Rustpunt rukt op op Veluwe
Renkum
Gemeenten werken graag mee aan deze sympathieke service aan de recreant. Zoals Renkum, dat onlangs een klein subsidiebedrag toezegde aan de stichting Rustpunt om vijf rustpunten te realiseren in het buitengebied. Particulieren die menen dat hun erf of tuin daar geschikt voor is, en die willen zorgen dat kleine versnaperingen voor toeristen – tegen vrijwillige betaling – aanwezig zijn, kunnen zich aanmelden.
Biologische boer
De stichting streeft naar tweehonderd rustpunten op de Veluwe. In de praktijk zijn het nu vooral biologische boeren en eigenaren van een bed en breakfast of minicamping die een rustpunt inrichten. Ze zijn al ingespeeld op recreanten en hebben weinig extra werk aan een koffietappunt. Bovendien hopen ze de extra bezoekers te verleiden tot de aankoop van eigen producten, of om nog eens terug te komen voor een verblijf.
Dubbele gevoelens
Lokale horecaondernemers hebben dubbele gevoelens bij de ontwikkelingen. Zolang het allemaal kleinschalig is – zeg tien of twintig kopjes koffie per week -, is het geen probleem, zegt woordvoerder Joris Prinssen van Koninklijke Horeca Nederland (KHN). ‘Maar als het groter wordt, ben je een ondernemer en dan geldt: gelijke monniken, gelijke kappen. Dan moet je net als andere ondernemers voldoen aan wet- en regelgeving.’
Afspraken met gemeenten
Volgens Prinssen ziet de stichting Rustpunt er op toe dat de pleisterplaatsen kleinschalig blijven. De regionale adviseur van KHN in Overijssel heeft contact met de stichting. ‘Met de gemeenten die rustpunten toestaan worden goede afspraken gemaakt. Bijvoorbeeld dat de rustpunthouders geen reclame mogen maken, dat ze alleen een vrijwillige bijdrage mogen vragen en dat ze op een x-aantal meter of kilometer zitten van reguliere horecabedrijven.’
Meerwaarde
De rustpunten hoeven niet alleen maar een bedreiging te zijn, zegt Prinssen. ‘Als dit recreatie aantrekt, kan het ook een meerwaarde hebben.’


