van de vergunning, hoewel deze nog niet onherroepelijk was.

Op grond van artikel 4, aanhef en onder 8 van bijlage II bij het Bor komt het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied in aanmerking voor verlening van een omgevingsvergunning voor met het bestemmingsplan strijdig gebruik.

 

Appellanten hebben zich in hoger beroep op het standpunt gesteld dat het college geen toepassing kon geven aan artikel 4, aanhef en onder 8 van bijlage II bij het Bor, onder meer omdat het verharden van het pad volgens hen niet kon worden aangemerkt als een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied. In dat verband hebben appellanten erop gewezen dat de bodem door de graafwerkzaamheden ingrijpend is aangetast en de uitstraling van het gebied door de verstening ingrijpend is veranderd. Voorts hebben appellanten naar voren gebracht dat er ten onrechte vanuit is gegaan dat het pad reeds half was verhard met puingranulaat, terwijl het volgens hen een zandpad met delen van vermalen puin betrof.

 

De Afdeling wijst voor het antwoord op de vraag of er sprake is van een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied op de nota van toelichting bij het Bor (Stb. 2014, 333, blz. 54). Daarin is vermeld dat bij het beantwoorden van de vraag of er al dan niet sprake is van een ingrijpende herinrichting van openbaar gebied, onder andere de te verwachten gevolgen van de herinrichting voor omwonenden en gebruikers van het desbetreffende gebied zullen moeten worden betrokken.

 

Volgens appellanten waren er voor de beoogde herinrichting omvangrijke en ingrijpende werkzaamheden nodig. Dat er omvangrijke en ingrijpende werkzaamheden nodig betekent echter naar het oordeel van de Afdeling nog niet dat de herinrichting van het gebied zelf als ingrijpend moet worden aangemerkt. De verleende omgevingsvergunning ziet op het verharden met oude, gebruikte klinkers van het bestaande pad, dat wat betreft ligging en omvang niet verandert. Volgens de Afdeling mocht het college dit als een niet-ingrijpende herinrichting aanmerken. Daarbij is niet van belang of het bestaande pad een zandpad met delen van vermalen puin of een half met puingranulaat verhard pad betrof, maar slechts dat een bestaand pad aanwezig was, aldus de Afdeling.

 

De uitspraak maakt (in aanvulling op de nota van toelichting) duidelijk dat voor het antwoord op de vraag of er sprake is van een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied als bedoeld in artikel 4, aanhef en onder 8 van bijlage II bij het Bor, niet bepalend of er omvangrijke en ingrijpende werkzaamheden nodig, maar of de herinrichting van het gebied zelf als ingrijpend moet worden aangemerkt.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingNysingh advocaten-notarissen

 

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35 

www.nysingh.nl

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding