of 59045 LinkedIn

Aanwijzen van categorieën gevallen waarin geen verklaring van geen bedenkingen is vereist

Reageer
 
ABRvS 27 mei 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1655

Door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag (hierna: het college) is bij twee afzonderlijke besluiten omgevingsvergunning eerste en tweede fase verleend aan vergunninghouder 1) om het desbetreffende perceel in afwijking van het ter plaatse geldende planologisch regime te gebruiken voor het oprichten van een windturbine en 2) voor het bouwen van de windturbine op dat perceel. De tegen deze besluiten ingestelde beroepen zijn door het college ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak is hoger beroep ingesteld.

Appellante betoogt in hoger beroep dat de rechtbank heeft miskend dat het college niet bevoegd was omgevingsvergunning eerste fase te verlenen, nu daaraan voorafgaand geen verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid  van de Wabo door de gemeenteraad was afgegeven. Appellante voert daartoe aan dat het besluit van de gemeenteraad van 20 januari 2011, waarbij door de gemeenteraad op grond van artikel 6.5, derde lid van het Besluit omgevingsrecht (Bor) categorieën gevallen zijn aangewezen waarin een verklaring niet is vereist, in strijd is met de rechtszekerheid en om die reden onverbindend moet worden verklaard.
 

Bij besluit van 20 januari 2011 heeft de gemeenteraad het volgende besloten:

 

"I.    Een verklaring van geen bedenking te vereisen voor die ruimtelijke relevante ontwikkelingen van enige omvang waarover niet eerder door de gemeenteraad een inhoudelijk standpunt is ingenomen, danwel politiek gevoelige ontwikkelingen;
II.    Voor alle andere categorieën van gevallen geen verklaring van geen bedenking te vereisen;
III.  (…)."

 

Onder verwijzing naar een eerdere uitspraak overweegt de Afdeling dat artikel 6.5, derde lid van het Bor geen vereisten voor de aanwijzing bevat en het evenmin een beperking inhoudt voor de categorieën die opgenomen kunnen worden in de aanwijzing. Dit betekent volgens de Afdeling echter niet dat die categorieën ook op een zodanige wijze mogen worden geformuleerd dat aan de aanwijzing geen of nauwelijks nog onderscheidende betekenis meer valt toe te kennen. Een dergelijke aanwijzing voldoet niet aan de daaraan uit een oogpunt van rechtszekerheid te stellen eisen en maakt bovendien de in artikel 6.5, eerste lid van het Bor neergelegde hoofdregel dat in beginsel een verklaring van geen bedenkingen is vereist, zinledig.

 

De in onderdeel I van het aanwijzingsbesluit van 20 januari 2011 vermelde criteria "ruimtelijke relevante ontwikkelingen van enige omvang" en "politiek gevoelige ontwikkelingen", die zijn opgenomen ter omschrijving van de in dit onderdeel aangewezen categorie van gevallen, zijn naar het oordeel van de Afdeling dermate ruim en algemeen dat gelet op de reikwijdte daarvan het college in wezen de vrije hand is gelaten om de gemeenteraad al dan niet een verklaring van geen bedenkingen te vragen. Gelet hierop is het door de gemeenteraad krachtens artikel 6.5, derde lid van het Bor genomen aanwijzingsbesluit, wegens strijd met de rechtszekerheid, onverbindend. Dit brengt met zich dat voor het onderhavige project een verklaring van geen bedenkingen is vereist. Nu deze niet is verleend, was het college niet bevoegd om met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3° van de Wabo omgevingsvergunning eerste fase te verlenen. De conclusie is dat het besluit waarbij de omgevingsvergunning eerste fase is verleend, in strijd is met artikel 6.5, eerste lid van het Bor.

 

De uitspraak waar in onderhavige uitspraak naar wordt verwezen – de uitspraak van de Afdeling van 27 augustus 2014, ECLI:NL:RVS:2014:3207 – leerde dat artikel 6.5, derde lid van het Bor geen vereisten bevat voor de aanwijzing en dat dit artikel geen beperking inhoudt voor de categorieën die door de gemeenteraad in de aanwijzing kunnen worden opgenomen. Bovenstaande uitspraak  van 27 mei 2015 voegt hier aan toe dat de aanwijzing van categorieën niet zo ruim en algemeen mag zijn dat aan de aanwijzing geen of nauwelijks onderscheidende betekenis meer valt toe te kennen. De gemeenteraad dient er bij de aanwijzing dus op bedacht te zijn dat het college niet de vrije hand wordt gelaten om al dan niet een verklaring van geen bedenkingen te vragen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Contactgegevens

AfbeeldingNysingh advocaten-notarissen

 

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35 

www.nysingh.nl

Contactgegevens

Nysingh advocaten-notarissenAfbeelding

Afbeelding

mr. P.L.G. Haccou (Patrick)

T 026 357 57 35

www.nysingh.nl

Meer nieuws

 

Afbeelding

Op de hoogte blijven? Volg Nysingh

Afbeelding Afbeelding Afbeelding

Afbeelding