of 58959 LinkedIn

Maatstaf aansprakelijkheid wegbeheerder fietspad

Reageer

Afbeeldingmr. B. Veldman (Brigitte)

 

Gerechtshof Den Haag 17 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1350

In dit arrest gaat het om de vraag of de gemeente als wegbeheerder aansprakelijk is voor het letsel dat een tienjarig meisje heeft opgelopen bij een ongeval op een druk bereden fietspad. Hoewel het arrest geen nieuwe ontwikkelingen bevat, kan het in de praktijk worden gebruikt bij de beoordeling van vergelijkbare kwesties.

De feiten
Een tienjarig meisje is tijdens het fietsen op een geasfalteerd fietspad in de gemeente Wassenaar gevallen, terwijl er iemand bij haar achterop de fiets zat. Daarbij heeft zij letsel opgelopen. De moeder van het meisje heeft de gemeente aansprakelijk gesteld voor de schade van haar dochter. Hiertoe heeft de moeder – kort samengevat – aangevoerd dat op de ongevalslocatie sprake was van een dermate ernstige scheurvorming in het asfalt, dat het fietspad als een gebrekkige opstal heeft te gelden. Nu het gebrekkige fietspad de oorzaak van het ongeval is geweest, is de gemeente volgens de moeder als wegbeheerder op grond van artikel 6:174 BW dan wel op grond van artikel 6:162 BW aansprakelijk voor de nadelige gevolgen.

 

Het oordeel van de Rechtbank
In eerste instantie heeft de Rechtbank de vorderingen van de moeder afgewezen. Volgens de rechtbank zou de toedracht van het ongeval niet komen zijn vast te staan. Ook zou geen sprake zijn geweest van onvoldoende onderhoud en er heeft zich hier niet een situatie voorgedaan die het nemen van tussentijdse maatregelen noodzakelijk maakte, waarbij te denken valt aan ad hoc herstel of waarschuwing van weggebruikers.

 

Het oordeel van het Hof
Het Hof komt tot een andere conclusie. In zijn beoordeling stelt het Hof voorop dat de aansprakelijkheid van de gemeente als beheerder van het fietspad, dient te worden beoordeeld aan de hand van de maatstaven die zijn ontwikkeld in het arrest van de Hoge Raad van 17 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN6236 (dijkdoorbraak Wilnis); zie ook HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:831 (gemeente Deventer/Reaal)).

 

Bij het antwoord op de vraag of een opstal voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, komt het derhalve aan op de – naar objectieve maatstaven te beantwoorden – vraag of het betreffende fietspad, gelet op het te verwachten gebruik of de bestemming daarvan, met het oog op voorkoming van gevaar voor personen en zaken deugdelijk is, waarbij ook van belang is hoe groot de kans op verwezenlijking van het gevaar is en welke onderhouds- en veiligheidsmaatregelen mogelijk en redelijkerwijs te vergen zijn.

 

Het Hof stelt vast dat het hier gaat om een druk bereden geasfalteerd fietspad. Niet alleen in de zomermaanden, maar gedurende het gehele jaar. Onder de gebruikers van het fietspad bevinden zich niet alleen inwoners van de gemeente Wassenaar, die mogelijk ter plaatse bekend zijn, maar ook mensen uit de (zeer) wijde omgeving (o.a. toeristen). Daarnaast geldt naar het oordeel van het Hof als feit van algemene bekendheid dat fietsers die van en naar het strand rijden in de regel bagage bij zich hebben (strandspullen) en dat het ook regelmatig voor komt dat zij iemand anders achterop de fiets meenemen (zoals kinderen). Het meenemen van bagage en/of een opzittende is een omstandigheid die naar ervaringsregels de stabiliteit van fietsers negatief kan beïnvloeden.

 

Tegen deze achtergrond bezien, mogen naar het oordeel van het Hof vrij hoge eisen worden gesteld aan de staat van het betrokken wegdek, teneinde serieus valgevaar (veroorzaakt door oneffenheden in het wegdek) op dit drukke fietspad naar het strand te voorkomen. In dit geval staat vast dat het wegdek beschadigd was. Op het fietspad bevond zich immers ten tijde en ter plaatse van het ongeval een scheur in het asfalt in de langsrichting van ongeveer vijf meter lang en aan het eind daarvan een haaks aansluitende scheur in de dwarsrichting.

 

Aangezien de gemeente niet (gemotiveerd)  heeft aangevoerd dat haar financiële middelen te beperkt waren om de vereiste maatregelen te treffen om het gebrek te herstellen, is dat punt volgens het Hof verder niet aan de orde.

 

Conclusie van het Hof
Het Hof komt dan ook tot de conclusie dat het fietspad ter plaatse en ten tijde van het ongeval niet voldeed aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen in de zin van art. 6:174 BW. Nu het Hof met de moeder van oordeel is dat voldoende is vast komen te staan dat de betrokken scheur in het wegdek het ongeval heeft veroorzaakt, acht het Hof de gemeente aansprakelijk voor de schade van het meisje. Er wordt geen eigen schuld aan de zijde van het meisje aangenomen.

 

Neem voor meer informatie over dit of andere aansprakelijkheidsrechtelijke onderwerpen contact op met Brigitte Veldman, advocaat en aansprakelijkheidsrechtspecialist bij Nysingh advocaten – notarissen. E: brigitte.veldman@nysingh.nl T: 026 - 357 57 20, www.nysingh.nl 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingNysingh advocaten-notarissen

 

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35 

www.nysingh.nl

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding