Volg ons op: , LinkedIn of

Kijk snel bij: Abonnementen Vacatures BB Magazine

‘Goed integratiebeleid richt zich niet specifiek op allochtonen’

5 reacties
De Groningse wethouder Peter Verschuren (SP) sprak met 150 inwoners van zijn stad (de ‘witste’ van de grote Nederlandse steden) over integratie, en schreef er een boek over. ‘Het gaat niet slecht hier, maar dat is niet vanzelfsprekend.’

‘Hier in Groningen gaan de kinderen om acht uur naar bed. Daar, in Den Haag, spelen ze om elf uur nog buiten. Daar zitten de mannen de hele dag in het koffiehuis en kunnen ze hun kinderen niet aan. Ik vind het goed als de buurvrouw ’s avonds aanbelt als mijn kinderen buiten te veel lawaai maken.’ Ziedaar wat een Marokkaanse vrouw, verhuisd van Den Haag naar Groningen, vertelde aan de Groningse wethouder Peter Verschuren.

 

Ziedaar ook wat Groningen onderscheidt van andere grote steden: de problemen rond integratie zijn er minder heftig, minder urgent. ‘Het gaat er hier behoorlijk ontspannen aan toe, en dat wordt ook zo ervaren door de mensen zelf’, weet Verschuren.

 

In twaalf groepsgesprekken met telkens zo’n tien à vijftien deelnemers heeft hij getracht te achterhalen ‘hoe het in de stad werkelijk met de integratie gaat.’ Wat Groningen bijzonder maakt, zo analyseert de SP-wethouder, is vooral terug te voeren op twee factoren: de samenstelling van de migrantenbevolking en het feit dat Groningen een studentenstad is.

 

176 herkomstlanden

 

Groningen (182.739 inwoners) telt 34.789 allochtonen volgens de definitie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (zelf of één ouder geboren in het buitenland). Daarmee heeft Groningen het laagste percentage allochtonen (19 procent) van de tien grootste Nederlandse gemeenten. De migranten in Groningen komen uit 176 verschillende herkomstlanden en de grootste groepen zijn afkomstig uit Indonesië/Nederlands Indië (5892 personen) en Duitsland (4051). Daarna volgen Surinamers (3129), Antillianen (3094), Turken (1278), Chinezen (1272), Marokkanen (999) en Britten (788).

 

Verschuren: ‘Voor Groningen levert dat de unieke situatie op dat er niet alleen relatief weinig allochtonen zijn, maar dat daarvan ook de westerse in de meerderheid zijn. Groningen is kortom de witste van de grote Nederlandse steden’, zo schrijft Verschuren in ...eigenlijk mag iedereen elkaar wel. Integreren op zijn Gronings. ‘Een schets van het integratielandschap anno 2008 in een nuchtere Nederlandse stad’, zoals Verschuren het zelf omschrijft.

 

Geen concentratie

 

Echte ‘zwarte’ wijken kent de stad niet. In de meest gekleurde wijk van de stad (De Hoogte) is twintig procent ‘niet-westers allochtoon’. Ter vergelijking: in de Rotterdamse wijk Delfshaven ligt dat percentage rond de zestig.

 

De migrantenbevolking van Groningen woont verspreid over de stad, en – zo concludeert Verschuren op basis van zijn gesprekken met de stadjers – dat moet ook vooral zo blijven. ‘Concentratie van etnische groepen is ongewenst. De overheid moet inzetten op spreiding van bevolkingsgroepen over de stad en op het tegengaan van “witte” en “zwarte” scholen’, zo luidt een van de belangrijkste gevolgtrekkingen. ‘In alle gesprekken kwam het naar voren: mensen hebben een afkeer van segregatie. Daar was men unaniem over, zowel allochtonen als autochtonen.

 

De omstandigheden zoals die zich in Groningen hebben ontwikkeld zijn voor een deel toeval. Maar als je er op kúnt sturen, moet je het doen. Voorkom dat grote groepen van dezelfde achtergrond bij elkaar komen te wonen’, aldus Verschuren.

 

Levensstijl

 

De contacten tussen de verschillende bevolkingsgroepen over en weer mogen dan wat oppervlakkig zijn, fricties zijn er niet veel in Groningen. Ten dele is dat volgens de wethouder ook terug te voeren op het feit dat Groningen een studentenstad is. ‘Dat zorgt voor minder sterke sociale verbanden, meer doorstroming, en mensen zijn er aan gewend dat ze buren met een andere levensstijl krijgen’, legt Verschuren uit. Sterker nog: als er al fricties tussen bevolkingsgroepen zijn, dan spelen die zich vooral af tussen studenten en overige inwoners.

 

De relatief ontspannen sfeer valt ook af te lezen aan de verkiezingsuitslagen: de PVV van Geert Wilders haalde in Groningen met 2,5 procent verreweg het laagste percentage van de grote steden. De LPF scoorde indertijd 11 procent (landelijk gemiddelde: 17 procent), en CD en CP’86 haalden in Groningen nooit de kiesdrempel. ‘We verkeren een beetje in een luxe positie’, beseft wethouder Verschuren. ‘Het gaat niet slecht hier, maar dat is niet vanzelfsprekend. Als het economisch slechter gaat, is de kans groot dat hier ook de spanningen toenemen.’

 

Arm-rijk

 

Volgens de SP-bestuurder dreigt ook in Groningen een toenemende kloof tussen arm en rijk, tussen kansrijken en kanslozen. Die scheiding verloopt voor een aanzienlijk deel langs etnische lijnen. Dat kan frustraties opleveren bij allochtonen die zich tweederangs voelen, en bij autochtonen die een zondebok zoeken. ‘De strijd voor het voorkomen van etnische spanningen is daarom in de eerste plaats een strijd tegen tweedeling en tegen sociale uitsluiting’, stelt Verschuren.

 

Vanuit die visie richt een goed integratiebeleid zich ‘niet speciaal op allochtonen, maar op het scheppen van voorwaarden waaronder ieder lid van de samenleving – allochtoon èn autochtoon – de kans krijgt om zelfredzaam te zijn, en daartoe ook nadrukkelijk gestimuleerd wordt’. Concreet betekent dat vooral: een goed onderwijssysteem, sociale zekerheid, goede en betaalbare woningen in gemengde wijken. Dit alles, zo schrijft Verschuren, ‘relativeert het belang van een specifieke wethouder voor integratie. Het échte werk moet immers verricht worden binnen de andere beleidsterreinen: onderwijs, volkshuisvesting, sociale zaken, sport, cultuur en dergelijke.’

 

Inburgering

 

De Groningse wethouder zet zijn bevindingen ook om in concrete actiepunten. Bovenaan de lijst prijkt verbetering van de inburgering. Van de 1293 mensen die in Groningen een inburgeringscursus hebben gevolgd, heeft slechts 45 procent niveau 2 of hoger gehaald, waarbij 2 wordt beschouwd als het minimum om volwaardig te kunnen functioneren in de Nederlandse samenleving. Als deze cijfers op korte termijn niet verbeteren, dan ‘moeten we snel ingrijpen’, kondigt Verschuren aan.

 

Daarbij denkt hij aan overleg met de taalaanbieders over welke eisen worden gesteld aan de inburgeraars, en het verstrekken van aanvullende (vervolg-)trajecten op kosten van de gemeente. ‘Inburgering is verschrikkelijk belangrijk, taal is echt van levensbelang om mee te kunnen doen. Als je de taal niet beheerst ga je Nederlandstalige situaties vermijden, en in Nederland is het ook mogelijk om helemaal weg te duiken.’

 

Ook moet de oververtegenwoordiging van niet-westerse allochtonen in de bijstand worden teruggedrongen. Verschuren kondigt aan dat hij zelf op structurele wijze in gesprek gaat met de Groningse werkgevers, ‘niet met een geheven vingertje, maar om hen te laten zien welke kansen ze ook missen als ze geen allochtonen in dienst hebben. Ik wil hun koudwatervrees wegnemen.’ De gemeente stelt ook een prijs in voor bedrijven die het beste diversiteitsbeleid ontwikkelen.

 

In het subsidiebeleid wil Groningen meer dan tot nu toe het accent gaan leggen op het bevorderen van de onderlinge contacten tussen bevolkingsgroepen. ‘Als we geld geven voor een wijkfeest stellen we nu alleen eisen aan het minimum aantal deelnemers. We zouden met extra geld ook kunnen stimuleren dat er rekening wordt gehouden met andere culturen, bijvoorbeeld in de muziekkeuze’, filosofeert de wethouder. Tot slot wil hij zich er voor inzetten dat minderheden beter dan voorheen worden betrokken bij het ontwikkelen van gemeentelijk beleid. ‘Dat is tot nu toe slecht gelukt. De Minderhedenraad die we hadden, leidde een kwijnend bestaan. De koepel van zelforganisaties die nu wordt opgericht, moet een stevige, kritische gesprekspartner worden van de gemeente’, aldus Verschuren.

 

...eigenlijk mag iedereen elkaar wel. Integreren op z’n Gronings; Peter Verschuren; Uitgave gemeente Groningen.

 

Vacatures

Afbeelding

De provincie Noord-Holland vindt diversiteit belangrijk en waardeert de unieke bijdrage van haar medewerkers. De provincie wil dat het personeelsbestand in onder meer leeftijd, geslacht en culturele achtergrond een afspiegeling is van de beroepsbevolking van Noord-Holland.

Afbeelding

Nog stage lopen?   De provincie biedt ook concrete stageopdrachten aan. Meer informatie vind bij ‘Stage lopen bij de provincie’.  

 

Nieuwsgierig?   Ga dan naar www.noord-holland.nl voor meer informatie over het Junior Talent Programma. Kijk hier ook voor al onze andere vacatures.