of 58940 LinkedIn

Brabantse overheden in de clinch over mestbewerking

AfbeeldingMestbeleid via ruimtelijke ordening

In het landelijk mestbeleid wordt scherp ingezet op mestbewerking om het mestoverschot terug te dringen.  Dit beleid krijgt in de provincie Noord Brabant vertaling in de aanpak om voldoende capaciteit te ontwikkelen om het Brabantse mestoverschot op geschikte locaties te verwerken. De provincie stuurt hier sterk op om mestbewerking alleen op geschikte locaties te laten plaatsvinden en overaanbod te voorkomen.  Deze aanpak is omgezet in ruimtelijke regelgeving in de Verordening ruimte. In die verordening zijn regels opgenomen over mestbewerking op bedrijventerreinen en op locaties in het landelijk gebied. De hoofdregel is dat de vestiging en uitbreiding van mestbewerking niet zijn toegestaan. De bewerking van mest van het eigen agrarisch bedrijf wordt als onderdeel gezien van de agrarische bedrijfsvoering en is daarom binnen een bouwvlak toegestaan. De verwerking van mest voor derden wordt alleen onder strikte voorwaarden toegestaan. De provincie houdt een flinke vinger in de pap.

Aanpak in de gemeente Oirschot botst met provinciale visie

Ook de raad van Oirschot onderkent het belang van mestbewerking. In het bestemmingsplan voor het Buitengebied is daarom een regeling opgenomen die bewerking van mest van het eigen bedrijf toestaat, maar ook voor derden. De raad constateert namelijk dat er veel vraag is naar kleinschalige mestbewerking voor derden. Mestbewerking voor derden draagt bij aan het oplossen van de mestproblematiek en is in de ogen van de raad aanvaardbaar als de kleinschaligheid wordt gewaarborgd. Daarbij stelt de raad zich op het standpunt dat ruimtelijk geen verschil bestaat tussen mestbewerking voor het eigen bedrijf en kleinschalige mestbewerking voor derden. Voor dat standpunt lijkt zeker wat te zeggen. Gedeputeerde staten verzetten zich echter tegen deze regeling. Mestbewerking voor derden is in de visie van gedeputeerde staten een niet-agrarische activiteit en die staat de Verordening ruimte niet rechtstreeks toe, althans alleen onder door provinciale staten precies geformuleerde sturingsvoorwaarden. Gedeputeerde staten werpen in beroep bij de Raad van State dan ook op dat het bestemmingsplan op dit punt is strijd is met de provinciale verordening.

 

Om welke reden gedeputeerde staten zich zo fel verzetten valt niet op te maken uit de uitspraak van de Raad van State op het beroep van gedeputeerde staten. De toelichting op de Verordening ruimte geeft wel duidelijkheid. Mestbewerking mag geen overlast naar de omgeving veroorzaken. Ter voorkoming daarvan zijn precieze randvoorwaarden geformuleerd. Maar de toelichting noemt ook als reden voor de sturing om een overaanbod van mestbewerking te voorkomen. Een neveneffect daarvan zou volgens de provincie kunnen zijn dat daardoor groei van de veestapel mogelijk is. En dat wordt niet gewenst geacht. En bovendien moet worden voorkomen dat ruimte ontstaat om mest van buiten Brabant te bewerken.

 

Oordeel Raad van State

In het geschil tussen beide Brabantse overheden heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bij uitspraak van vrijdag 28 augustus 2015 (zaaknummer: 201308141/1) helderheid verschaft. De Afdeling bestuursrechtspraak maakt er niet heel veel woorden aan vuil. De regeling in het bestemmingsplan is in strijd met de Verordening ruimte en kan de toets der kritiek dus niet doorstaan.

 

Kritische noot

Mestbewerking voor derden kan in bestemmingsplannen dus alleen zo worden geregeld als de provincie Noord Brabant het wil. Regel is regel. Toch heb ik sympathie voor de aanpak van de raad van Oirschot. Ruimtelijk maakt het inderdaad niet veel verschil of mest van het eigen bedrijf of voor derden (mits kleinschalig) wordt bewerkt. Maar daarbij komt dat het niet zo’n vaart loopt met initiatieven voor mestbewerking voor derden (niet als nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijf, noch als zelfstandige activiteit). En tegelijkertijd wordt duidelijk dat nog meer dan tot nu toe op mestbewerking zal moeten worden ingezet om het mestoverschot terug te dringen. Een overaanbod van mestbewerkingscapaciteit zal dus niet snel ontstaan. En groei van dieraantallen is ook wel  op een andere manier te voorkomen. Eén voorbeeld: met de aankondiging fosfaatrechten in te voeren heeft de Staatssecretaris van Economische Zaken aardig de groei uit de melkveehouderijsector weten te halen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

AfbeeldingHekkelman Advocaten & Notarissen

Prins Bernhardstraat 1,

6521 AA Nijmegen

Postbus 1094,

6501 BB Nijmegen

T: 024 382 83 84

F: 024 360 04 50

www.hekkelman.nl

binnenlandsbestuur@hekkelman.nl

Meer nieuws

Blijf op de hoogte!

Volg de actuele ontwikkelingen via onze blogs

Agrarische zaken.

Bloggers

Nieuw: Vastgoed nieuwsbrief

Wilt u op de hoogte blijven van ontwikkelingen op het gebied van vastgoed?

 

Meld u dan hier aan.

Whitepapers

Agenda seminars

AfbeeldingHekkelman Advocaten & Notarissen houdt u op de hoogte van actuele ontwikkelingen. Zo organiseren wij regelmatig seminars om deze ontwikkelingen en onze kennis met u te delen.

 

Klik hier voor onze seminaragenda.

Publicaties