of 59045 LinkedIn

Geen eeuwfeest voor kieskringen

Norbert Klein Reageer

Op 12 december 2017 is het 100 jaar geleden dat kieskringen in ons kiesstelsel zijn ingevoerd. Wat zou het een mooi moment zijn als deze kieskringen bij de verkiezingen in maart 2017 afgeschaft zijn. Kieskringen dienen geen enkel doel meer, alle historische redenen zijn in de afgelopen eeuw vervlogen.

Lijstenstelsel
Tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog werd in Nederland het kiesstelsel van evenredige vertegenwoordiging ingevoerd. Het lijstenstelsel doet zijn intrede, maar wel met een belangrijke voorwaarde: om partijen niet te machtig te laten worden moet de lokale band tussen kiezer en persoon (afgevaardigde) worden verstevigd en worden er kieskringen ingesteld. Elke partij mag ten hoogste 10 kandidaten op een lijst uitbrengen, maar mag in de verschillende kieskringen met verschillende kandidaten optreden. Deze lijsten kunnen weer onderling worden verbonden en op deze wijze worden ook de stemmen in de kieskringen verbonden.

 

Een glijdende schaal

Al snel verwaterden deze uitgangspunten. In 1923 mochten er al 20 kandidaten op de lijst staan en in 1956 waren dat 30 kandidaten geworden. De Tweede Kamer werd in dat jaar uitgebreid van 100 naar 150 leden. De glijdende schaal was echter nog niet ten einde. Bij de algemene herziening van de Kieswet in 1989 wilde de regering het aantal kandidaten oorspronkelijk al verhogen tot 45, maar na behandeling in de Tweede Kamer werd dit voorstel zodanig aangepast dat grote partijen (15+) het dubbele zetel aantal aan kandidaten op de lijst mochten zetten, tot een maximum van maar liefst 80. Voor de kleintjes bleef het aantal uit 1956 gelden. De maat werd in 2009 nog verder opgerekt toen werd bepaald dat kleine partijen tot 50 personen konden kandidaat stellen en de grote altijd toe konden met 80 personen op de lijst. Feitelijk betekent dit dat geen enkele politieke partij tegenwoordig nog gedwongen is om regionaal verschillende lijsten in te dienen.

 

Stoelendans

Een neveneffect van het bestaan van kieskringen is dat een zeer ingewikkeld systeem van toewijzing van een zetel aan een kandidaat moet plaatsvinden. Neem voor het gemak de lijsttrekker. Die staat in de regel in alle kieskringen op plaats 1 en zal doorgaans ook de meeste stemmen krijgen en overal benoemd moeten worden. Maar dat kan natuurlijk niet, één kandidaat kan niet meer dan één zetel bezetten. Er wordt berekend in welke kieskring de benoeming plaatsvindt en de verdeling van zetels schuift door naar andere kandidaten, die meestal zelf ook in meer of alle kieskringen op de lijst staan. Het wordt een complexe stoelendans. Feitelijk wordt de fictie aangehouden dat partijen uiteenvallen in regionale deelpartijen. Een heel vreemd fenomeen, waarbij wij durven te stellen dat in ieder geval de kiezer er geen hout meer van snapt.

Verwarring en misleiding 

Kiezers beseffen niet dat de stembiljetten per kieskring kunnen verschillen. De Brabander die met de kiezerspas gaat stemmen in Utrecht, komt er pas in het stemlokaal achter dat hij niet op zijn Brabantse kandidaat kan stemmen. Sommige provincies bestaan zelfs uit 2, 3 of 4 kieskringen. Het is voor kiezers duidelijker als in het hele land dezelfde lijsten geldenEen lijst in één of slechts enkele kieskringen is in de praktijk kansloos, omdat deze nooit de kiesdrempel haalt. In de kieskring Bonaire is dit zelfs onmogelijk, omdat het totaal aantal kiezers in deze kieskring lager is dan de kiesdrempel van ongeveer 66.000 stemmen. Regionale lijstduwers fungeren om stemmen te halen, maar vooraf is al bekend dat zij nooit een zetel zullen (kunnen) halen. Of democratisch gezien nog erger, er zijn lijstduwers die niet eens een zetel ambiëren. Een kiesstelsel zonder kieskringen draagt enorm bij aan de transparantie, controleerbaarheid en integriteit van het kiesrecht 

 

Afblazen 

Een kiesstelsel zonder kieskringen betekent ook dat de administratieve en personele lasten bij gemeenten en provincies voor indiening en verwerking van lijsten zal verminderen. Er zijn geen verschillende soorten stembiljetten meer nodig, wat uit oogpunt van drukkosten voordelig is. Denk eens aan verplichting voor de gemeenten om bij elke verkiezing op elk adres een stemlijst te laten bezorgen. De politieke partijen hebben de kieskringen ook niet meer nodig. Er kunnen voldoende kandidaten op de lijst. Ze zullen regionale kandidaten gewoon opnemen in hun standaardlijst, één lijst in het gehele gebied waar de verkiezingen plaatsvinden. Voor de Europese verkiezingen is Nederland al één gebied. Dat gaat al jaren uitstekend, zonder problemen. Helder, transparant en kostenbewust. De fractie Klein   bereidt daarom een initiatiefwetsvoorstel voor over een kiesstelsel zonder kieskringen Blaas dat eeuwfeestje dus maar af. 
 

Norbert Klein, Tweede Kamerlid en oprichter van de Vrijzinnige Partij
Daan Zwart, beleidsadviseur voor de fractie Klein 

Verstuur dit artikel naar Google+