of 59250 LinkedIn

De burger als Sherlock Holmes

Na ruim 2 jaar proefdraaien wordt Burgernet een landelijk systeem. Inwoners van zestig gemeenten kunnen nu de politie bijstaan. Dreigt er nu wildgroei? ‘Het moet geen exclusief politiespeeltje worden’.

Het is een welhaast idyllisch filmpje, op de website van Burgernet. Twee jongens op een scooter roven de handtas van een dame die met de kinderwagen wandelt. Enkele honderden omwonenden binnen een bepaalde straal wordt via de meldkamer telefonisch gevraagd om uit te kijken naar de daders. Talloze oplettende burgers bellen de vluchtroute door en op basis daarvan weten agenten de daders even later aan te houden.

 

Saamhorigheid, burgerzin en effectieve opsporing alom. Burgernet in zijn meest ideale variant. ‘Het is een prachtig systeem, uniek in de wereld. We krijgen er zelfs vragen over helemaal vanuit Australië’, zegt een trotse Bryan Rookhuijzen, korpschef van de politie Limburg-Noord en voorzitter van de Stuurgroep Burgernet die het systeem momenteel in heel Nederland invoert. In januari sloot de zestigste gemeente zich aan.

 

‘De kern van Burgernet zit in de eenvoud’, doceert Rookhuijzen. ‘Elke diender op straat weet: als je burgers een vraag stelt, krijg je altijd een reactie en schieten ze altijd te hulp. Burgernet is in feite een soort buurtonderzoek op grote schaal.’ Maar, weet ook Rookhuijzen, het is makkelijker gezegd dan gedaan. Zo simpel als het concept is, zo complex is de uitwerking. ‘Alle meldkamers moeten worden voorbereid en aangesloten, het personeel moet getraind, de techniek moet op orde zijn, deelnemers moeten geworven. Al met al een geweldige klus.’

 

Veiligheid

 

Het basisidee achter het in mei 2004 opgerichte Burgernet is simpel. Bij een incident stuurt de meldkamer een telefonische boodschap (ingesproken op een bandje) of een smsbericht naar burgers die zich vooraf hebben aangemeld. Tijdens de actie kunnen ze bellen naar een speciaal, tijdelijk telefoonnummer. Na afloop krijgen de deelnemers bericht over de uitkomst van de actie. Een eerste pilot in Nieuwegein was succesvol.

 

‘Burgernet creëert niet zozeer het besef dat veiligheid een verantwoordelijkheid is voor de gehele samenleving, maar geeft veeleer een mogelijkheid aan de bevolking om een concrete invulling te geven aan het al aanwezige besef dat veiligheid een verantwoordelijkheid van velen is’, concludeerde bureau Intomart in wollige woorden in een evaluatie in 2005. Burgernet is méér dan louter een opsporingsmiddel, verzekert iedereen die Burgernet op de kaart probeert te zetten.

 

‘Het is een concreet voorbeeld om burgers te betrekken bij de veiligheidssituatie in hun woonomgeving’, rapporteert Rookhuijzen in oktober 2009 aan de (toenmalige) verantwoordelijke minister Ter Horst. Die concrete ondersteuning van de politie bij opsporing is dan ook de voornaamste reden voor burgers om zich aan te melden bij Burgernet, concludeert de Stichting Maatschappij, Veiligheid en Politie (SMVP) in een evaluatie in 2009.

 

Maar harde streefcijfers ten aanzien van concrete (opsporing)resultaten zijn er ook. Het streven is dat minimaal 5 procent, maar liefst 10 procent van de Burgernet-acties dient te leiden tot aanhouding van de daders of het terugvinden van personen of goederen. In een pilot in negen gemeenten verdeeld over vijf politiekorpsen kreeg de politie bij 9 procent van de Burgernetacties informatie die rechtstreeks tot opsporingsresultaat leidde.

 

Kritiek dat dit ‘oplossingspercentage’ van Burgernet te laag ligt, vindt korpschef Rookhuijzen niet terecht. ‘Laten we blij zijn met elk procent! We pretenderen ook niet dat Burgernet een tovermiddel is waarmee je de opsporingsresultaten ineens verdubbelt.’

 

Tovermiddel

 

Marieke Timmermann is communicatie-adviseur van het Landelijk Programmabureau Burgernet, waarin het ministerie van Veiligheid en Justitie, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de politie en de VtSPN (Voorziening tot Samenwerking Politie Nederland) de krachten hebben gebundeld. Ze legt uit dat voor veel deelnemers de ‘zachte kant’ het belangrijkste is: ‘Burgers willen graag betrokken zijn bij het werk van de politie en de gemeente en een actieve bijdrage leveren aan veiligheid in hun buurt. Of een dader wordt aangehouden, vinden ze van minder belang.’

 

De tevredenheid over de politie verbeterde 'significant’ in de deelnemende gemeenten. De betekenis voor het integrale veiligheidsbeleid van de gemeente daarentegen ‘valt de Burgernetters maar beperkt op’, zo formuleert de SMVP het diplomatiek. Nadelen zien pleitbezorgers van Burgernet niet echt.

 

Toch is het nog lang niet vanzelfsprekend dat het systeem in elke gemeente de lucht in gaat. Afgesproken is, dat de kosten van Burgernet worden gedeeld door de politie (operationele kosten) en de gemeente (werven deelnemers en bijhouden van het bestand). Die kosten kunnen oplopen: een middelgroot korps dat tien acties per maand opstart met gemiddeld duizend deelnemers, is per actie 100 euro kwijt aan bel- en sms-kosten. Op jaarbasis is dat 12 duizend euro. Een gemeente moet rekenen op 25 eurocent kosten per inwoner in het eerste opstartjaar, en 11 eurocent daarna.

 

Daar ziet korpschef Rookhuijzen dan ook wel een obstakel voor de verdere ‘uitrol’: ‘Gemeenten gaan soms sputteren in tijden van bezuiniging. Het kost hier en daar nogal wat duw- en trekwerk voordat ze allemaal zeggen dat ze het zien zitten.’

 

Bedenkingen

 

Uiteindelijk valt het besluit over deelname aan Burgernet in het regionaal college. Soms gaat dat moeizaam: zo wil het politiekorps Hollands-Midden de operationele kosten van Burgernet niet betalen. Na pilotgemeente Gouda hebben tot nu toe pas twee gemeenten zich definitief aangemeld.

 

Ook in zijn eigen regio Limburg-Noord is er discussie geweest, erkent korpschef Rookhuijzen. ‘Een paar gemeenten had aanvankelijk bedenkingen en vroeg zich af wat het hen opleverde. Wij hebben uitgelegd dat het een rare, lastige situatie oplevert als sommige gemeenten wel meedoen en andere niet, en dat gemeenten een regierol op het gebied van veiligheid hebben. Uiteindelijk is iedereen over de streep getrokken.’

 

Als Burgernet eenmaal van start gaat, is de rol van de meldkamer ‘cruciaal’, melden de onderzoekers van SMVP in hun evaluatie. Het is de centralist die moet beslissen of een incident ‘Burgernetwaardig’ is. Hoeveel tijd is er al verstreken (gemiddeld 24 minuten tussen de oproep en het einde van de actie), is er een goed signalement of een kenteken? En welke deelnemers moeten ingeseind?

 

Het incident moet duidelijk zijn zodat iedereen weet waar hij naar moet uitkijken, en het incident moet zwaar genoeg zijn om zoveel mensen te alarmeren. De hulpvraag moet snel in heldere taal, zonder politiejargon, worden ingesproken op een bandje en de binnenkomende reacties moeten efficiënt worden verwerkt. ‘Het blijkt niet makkelijk om al deze aspecten in de vingers te krijgen’, stelt SMVP vast.

 

‘De eerste keer is het ronduit ingewikkeld en als er niet snel ervaring wordt opgedaan zakken ook de procedures weg, waardoor steeds meer aarzeling kan ontstaan om een actie te starten.’ Veel meldkamermedewerkers zien het gewoonweg niet als hun primaire taak om naast hun reguliere werkzaamheden een Burgernetactie te beginnen. Al met al betitelt SMVP de meldkamer als ‘het grootste risico voor een verdere uitbouw van Burgernet’. Training en begeleiding van de centralisten moet volgens de onderzoekers dan ook grote prioriteit hebben.

 

Korpschef Rookhuijzen waarschuwt ook voor de ‘wildgroei aan oproepmogelijkheden’, zoals hij het noemt. ‘We moeten oppassen dat burgers straks door de bomen het bos niet meer zien, met Burgernet, SMS-Alert, NL-Alert, Gay Alert, Amber Alert, AED-Alert en noem maar op.’ Hij ‘fantaseert wel eens’ over een verdere uitbouw van Burgernet als alomvattend systeem.

 

‘De brandweer kan bij grote droogte dan waarschuwen voor bosbrandjes en vragen uit te kijken naar pyromanen. Of de GHOR kan langs die weg burgers inschakelen om ergens snel EHBO te bieden. Het einddoel is dat Burgernet multidisciplinair wordt. Het moet geen exclusief politiespeeltje worden.’

 

 

Gifwolken

 

De Groningse burgemeester Peter Rehwinkel is voorzitter van de Raad van Toezicht van Burgernet. Zelf is hij ook deelnemer. ‘Maar, alléén overdag. ’s Nachts word ik al vaak genoeg wakker gebeld’. Ook hij ziet het liefste één overkoepelend initiatief ontstaan, dat wordt ingezet voor opsporing maar ook voor alarmering bij branden, gifwolken of iets dergelijks. Gemeenten hebben zich veel sneller gemeld dan was verwacht. ‘De grote uitdaging is echter: hou je dit enthousiasme ook vast? Zoiets kan ook weer heel snel inzakken’.

 

In Veendam bijvoorbeeld liep het storm nadat een brandstichter er huis had gehouden. Maar in een plattelandsgemeente waar een burger vrijwel nooit zal worden ingeschakeld, kan de animo voor Burgernet ook net zo snel weer verdwijnen, aldus Rehwinkel. Echt-Susteren had begin januari de eer de vijftigste gemeente te zijn die zich op Burgernet heeft aangesloten.

 

Burgemeester Dieudonné Akkermans noemt het een ‘veiligheidsorchidee die langzaam openklapt waardoor mensen zien hoe mooi die bloem is’. Akkermans: ‘Waarom wij meedoet? We willen de burgers betrekken bij het veiligheidsbeleid, want de politie kan het niet alleen. ’s Nachts zijn er negenhonderd agenten actief in heel Nederland. Die kunnen natuurlijk nooit de veiligheid waarborgen voor 17 miljoen inwoners op 40 duizend vierkante kilometer. Met Burgernet heeft een politiekorps meer ogen en oren. Je doet ook echt iets concreets voor je eigen inwoners, heel veel acties gaan immers over vermiste personen.’

 

Maar, heft Akkermans de vinger: ‘We moeten oppassen voor vervuiling. Als je geen goede spelregels opstelt, wordt het systeem oneigenlijk gebruikt. Dan gaan gemeenten via Burgernet meedelen wanneer de kermis op het dorpsplein staat. Dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn.’

 

Wildgroei

 

De waarschuwingen rond de wildgroei aan alerteringsystemen komen niet zomaar uit de lucht vallen. Al jaren bestaat SMS Alert, dat mensen bereikt via een sms op hun mobiele nummer. Het verschil met Burgernet is vooral dat geen adresgegevens van de beller bekend zijn. Ook is er geen rechtstreeks contact tussen die beller en de meldkamer die een actie aanstuurt. De politie kan via ingesproken berichten bij Burgernet ook meer informatie kwijt dan via de sms-berichten van SMS Alert.

 

Inmiddels is besloten SMS Alert, met 300 duizend deelnemers, op te laten gaan in Burgernet. Een zijtak van SMS Alert is Amber Alert, dat door de KLPD wordt ingezet bij vermissing van kinderen. Daarnaast wordt momenteel gewerkt aan NL Alert, een systeem dat burgers waarschuwt bij calamiteiten. Voor dit systeem hoeft niemand zich aan te melden; iedereen met een mobiele telefoon in het bereik van een bepaalde zendmast krijgt een seintje. Zo kan bijvoorbeeld het spoor van een wegdrijvende gifwolk worden gevolgd.

 

Burgernet per provincie

 

Per 13 januari 2011 zijn vijftig gemeenten aangesloten, verdeeld over de volgende politiekorpsen:

 

Gelderland-Midden (15)
Friesland (13)
Utrecht (12)
Haaglanden (7)
Groningen (4)
Twente (4)
Limburg-Noord (4)
Hollands-Midden (1)
Noord-Holland (1)

 

Correctie: In de landkaart van Nederland is een fout geslopen: Goeree-Overflakkee staat op de kaart als een onderdeel van Zeeland. Dit moet uiteraard Zuid-Holland zijn

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door De jong (Burger) op
Burgernet is al een duur speeltje, per gemeente moeten grote bedragen worden opgehoest. Gemeente zelf heeft absoluut geen zeggenschap over datgene wat verzonden wordt. En als ik in een sms lees dat er een Bl. J.man, met zw. Schoenen. En een zw.jas ca. 20/25 jr wordt gezocht wordt ik ook niet blij. Burgernet was leuk maar de juiste doelgroep krijg je er niet mee binnen 180 tekens.
Door Frank Hoen (oprichter AMBER Alert Nederland) op
In het artikel over Burgernet wordt ook gesproken over andere alerteringsdiensten zoals het landelijke kinderalarm AMBER Alert.

AMBER Alert is echter geen ‘zijtak van SMS Alert’. SMS Alerts zijn tekstberichten die lokaal door de politie worden uitgestuurd. Een AMBER Alert is daarentegen altijd landelijk en wordt uitgestuurd via een grote waaier aan verschillende media. De nadruk ligt hierbij op het communiceren van beeld.

Bij een AMBER Alert is de foto van het vermiste of ontvoerde kind binnen enkele minuten overal te zien: op alle grote televisiezenders, borden boven en langs de snelweg, honderden websites, grote LCD schermen in winkelcentra, tv-schermen in supermarkten, bussen, bioscopen, zwembaden enz.

Bovendien worden er honderdduizenden SMS-berichten (met link naar de mobiele site) en e-mails verstuurd. En wordt het bericht doorgezet binnen bedrijven (als de NS, RET, Connexxion, beveiliger G4S, Hago en TNT Express). Tevens wordt het bericht uitgestuurd via sociale media (Twitter, Hyves en Facebook).

Juist vanwege het feit dat met één druk op de knop de foto van het vermiste kind via al die verschillende media onder de aandacht kan worden gebracht van miljoenen Nederlanders, heeft de AMBER Alert technologie al diverse (internationale) innovatieprijzen gewonnen. Dit is ook de reden dat wordt overwogen de technologie breder in te gaan zetten, bijvoorbeeld voor een landelijk Crime Alert.

Dit initiatief dat staatssecretaris Teeven lanceerde, biedt de politie een Web 2.0 versie van de huidige ‘politieberichten na het nieuws’, waarbij de burger niet alleen via de mobiele telefoon, maar juist via alle mogelijke kanalen wordt gealarmeerd. Daarnaast hebben verschillende regio’s al interesse getoond om deze methodologie van het crossmediaal communiceren in te gaan zetten om burgers te waarschuwen bij bijvoorbeeld calamiteiten.

Vacatures

Van onze partners